Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Loopt ook u in het vizier van de fiscus?

Vorig jaar werden meer bedrijfsleiders en zelfstandigen gecontroleerd door de fiscus. Welke middelen heeft de fiscus om u te controleren? En hoe lang heeft hij de tijd om uw aangifte te controleren?
©iStock

De fiscus heeft vorig jaar een derde meer bedrijfsleiders gecontroleerd dan in 2011. Dat meldt de krant De Standaard. Daarvan zagen er circa 45.000 hun belastingaangifte gewijzigd worden. Dat is een kwart meer dan het jaar voordien.

Ook zelfstandigen liepen vorig jaar iets meer in het vizier van de fiscus. In totaal kregen 430.000 zelfstandigen een controle, een stijging met 8 procent. Maar ondanks die gestegen controles, stellen we toch een lichte daling vast van het aantal aangiftes dat gewijzigd werd.

Loontrekkenden – nog altijd veruit de grootste groep – werden vorig jaar een pak minder gecontroleerd dan in 2011. Vorig jaar werden circa 650.000 aangiftes minder gecontroleerd van loontrekkenden. Een daling met 20 procent in vergelijking met 2011. Tegenover 2010 gaat het zelfs om een miljoen aangiftes minder.

Uiterste datum

U heeft nog tot uiterlijk 26 juni 2013 de tijd om een belastingaangifte op papier in te dienen. Voor de elektronische versie via Tax-on-Web kan dat nog tot 17 juli 2013. De elektronische aangiften worden in principe eerst behandeld. Vorig jaar werden de eerste aanslagbiljetten al in augustus verzonden.

Uw aanslagbiljet vermeldt het bedrag aan belastingen dat u moet bijbetalen of het teveel aan betaalde belastingen dat u terugkrijgt. Wanneer komt de effectieve betaling? Het bijbetalen moet gebeuren binnen twee maanden na de datum van verzending van het aanslagbiljet. De fiscus moet het terug te krijgen bedrag betalen op het einde van de tweede maand volgend op de maand waarin de aanslag werd gevestigd.

Drie jaar om te onderzoeken

Dat u uw aanslagbiljet heeft ontvangen of zelfs belastingen heeft bijbetaald of teruggekregen, betekent niet dat u op beide oren kunt slapen. De belastingadministratie heeft drie jaar de tijd om uw aangifte te controleren en eventueel aan te passen, te rekenen vanaf 1 januari van het aanslagjaar. Concreet is dat voor de net ingediende belastingaangifte tot 31 december 2014. In de praktijk vestigt de administratie vaak eerst binnen de wettelijke aanslagtermijn een aanslag, om vervolgens in de driejarige onderzoeksperiode een (grondig) onderzoek te voeren. Om uw aangifte te controleren heeft de fiscus grosso modo vier middelen:

1. Onderzoek ter plaatse: de administratie kan ter plaatse een kijkje komen nemen. Ze heeft het recht uw boekhoudkundige stukken, huurovereenkomsten, arbeidsovereenkomsten… in te kijken, voor zover dat nuttig is om uw belastbare inkomsten te bepalen.

2. Vraag tot inlichtingen: de fiscus kan u mondeling of schriftelijk een vraag om inlichtingen stellen. Enkel op een telefonische vraag bent u niet verplicht te antwoorden. Een schriftelijke vraag moet u steeds schriftelijk beantwoorden. U krijgt één maand de tijd om de gevraagde inlichtingen te verstrekken. Die periode loopt vanaf de derde werkdag volgend op de datum van de verzending. Voor de vervaldag kunt u een verlenging van de antwoordtermijn vragen, maar de administratie is niet verplicht op uw verzoek in te gaan. Tijdig antwoorden is de boodschap, zoniet heeft dat gevolgen voor onder meer de bewijslast.

3. Onderzoek bij derden: de administratie kan mondeling of schriftelijk vragen stellen aan derden, zolang het bank- of beroepsgeheim (bijvoorbeeld van advocaten) niet wordt geschonden. Zo kan aan een werkgever gevraagd worden welke kosten een werknemer terugbetaald kreeg.

4. Gegevensuitwisseling: zowel tussen de binnenlandse belastingdiensten als internationaal is er steeds meer gegevensuitwisseling. De ambtenaren van Financiën stellen gegevens ter beschikking van ambtenaren bevoegd voor andere belastingen, zoals btw, vennootschapsbelasting of het Kadaster. Internationaal komt er gegevensuitwisseling door bepalingen in de dubbelbelastingverdragen. De Europese bijstandsregeling en de Europese Spaarrichtlijn voorzien in een automatische gegevens­uitwisseling over intresten op een buitenlandse bankrekening.

Als de fiscus uw aangifte op basis van zijn onderzoek wil wijzigen, dan moet hij u een bericht van wijziging sturen. U hebt een maand de tijd om op dat bericht te antwoorden en uw opmerkingen of akkoord aan de fiscus mee te delen. Pas nadien kan de fiscus de aanslag definitief wijzigen.

Wat betekent dat concreet voor de aangifte die u nu indient? Door de antwoordtermijn van een maand moet de fiscus uiterlijk drie werkdagen voor het einde van november 2015 zijn kennisgeving van voornemen tot wijziging van uw aangifte sturen. Zendt de fiscus die pas in december 2015 en wacht u tot het einde van de maand die u krijgt om te antwoorden, dan kan de fiscus geen corrigerende aanslag meer opleggen voor 31 december 2015. Antwoordt u nog in december, dan kan de fiscus wel nog tijdig een aanslag vestigen.

Zeven jaar bij fraude

Bij aanwijzingen van fraude wordt de driejarige onderzoekstermijn met vier jaar verlengd. Daardoor krijgt de administratie zeven jaar de tijd om uw aangifte te controleren. Het volstaat dat er aanwijzingen van fraude zijn, de feiten hoeven niet aangetoond te zijn. De administratie moet u wel schriftelijk op de hoogte brengen. Kan de belastingadministratie daarna bewijzen dat u effectief fraude hebt gepleegd en dat daarbij sprake is van een bedrieglijk opzet of van het oogmerk om te schaden, dan wordt ook de aanslagtermijn met vier jaar verlengd. Voor de aangifte die u nu indiende, kunnen de ontdoken inkomsten nog tot 31 december 2019 belast worden.

Zeven jaar is tevens de periode dat u bewijsstukken of de verduidelijkingen van gegevens ter beschikking moet houden van de belastingadministratie.

Verlenging na bezwaarschrift

Als u niet akkoord gaat met uw aanslag, kunt u een bezwaarschrift indienen. Een mogelijke reden is dat de belastingadministratie een foutieve belastingaanslag vestigde, maar ook een eigen fout of vergissing kunt u rechtzetten. U moet uw bezwaar binnen zes maanden indienen, te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van de verzending van het aanslagbiljet. Door een bezwaarschrift verlengt zowel de onderzoeks- als de aanslagtermijn. De periode van verlenging is gelijk aan de tijd verlopen tussen het indienen van het bezwaarschrift en de beslissing van de directeur, met een maximum van zes maanden.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud