Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Wat wil de fiscus weten van uw beleggingen in het buitenland?

Hebt u een buitenlandse rekening, levensverzekering of juridische constructie? Uw aangifteplicht is dubbel. U moet de inkomsten aangeven én voldoen aan een meldingsplicht.
©ANP

1. Aangifte van de inkomsten is verplicht

Als intresten of dividenden gestort worden op een buitenlandse rekening, zal er geen Belgische roerende voorheffing ingehouden zijn. Om die reden moet u de inkomsten verplicht aangeven in uw belastingaangifte. Van het ontvangen brutobedrag mag u de in het buitenland betaalde bronbelasting aftrekken.

 

 

Hebt u buitenlandse dividenden geïnd? Een bedrag tot 800 euro aan dividenden is vrijgesteld van belastingen. Er is ook een vrijstelling voor de eerste schijf van 980 euro aan intresten op een gereglementeerde spaarrekening. Maar in de praktijk staat de fiscus die vrijstelling bijna nooit toe, omdat in het andere land bijna nooit is voldaan aan de criteria voor een gereglementeerde spaarrekening. In 2019 heeft het hof van beroep in Antwerpen echter geoordeeld dat een buitenlandse spaarrekening wel degelijk in aanmerking kan komen voor de vrijstelling. Het rechtscollege oordeelde dat de voorwaarden van de, in dit geval, Nederlandse spaarrekeningen gelijk waren aan die van de Belgische.

 

2. Buitenlandse rekeningen

Als u in 2019 - al dan niet een tijdje - een rekening had in het buitenland, moet u dat melden. Ook als u die rekening al in een vorige belastingaangifte hebt aangegeven of als de rekening geen inkomsten heeft gegenereerd. De meldingsplicht is er voor alle mogelijke types van rekeningen: zicht-, deposito-, termijn- of effectenrekeningen bij een buitenlandse bank-, wissel-, krediet- of spaarinstelling. Ook rekeningen van uw partner met wie u gehuwd bent of wettelijk samenwoont of van uw minderjarige kinderen moet u melden.

Ook beheerders van rekeningen van feitelijke verenigingen moeten buitenlandse rekeningen melden. Het kan bijvoorbeeld gaan om buitenlandse rekeningen van politieke organisaties, vakbonden of vakverenigingen, jeugdbewegingen, culturele en sportverenigingen. De beheerder is de persoon die handtekeningsbevoegd is, in de praktijk vaak de penningmeester of voorzitter. De beheerder moet de inkomsten opnemen in zijn persoonlijke belastingaangifte.

 

3. Buitenlandse levensverzekeringen

Ook buitenlandse levensverzekeringen moet u melden. Denk aan een tak21- of tak23-beleggingsverzekering in Luxemburg, een buitenlandse schuldsaldo- of lijfrenteverzekering. Hebt u een levensverzekering in België afgesloten bij bijvoorbeeld het Duitse Allianz, het Nederlandse ING of het Zwitserse Baloise, dan is dat contract gesloten met de Belgische dochter en moet u die levensverzekering niet melden. Aangifteplicht is er wel als u via een Belgische makelaar een contract hebt bij een in het buitenland gevestigde makelaar. De makelaar treedt dan op als tussenpersoon en niet als verzekeraar.

De meldplicht is er zowel voor buitenlandse levensverzekeringen op uw naam, op naam van uw partner met wie u gehuwd bent of wettelijk samenwoont of op naam van uw minderjarige kinderen. Het maakt geen verschil of het contract nog loopt of in de loop van 2019 werd beëindigd.

 

4. Kaaimantaks

De meldplicht voor juridische constructies is bedoeld om geld dat verstopt zit in belastingparadijzen toch te kunnen belasten. De belasting wordt sinds begin 2015 geheven en is beter bekend als de kaaimantaks. Dat is een doorkijktaks: de taks negeert het feit dat de kapitalen en inkomsten ondergebracht zijn in een structuur en belast de inkomsten alsof de oprichter of begunstigde ze zelf zou hebben ontvangen. Door de meldplicht kan de Belgische fiscus in het land waar de constructie is gevestigd de nodige inlichtingen inwinnen.

Een vast belastingtarief voor de kaaimantaks is er niet. Het belastingregime hangt af van het type inkomen. Dat is bijvoorbeeld een vast percentage op beleggingsinkomsten, maar evengoed kunnen de progressieve belastingtarieven op beroepsinkomsten gelden.

De juridische constructies die moeten worden gemeld, vallen uiteen in drie types:

  • Trusts of fiduciaire structuren

Een eerste groep zijn juridische constructies zonder rechtspersoonlijkheid, zoals trusts of fiduciaire structuren. Kenmerkend is de vermogensafstand: u doet afstand van een deel van uw vermogen. Een beheerder - in het vakjargon trustee - wordt aangesteld om het vermogen te beheren voor een of meerdere begunstigden of een goed doel.

  • Constructies met rechtspersoonlijkheid

De tweede categorie zijn de juridische constructies met rechtspersoonlijkheid (vennootschappen, verenigingen, entiteiten…) gevestigd in een land waar de inkomsten niet aan een belasting van minstens 15 procent zijn onderworpen. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt naargelang ze wel of niet binnen de Europese Economische Ruimte (EER) gevestigd zijn. Binnen de EER gaat het om laag belaste vennootschappen of stichtingen (een belasting van minstens 1 procent, berekend naar Belgische normen), private beleggingsfondsen die volledig op maat van een persoon of familie zijn gemaakt (‘specialised investment funds’ of ‘sicavs dédiées’) en ten slotte hybride structuren die in het buitenland transparant zijn, maar niet in België.

Voor entiteiten van buiten de EER is er een niet-limitatieve lijst van geviseerde entiteiten opgesteld, maar u hebt de mogelijkheid om aan te tonen dat het geen juridische constructies zijn.

  • Constructies verpakt in een verzekering

Ten slotte zijn er nog juridische constructies van de twee vorige types die worden ‘verpakt’ of ingebracht in bepaalde overeenkomsten - vooral verzekeringscontracten. Bedoeling daarvan is om de rechtstreekse band tussen de oprichter en de juridische constructie door te knippen en zo aan de kaaimantaks te ontsnappen. Een voorbeeld zijn de zogenaamde ‘fonds dédiés’, gekoppeld aan een levensverzekeringscontract. Ook op dubbelstructuren - waarbij de ene constructie aandelen en/of rechten aanhoudt van een andere constructie - is de kaaimantaks van toepassing.

De kaaimantaks is er niet voor entiteiten die daadwerkelijk een economische activiteit uitoefenen. Een voorwaarde is dat de activa - zoals het geheel van lokalen, het personeel en de uitrusting - in verhouding staan tot de uitgeoefende activiteit. Bovendien moet de entiteit in een land liggen waarmee België een dubbelbelastingverdrag heeft gesloten. Denk aan fabrieken die produceren in landen met een lage vennootschapsbelasting. Die uitzondering geldt niet als de activiteiten alleen het beheer van het privévermogen van de oprichter inhouden.

De toepassing van de doorkijkbelasting is er voor de oprichter van de juridische constructie en voor de personen die er effectief een voordeel uit ontvangen. Bovendien heeft dit niet alleen betrekking op uzelf, maar ook op uw partner met wie u gehuwd bent of wettelijk samenwoont en uw minderjarige kinderen. Wie het bestaan van een juridische constructie vergeet te melden in zijn aangifte, riskeert een boete van 6.250 euro per niet aangegeven constructie.

 

5. Effectentaks en leningen aan beginnende kleine vennootschappen

Naar analogie van Belgische beleggingen hebt u ook meldplicht als u meerdere effectenrekeningen hebt of leende aan beginnende kleine vennootschappen. Als u effectentaks op buitenlandse rekeningen moet betalen, dan moet u zelf instaan voor de aangifte via het digitaal platform MyMinfin. De aangifte moet u uiterlijk doen op de indiendag van uw belastingaangifte en de effectentaks zelf dient uiterlijk op 31 augustus 2020 betaald te  zijn.

 

 

 

 

 

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud