Netto Het antwoord op al uw geldvragen
Advertentie
Advertentie

Waarop letten bij de belastingaangifte van een overledene?

Was u getrouwd of wettelijk samenwonend en bent u in de loop van 2020 uw partner verloren? U moet afzonderlijke belastingaangiftes indienen, maar u kunt wel nadrukkelijk kiezen voor een gezamenlijke belastingberekening. Tekst: Petra De Rouck
©Klaas Verplanke

Gehuwden en wettelijk samenwonenden moeten volgens de algemene regel een gezamenlijke belastingaangifte indienen. Maar dat geldt niet voor het jaar waarin een partner overlijdt. Als u uw huwelijks- of wettelijk samenwonende partner in 2020 verloor, moet u afzonderlijke aangiftes indienen: een met uw eigen inkomsten en een andere op naam van de nalatenschap van uw overleden partner. Dat betekent echter niet dat u ook afzonderlijk wordt belast.

De essentie

Voor u? Als u getrouwd was of wettelijk samenwoonde en uw partner in 2020 is overleden.
Wat onthouden? U moet binnen vijf maanden na het overlijden een belastingaangifte voor de overledene indienen. Voor de eigen aangifte geldt de gebruikelijke aangiftetermijn.
Hoe belastingen besparen? U moet zelf narekenen of een afzonderlijke dan wel een gezamenlijke belastingberekening het interessantst is.

1. Aangifte van de overledene

De belastingaangifte van een overledene moet worden ingediend door de erfgenamen, de algemene legatarissen of de begiftigden. Voor het jaar van het overlijden gelden niet de klassieke aangiftetermijnen. De aangifte moet binnen een termijn van vijf maanden na het overlijden zijn ingediend. Daarin worden de inkomsten en uitgaven aangegeven voor de periode van 1 januari van dat jaar tot de datum van overlijden. Die aangifte kan online worden ingediend via Tax-on-web en is sinds vorig jaar grotendeels vooraf ingevuld.

Is uw partner in de eerste maanden van 2021 overleden? De belastingaangifte met de inkomsten en uitgaven voor 2020 is nog niet ingediend. Die moet binnen de gebruikelijke aangiftetermijn voor het aanslagjaar 2021 worden ingediend. Gehuwde en wettelijk samenwonende partners dienen voor de laatste keer een gezamenlijke belastingaangifte in. 

2. Aangifte van de langstlevende

Als uw partner in 2020 is overleden, moet u uw inkomsten en uitgaven in een eigen belastingaangifte aangeven. Die aangifte moet binnen de gebruikelijke aangiftetermijn worden ingediend. Maar een afzonderlijke aangifte betekent niet automatisch dat u afzonderlijk zult worden belast. U kunt ook kiezen voor een gemeenschappelijke belastingberekening. Die keuze moet uitdrukkelijk worden aangeduid in de aangifte van de langstlevende partner. Doet u dat niet, dan zal de fiscus de echtgenoten automatisch afzonderlijk belasten.

U zult zelf moeten narekenen wat de voordeligste keuze is. Dat kan met een simulatie via het Tax-Calc-berekeningsprogramma van de fiscus, of u kunt contact opnemen met uw lokale belastingkantoor. Bij een afzonderlijke aangifte kunnen de kinderen of personen ten laste maar in een van de aangiftes worden opgenomen. U zult dus ook moeten kiezen welke partner de kinderen ten laste neemt.

Die werkwijze is er ook als beide echtgenoten in hetzelfde jaar zijn overleden. Het enige verschil is dat de erfgenamen de keuze moeten maken tussen een gemeenschappelijke of afzonderlijke aanslag.

Let wel, een gezamenlijke aanslag is geen optie als beide echtgenoten of wettelijk samenwonende partners afzonderlijk belast worden wegens een andere reden dan hun overlijden. Dat is bijvoorbeeld het geval als een van beiden een internationaal ambtenaar is of was.

De juiste codes

Als u weduwe of weduwnaar bent, moet u in vak II onder de titel ‘A. Persoonlijke gegevens’ de code 1010 aankruisen. De code 1011 is er voor wie zijn echtgenoot of wettelijk samenwonende partner in 2020 verloren is. In de daaropvolgende codes geeft u de keuze voor een gemeenschappelijke (code 1012) of een afzonderlijke aanslag (code 1013) aan.
Voor de aangifte van een overledene zijn er de codes 1022 tot en met 1026.

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud