Wat u moet weten over uw bedrijfswagen

©Pieter Van Eenoge

Er is de voorbije weken heel wat te doen geweest over bedrijfswagens: van het voorstel van Groen om het fiscaal voordeel voor salariswagens af te schaffen tot de invoering van het mobiliteitsbudget. Deze tien vragen stelt iedereen zich wel eens over zijn salariswagen.

Vorig jaar werden in ons land 293.844 nieuwe bedrijfswagens ingeschreven, blijkt uit cijfers van de automobielfederatie Febiac. ‘Het gaat om nieuw ingeschreven voertuigen die op naam staan van een bedrijf’, benadrukt woordvoerder Joost Kaesemans. ‘Alles samen rijden in België zo’n 5,8 miljoen auto’s rond, waarvan 1,1 miljoen ingeschreven staan op naam van een bedrijf.’

In 2018 had ongeveer een op de drie (33,4%) bedienden een bedrijfswagen, blijkt uit cijfers van de hr-dienstverlener SD Worx. Dat is nauwelijks minder dan vijf jaar geleden, toen 34,9 procent een bedrijfswagen had. Bedienden jonger dan 25 jaar krijgen maar in een op de vijf gevallen (17,7%) een bedrijfswagen. Hoe wordt zo’n wagen belast en wie draait op voor de kosten bij een ongeval? Wij zochten het voor u uit.

1 Hoeveel belastingen betaal ik voor het privégebruik van een bedrijfswagen?

Wie van zijn werkgever of vennootschap een bedrijfswagen ter beschikking krijgt en die wagen ook voor het woon-werkverkeer of privéverplaatsingen mag gebruiken, wordt op dat voordeel belast. De belasting wordt niet berekend op het werkelijke voordeel, maar op een forfaitair voordeel van alle aard.

De twee belangrijkste elementen in de berekeningsformule zijn de cataloguswaarde en de CO2-uitstoot. Voor die laatste zijn twee meetmethodes in omloop: de oude NEDC-test en de nieuwe, strengere WLTP-test. Welk resultaat wordt gebruikt voor de berekening van het voordeel alle aard? Voor bedrijfswagens die voor 1 september 2017 geregistreerd zijn, blijft de oude NEDC-test van kracht. WLTP deed vanaf september 2017 haar intrede voor wagens die nieuw ingeschreven werden en nog niet gecommercialiseerde modellen. Een jaar later gold WLPT voor alle wagens die nieuw ingeschreven worden. Nog tot eind 2020 geldt echter een overgangsperiode. Op het gelijkvormigheidsattest van die wagens staan twee waarden vermeld: WLTP en NEDC 2.0. Dat laatste is het WLTP-resultaat dat via een conversiesysteem naar een (lager) NEDC-resultaat wordt omgezet. Het belastbare voordeel wordt nog tot eind 2020 op basis van de NEDC 2.0 berekend. Vanaf 2021 geldt de strengere WLTP-test.

Stoot de wagen niets of weinig uit? Bestuurders van milieuvriendelijke auto’s, zoals elektrische of hybride wagens, worden belast op een minimumvoordeel van 1.340 euro.

Ten slotte speelt de ouderdom van de wagen een rol. Voor elk jaar dat na de eerste inschrijving verstrijkt, daalt de cataloguswaarde met 6 procent. Het percentage kan maximaal tot 70 procent van de cataloguswaarde dalen, wat bereikt wordt als de wagen zes jaar oud is.

2 Ik draag zelf bij voor een duurdere bedrijfswagen. Heeft dat impact op het belastbare voordeel?

Dat hangt af van de manier waarop u zelf bijdraagt. Sommige werkgevers werken met een systeem van flexibel verlonen. Daarbij kunnen werknemers bijvoorbeeld bepaalde vakantiedagen of een eindejaarspremie inruilen voor andere voordelen, waaronder een extra budget voor een bedrijfswagen. ‘Als een upgrade van een wagen met zo’n budget gefinancierd wordt, is echter geen sprake van een echte eigen bijdrage. De werknemer gaat aan de slag met een budget dat afkomstig is van zijn werkgever’, zegt Veerle Michiels, mobiliteitsexperte bij de hr-dienstverlener SD Worx. Het belastbare wordt dan berekend op basis van de cataloguswaarde en CO2-uitstoot van de duurdere auto. ‘Alleen als de werknemer een opleg vanuit zijn eigen nettoloon financiert, wordt die eigen bijdrage van het belastbare voordeel afgetrokken’, vervolgt Michiels.

3 Wat als het fiscaal voordeel op bedrijfswagens wordt afgeschaft? Kan mijn baas mijn bedrijfswagen dan ‘afnemen’?

De salariswagen is onderdeel van het loonpakket en dat kan de werkgever niet eenzijdig wijzigen.
Peggy Criel
Partena

‘De salariswagen is een onderdeel van het loonpakket en dat kan de werkgever niet eenzijdig wijzigen’, zegt Peggy Criel van Partena. ‘De arbeidsovereenkomst en de car policy leggen vast wie aanspraak kan maken op een bedrijfswagen en onder welke voorwaarden. Dat verandert niet als de waarderingswijze van het belastbare voordeel wijzigt.’

Het fiscale voordeel van de bedrijfswagen voor de werknemer houdt in dat het bedrag waarop de werknemer wordt belast op een forfaitaire manier wordt vastgelegd. Die forfaitaire waarde ligt in de overgrote meerderheid van de gevallen een stuk lager dan de werkelijke waarde van het privégebruik van de bedrijfswagen. ‘Stel dat beslist wordt die forfaitaire waarderingswijze van het voordeel volledig af te schaffen, dan vallen we terug op de algemene fiscale principes. Dat betekent dat de werknemer belast zal worden op de werkelijke waarde van het privégebruik van de bedrijfswagen en die ligt bijna altijd een stuk hoger dan de forfaitaire waarde’, zegt Criel.

4 Wat als ik mijn bedrijfswagen wil inleveren? Moet mijn werkgever dat aanvaarden?

Dat hangt af van de arbeidsovereenkomst of de car policy van het bedrijf. ‘Het kan dat daarin is opgenomen dat de bedrijfswagen kan worden ingeleverd en onder welke voorwaarden’, zegt Criel. Uiteraard kan een werknemer altijd polsen bij zijn werkgever of hij bereid is de bedrijfswagen terug te nemen, maar hij is daar niet toe verplicht. Doet hij het toch, dan kan vrij worden bepaald of ter compensatie een premie wordt toegekend en hoe hoog die is. ‘In de praktijk compenseren heel wat werkgevers werknemers niet als ze hun bedrijfswagen inleveren.’

Los van het voorgaande voerde de regering recent twee alternatieven voor de bedrijfswagen in: de mobiliteitsvergoeding (‘cash for car’) en het mobiliteitsbudget. ‘Onder die twee systemen kunnen werknemers, onder voorwaarden bepaald door de werkgever, hun bedrijfswagen inruilen. De werknemer kan de werkgever daar wel niet toe verplichten’, zegt Criel.

5 Kan ik een bedrijfswagen combineren met andere vergoedingen van mijn werkgever voor het woon-werkverkeer?

Het lijkt voor de hand te liggen dat wie een bedrijfswagen heeft, die ook gebruikt voor zijn dagelijkse pendel van en naar het werk. Maar dat is geen verplichting. Een werknemer kan ook met de trein of de fiets naar het werk gaan.

‘Als aangetoond kan worden dat een werknemer op een andere manier dan met zijn bedrijfswagen naar het werk komt, mag de werkgever daarvoor een tussenkomst betalen. Die blijft volgens de normale regels vrijgesteld van socialezekerheidsbijdragen en belastingen’, zegt Michiels. Dat geldt bijvoorbeeld voor een tussenkomst voor de trein of ander openbaar vervoer. ‘Wat niet wordt aanvaard, is dat een bedrijfswagen met tankkaart gecombineerd wordt met een vergoeding voor de afstand afgelegd met de wagen’, zegt Michiels.

De fietsvergoeding is een categorie apart. ‘Dat is geen vergoeding van de kosten gemaakt in het kader van het woon-werkverkeer, maar wel een aanmoediging om meer werknemers op de fiets te krijgen en zo de woon-werkafstand op een meer duurzamere manier af te leggen’, legt Michiels uit. ‘Als de werknemer effectief met de fiets naar het werk gaat en de fietsvergoeding beperkt blijft tot 24 cent per kilometer, moet de werknemer geen socialezekerheidsbijdragen of belastingen betalen.’

Werknemers die hun bedrijfswagen privé mogen gebruiken, worden belast op het voordeel alle aard. Als de bedrijfswagen voor het woon-werkverkeer wordt gebruikt, kan via de jaarlijkse belastingaangifte een vrijstelling van 410 euro (bedrag voor inkomstenjaar 2019) gevraagd worden. ‘Werknemers die met de fiets naar het werk gaan, kunnen die vrijstelling combineren met een fietsvergoeding, tenzij ze (bijna) uitsluitend met de fiets naar het werk gaan’, zegt Michiels.

6 Wat met mijn bedrijfswagen als ik (langdurig) ziek word?

Een bedrijfswagen maakt deel uit van uw loonpakket. Als u langdurig ziek bent, moet uw werkgever tijdens de eerste 30 kalenderdagen van uw ziekteverlof uw loon doorbetalen. ‘Dat betekent dat tijdens die periode ook uw wagen verder ter beschikking moet worden gesteld’, weet Dirk Wijns, directeur bij de hr-dienstenleverancier Acerta. ‘Als die eerste maand verstreken is, moet u uw wagen in principe inleveren, maar daar kan van afgeweken worden. Veel hangt ervan af of uw bedrijf een car policy of wagenreglement heeft en welke afspraken daarin worden gemaakt.’ Zo kan uw werkgever toch toestaan dat u blijft rijden met uw bedrijfswagen ook al bent u voor enkele maanden buiten strijd, omdat u bijvoorbeeld kanker heeft of een burn-out. Wat met kersverse mama’s die bevallingsverlof opnemen? ‘Bij moederschapsrust is er geen gewaarborgd loon, maar in de praktijk kan volgens de meeste wagenreglementen de bedrijfswagen dan verder gebruikt worden.’

7 Wat als ik deeltijds ga werken?

‘Wat met de wagen gebeurt, hangt af van wat in het wagenreglement staat’, zegt Wijns. ‘De meeste bedrijven voorzien dat uw recht op een bedrijfswagen vervalt als de deeltijdse tewerkstelling een bepaald niveau bereikt, bijvoorbeeld minder dan 80 procent van een voltijdse job. Een logische keuze, omdat de kosten van een firmawagen gelijk blijven of zelfs stijgen omdat de deeltijdse werknemer meer private kilometers kan doen. Geregeld zien we echter dat bedrijven daar specifieke afspraken over maken en dat bijvoorbeeld een hogere eigen bijdrage wordt gevraagd van de werknemer.’

8 Wie draait op voor de schade als ik een ongeval heb?

‘Belangrijk is om een onderscheid te maken tussen werk en privé. Als u een ongeval hebt tijdens de werkuren, wordt de afhandeling geregeld door de wet (artikel 18 van de wet op de arbeidsovereenkomsten) en hangt het ervan af of u een zware fout hebt begaan. Gaat het over uw wagen dwars op de weg in een bocht parkeren of een herhaaldelijk voorkomende lichte overtreding, zoals bijvoorbeeld tegen een paaltje rijden op een parking’, zegt Wijns. Deed het ongeval zich voor in de privésfeer en bent u als bestuurder aansprakelijk voor de schade - ook woon-werkverkeer valt daaronder - dan kunt u in principe verplicht worden alle schade aan het voertuig of de franchise te vergoeden. Alleen valt in de praktijk niet altijd uit te maken of u beroepsmatig dan wel privé met de wagen reed. Als u ’s avonds voor uw deur tegen een paaltje rijdt, kunt u makkelijk zeggen dat u dat ongeval de dag nadien had bij een bezoek aan een klant. ‘In de meeste wagenreglementen worden daarom afspraken gemaakt over wie opdraait voor schade aan de wagen, en wie dus de franchise betaalt. Zo kan beslist worden dat de werkgever de franchise betaalt bij een of twee schadegevallen binnen een bepaalde periode, maar de werknemer bij meer incidenten’, zegt Wijns.

Wie zijn bedrijfswagen privé mag gebruiken, mag er ook mee op vakantie. De tankkaart is meestal niet bruikbaar in het buitenland.

En wat als ik geen winterbanden plaats, terwijl dat wel in het contract voorzien is? ‘De vraag is of het niet plaatsen van winterbanden een zware fout is. Allicht is het dat niet in een land als België, waar het nauwelijks sneeuwt. Als u een ongeval heeft dat gelinkt kan worden aan het feit dat u geen winterbanden plaatste, zal dat wellicht als een gewoon schadegeval worden beoordeeld. Gaat het om uw eerste ongeval, dan draait u dus wellicht niet op voor de kosten. Uw werkgever kan u wel een schriftelijke aanmaning geven als het wagenreglement u verplicht om winterbanden te plaatsen.’

9 Wie mag met mijn bedrijfswagen rijden?

Het antwoord op die vraag is niet eenduidig. Het hangt af van de car policy die het bedrijf hanteert. ‘Meestal zal de partner van de werknemer de bedrijfswagen mogen gebruiken. Sommige contracten bepalen dat ook alle personen die gedomicilieerd zijn op het adres van de werknemer met de bedrijfswagen mogen rijden’, zegt Peggy Criel van Partena. Vaak is in de voorwaarden opgenomen dat de personen in het bezit moeten zijn van een geldig en definitief rijbewijs. ‘In dat geval zullen de kinderen van de werknemer niet met de bedrijfswagen mogen rijden tijdens de rijopleiding.’

10 Mag ik met mijn bedrijfswagen op vakantie gaan?

Wie zijn wagen ook voor privédoeleinden mag gebruiken, mag er ook mee naar zijn vakantiebestemming rijden. ‘Al kunnen wel uitzonderingen voorzien zijn’, zegt Dirk Wijns, directeur bij de hr-diensten-leverancier Acerta. ‘Zoals reizen naar oorlogsgebied of naar een omgeving waar een ernstig risico bestaat dat de wagen beschadigd wordt. Denk aan de betogingen van de gele hesjes in Parijs.’ Meestal voorziet het wagenreglement dat u uw tankkaart niet kan gebruiken in het buitenland.

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect