Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Uw centen in het buitenland zijn steeds minder anoniem

Welk vermogen u ook in het buitenland aanhoudt, de kans groeit met de dag dat buitenlandse overheden informatie daarover zullen doorspelen aan de Belgische fiscus. Uw centen anoniem buiten de landsgrenzen parkeren wordt steeds moeilijker.
©serge baeken

De Zwitserse bankreus Credit Suisse heeft er deze week mee ingestemd om een Amerikaanse boete van 2,6 miljard dollar (1,9 miljard euro) te betalen in een zaak van belastingontduiking van zijn Amerikaanse klanten. Credit Suisse zou aan de Amerikaanse autoriteiten ook beloofd hebben ze te helpen bij het achterhalen van hun identiteit, onder meer door extra informatie te verlenen over het aantal rekeningen en over waar het geld naartoe is gegaan. Het is niet de eerste keer dat een Zwitserse bank meewerkt met de Amerikaanse autoriteiten. In 2009 betaalde UBS ook al een boete van 780 miljoen dollar in een fraudezaak en gaf het de identiteit van 4.400 van zijn Amerikaanse rekeninghouders vrij.

Dat nu ook Zwitserland, de bakermat van het bankgeheim, lijkt te zwichten is veelbetekenend. De financiële crisis heeft alles in een stroomversnelling gebracht en de geesten doen rijpen dat het bankgeheim in zijn huidige vorm onhoudbaar is. Zelfs de voorzitter van de Zwitserse centrale bank, Thomas Jordan, laat er geen twijfel over bestaan: ‘Banken moeten ervan uitgaan dat het bankgeheim in internationale operaties vervangen zal worden door het automatisch uitwisselen van gegevens’, stelde hij deze week.

Spaarrichtlijn

Vandaag bestaat er al een beperkte automatische gegevensuitwisseling in de vorm van de Europese spaarrichtlijn, maar de komende jaren ziet het ernaar uit dat die gegevensuitwisseling alleen maar uitgebreider wordt. De Europese spaarrichtlijn, die in 2005 in werking trad, houdt in dat Europese landen informatie aan elkaar doorspelen over de intresten die een buitenlander in een bepaald land heeft geïnd. Het gaat om intresten van bankrekeningen, spaarrekeningen, kasbons, termijnrekeningen, obligaties en dividenden of meerwaarden van sommige obligatiefondsen. Oostenrijk en Luxemburg zijn nog de uitzondering op de regel. Die landen passen nog een woonstaatheffing toe van 35 procent, maar zullen die vanaf 1 januari 2015 ook vervangen door de gegevensuitwisseling. Belangrijk is voorts dat ook verschillende Europese belastingparadijzen de woonstaatheffing of de gegevensuitwisseling toepassen.

Op 1 januari 2017 wordt de bestaande Europese spaarrichtlijn uitgebreid naar intresten of inkomsten uit andere producten. Het gaat om gestructureerde producten met minstens 95 procent kapitaalbescherming, sommige Europese beleggingsfondsen zonder Europees paspoort en verzekeringsproducten (tak21 en tak23) die vanaf 1 juli 2014 worden afgesloten. Daarnaast zullen vanaf 2017, naast de natuurlijke personen, ook buitenlandse vermogensstructuren zoals stichtingen in het vizier van de spaarrichtlijn komen.

Bijstandsrichtlijn

Vanaf 1 januari 2015 wordt een tweede Europese richtlijn van kracht, de zogenaamde bijstandsrichtlijn. Die is ruimer dan de spaarrichtlijn omdat ze niet zozeer bancaire inkomsten viseert, maar wel andere inkomsten. Vanaf 2015 kan voor vijf soorten inkomsten of kapitalen een uitwisseling van gegevens gebeuren: arbeidsinkomsten, pensioenen, eigendom en inkomsten van onroe- rend goed, directiehonoraria, en levensverzekeringsproducten die niet gedekt zijn door een andere uitwisselingsregeling. In de praktijk gaat het dus om levensverzekeringen afgesloten vóór 1 juli 2014.

Een voorwaarde is wel dat de informatie beschikbaar is bij de fiscale administratie van het land. Als dat niet het geval is, dan hoeft het land de informatie nog niet door te spelen. Daardoor kan het gebeuren dat een land zelfs vanaf 2015 nog geen informatie zal doorgeven. Dat verandert sowieso op 1 januari 2017. Op dat moment zijn de lidstaten verplicht minstens drie van de vijf gegevens uit te wisselen. Sommige landen, zoals Frankrijk en Spanje, hebben al beloofd dat ze de vijf gegevens allemaal zullen doorgeven.

Op 1 juli 2017 volgt nog een ingrijpende uitbreiding. Op dat moment worden de lidstaten verplicht drie bijkomende gegevens door te spelen: dividenden, verkoopopbrengsten (meerwaarden) en royalty’s. Voor die informatie zullen de lidstaten dus geen keuze hebben. Ze moeten die drie gegevens allemaal uitwisselen.

Fatca

Behalve de spaarrichtlijn en de bijstandsrichtlijn zijn er zowel op Europees als op internationaal vlak nog bijkomende krachten aan het werk. Een grote inspiratiebron vormen de Amerikaanse Fatca-akkoorden, die de Verenigde Staten met tal van Europese landen hebben afgesloten. Met die akkoorden verbinden de Europese landen, waaronder België, zich ertoe alle intresten en andere inkomsten die Amerikanen in die landen binnenhalen door te spelen aan de Amerikaanse administratie. Bovendien wordt jaarlijks ook het saldo of belegd vermogen op de rekening uitgewisseld. Fatca is ook naar producten veel ruimer dan de Europese spaarrichtlijn. Zo komen bij Fatca zowel rekeningen en verzekeringsproducten als fondsen in het vizier.

Een belangrijk gevolg van die Amerikaanse verdragen is dat er ook gedacht wordt aan een Europese variant. ‘Het feit dat vele lidstaten een bilateraal verdrag (Fatca) hebben afgesloten of zullen afsluiten met de Verenigde Staten, heeft ertoe geleid dat ze zo’n uitwisseling ook zullen moeten toepassen tussen de lidstaten. Dat is een gevolg van de ‘meest begunstigde natie’-clausule’, zegt Dirk Coveliers, fiscalist bij Petercam en coauteur van het onlangs uitgegeven boek ‘Bankgeheim en privacy’. Europese landen hebben daarop geanticipeerd en hebben plannen aangekondigd om het Amerikaanse Fatca-model als proef te gebruiken voor de automatische uitwisseling van inlichtingen.

‘Er is al een voorstel gelanceerd om die uitwisseling van informatie met een Europese richtlijn te regelen. Dat voorstel voorziet in automatische uitwisseling van inlichtingen van dividenden en verkoopopbrengsten van beleggingen op een financiële rekening, maar ook de rekeningtoestand op 31 december van het desbetreffende jaar’, zegt Coveliers. Het begrip ‘financiële rekening’ omvat ook beleggingsverzekeringen. De bedoeling is dat daarover nog dit jaar een akkoord volgt. ‘Niettemin circuleert meer en meer de begindatum 1 januari 2017 voor een effectieve toepassing’, merkt Coveliers op.

In navolging van het initiatief van de Europese lidstaten circuleren nu ook plannen op internationaal niveau. Zo heeft de G20, de groep van de rijkste 20 landen, besloten om de automatische uitwisseling van informatie als nieuwe standaardnorm te bekrachtigen. De afspraak is dat nagedacht zal worden over de invoering van een gemeenschappelijke standaard voor de uitwisseling van financiële informatie.

‘Het streefdoel is Common Reporting Standards die alle landen van de OESO volgen’, zegt Coveliers. ‘De uniforme gegevensuitwisseling zou naar inhoud overeenkomen met wat vandaag al in de Fatca-regels gedefinieerd is, maar het voordeel zou zijn dat de manier van rapporteren op een internationaal niveau gestandaardiseerd wordt. De G20 zal dit najaar naar verwachting verdere stappen ondernemen.’ Volgens de fiscalist betekent de komst van die Common Reporting Standards, mogelijk al op 1 januari 2017, dat de uitbreiding van de Europese spaarrichtlijn wel eens overbodig zou zijn.

Belastingparadijzen

In het hele verhaal lijken ook de belastingparadijzen stilaan te moeten meestappen. ‘De druk op die landen neemt enorm toe. Voorlopig hebben al 40 landen zich geëngageerd om mee te gaan in het verhaal van de Common Reporting Standards’, zegt Coveliers. ‘Ook Singapore zit daarbij. Belastingparadijzen die niet meewerken, komen wellicht op een zwarte lijst terecht. Dat betekent dat die landen mogelijk economisch geboycot worden, zodat ze vroeg of laat toch buigen.’

Een ander belangrijk aspect in de hele discussie van gegevensuitwisseling is de privacy. Volgens sommige advocaten moet er goed op worden toegezien dat de uitgebreidere gegevensuitwisseling niet in conflict komt met de privacyregels. ‘Als alle 30.000 ambtenaren van de fiscale administratie bijvoorbeeld zomaar toegang krijgen tot een superdatabank met alle gegevens, dan is er zeker een privacyprobleem. Men moet dus voldoende grendels inbouwen die de vrije toegang belemmeren. Dat kan door de informatie te coderen en af te schermen. Het is de Europese Commissie die dat toezicht op de privacy bewaakt’, zegt een advocaat.

Maar niet alleen de privacy loopt gevaar, ook de veiligheid. Zo wordt alles in het werk gesteld om te voorkomen dat er lekken in de informaticasystemen kunnen komen waardoor de schat aan informatie in foute handen kan terechtkomen.

Klik op het beeld om te vergroten.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud