Netto Het antwoord op al uw geldvragen
Advertentie
Advertentie

Hoe geeft u een tweede verblijf in België aan?

Bent u eigenaar van een tweede verblijf aan de kust of in de Ardennen? Ook als u het nooit verhuurt, moet u het in uw jaarlijkse belastingaangifte opnemen.
©Klaas Verplancke

Eigenaars van vastgoed betalen elk jaar onroerende voorheffing. Maar daarmee is de belastingfactuur niet vereffend. U moet uw tweede verblijf ook aangeven in uw belastingaangifte, waarna het ook in de personenbelasting wordt getaxeerd. Ook als u het nooit verhuurt en u dus geen inkomsten opstrijkt.

Kadastraal inkomen

Gebruikt u een tweede verblijf op Belgische bodem uitsluitend zelf, dan wordt u belast op basis van het geïndexeerd kadastraal inkomen, verhoogd met 40 procent. Van dat onroerend inkomen kunnen eventueel betaalde intresten voor de financiering van het vastgoed in mindering worden gebracht. De fiscus maakt die berekening.

Het saldo wordt bij uw overige inkomsten gevoegd en belast tegen uw hoogste tarief. Dat zogenaamde marginale tarief bedraagt minstens 25 procent en kan oplopen tot 50 procent (exclusief gemeentebelasting). De spelregels zijn anders voor een tweede verblijf in het buitenland.

Gezinswoning moet meestal niet worden aangegeven

Met het betalen van de jaarlijkse onroerende voorheffing hebt u voor uw gezinswoning – het huis of appartement waar u in de regel woont – afgerekend met de fiscus. U hoeft uw gezinswoning dus niet aan te geven in vak III van uw jaarlijkse belastingaangifte. Alleen als u nog een lening van vóór 2005 hebt lopen voor de financiering van uw woning kunt u misschien uw kadastraal inkomen aangeven in het vak van de leningen, om op die manier het eventuele belastingvoordeel te krijgen.

Een andere uitzondering op die regel van niet-aangifte is als u een deel van uw gezinswoning voor uw beroep gebruikt. Denk maar aan het kantoor thuis waarvoor u beroepskosten inbrengt. U moet het gedeelte van het kadastraal inkomen dat op die ruimte betrekking heeft wel vermelden. Dat wordt echter niet belast; het wordt geacht in het beroepsresultaat begrepen te zijn.

De juiste codes

Vastgoed op Belgische bodem moet u aangeven in vak III onder de titel ‘1. Belgische inkomsten’. Als u nooit verhuurt, dan geeft u het niet-geïndexeerde kadastraal inkomen aan bij de code 1106/2106. Moet u meer dan één pand aangeven, dan telt u de kadastrale inkomens op.
Gebruikt u een deel van uw gezinswoning voor uw beroep, dan geeft u het gedeelte van het niet-geïndexeerde kadastraal inkomen dat verwijst naar het professioneel gebruik aan bij de code 1105/2105.

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud