Netto Het antwoord op al uw geldvragen
Advertentie

Voortaan beter beschermd tegen ongepaste verzekeringen

Vanaf 30 april biedt de wet u extra bescherming voor uw verzekeringsproducten. Verkopers van die producten moeten kunnen bewijzen dat ze uitsluitend in uw belang handelen. Meer informatie is prima, maar wij zien toch een aantal risico’s opdoemen.
Advertentie
©Serge Baeken

De Ombudsman van de Verzekeringen heeft donderdag bekendgemaakt dat hij vorig jaar 4.364 klachten heeft ontvangen. Dat is 6 procent meer dan in 2012. De stijging van het aantal dossiers tegen de verzekeringsondernemingen situeert zich voornamelijk in de verzekeringstakken ‘leven’ en ‘gezondheidszorgen’. Ook de toename van het aantal ontevreden verzekerden over de producten reisbijstand, annulatieverzekeringen en vooral de gsm-verzekeringen blijft verontrustend.

Dat er nieuwe regelgeving zit aan te komen die de consument beter moet beschermen is dus een goede zaak. De MiFID IIregels, die vanaf 30 april in werking treden, zijn nog een uitloper van de financiële crisis. Een van de maatregelen die toen werden genomen is een Europese richtlijn (MiFID), die banken strenge regels oplegt bij de verkoop van producten. Gaandeweg groeide op Europees niveau de overtuiging dat de MiFID-gedragsregels ook in de verzekeringssector opgelegd moesten worden. De Belgische wetgever heeft echter niet gewacht op die Europese regelgeving en heeft met de Twin Peaks II-wet van 30 juli 2013 de principiële beslissing genomen om de gedragsregels toe te passen op de verzekeringssector. Vanaf woensdag treden die regels in werking. Ze hebben vier belangrijke gevolgen voor u.

1 Meer informatie

Voor alle verzekeringen die u voortaan afsluit, moet u een duidelijk beeld krijgen van de kosten. Zo moet er een onderscheid gemaakt worden tussen de jaarlijkse premie, de kosten en lasten, en de taksen. Dat onderscheid wordt nu al gemaakt bij uw autoverzekering, maar de verplichting zal voortaan voor alle verzekeringen, leven en nietleven, gelden.

Een tweede belangrijk punt is dat de kosten van de tussenpersoon bekend moeten zijn. Wie een verzekering koopt bij een tussenpersoon of agent, moet duidelijk weten hoeveel commissievergoeding die tussenpersoon of agent daarvoor opstrijkt. Indien het precieze bedrag niet achterhaald kan worden, dan is het voldoende een grootteorde te geven, bijvoorbeeld in de vorm van een percentage. Belangrijk is ook dat de tussenpersoon op elk moment moet kunnen bewijzen dat de vergoeding die hij krijgt de kwaliteit van de dienstverlening verbetert en dus goed is voor de klant.

Die transparantieverplichting geldt niet als u het product rechtstreeks bij de verzekeringsonderneming of bij een verbonden agent koopt. Dat zijn agenten die uitsluitend producten van één verzekeringsonderneming aanbieden. Die verkopers worden niet beschouwd als een tussenpersoon.

2 Enkel gepaste producten

Verzekeraars zullen altijd moeten kunnen aantonen dat ze in het belang van de klant hebben gehandeld. Bij de verkoop van niet-levensverzekeringen en pure overlijdensverzekeringen, moet aangetoond kunnen worden dat er naar ‘verlangens en behoeften’ gepeild is. De verkoper zal moeten aantonen dat hij naar uw wensen gevraagd heeft en ook gecontroleerd heeft of het product wel beantwoordt aan uw behoeften. Dat houdt in dat hij bijvoorbeeld moet nagaan of u met het product niet over- of onderverzekerd bent.

Voor spaar- en beleggingsverzekeringen wordt nog een stap verder gegaan. Bij die producten is sprake van een zorgplicht. Dat betekent dat de verkoper altijd moet nagaan of het product voor de klant ‘passend’ is. Daarbij zal er gepeild worden naar uw kennis en ervaring. Typische vragen zijn dan welke opleiding u hebt genoten, of u ervaring hebt met financiële producten,… Als het product niet passend is, dan moet de verkoper dat melden en hij zal ook achteraf moeten kunnen bewijzen dat hij dat gemeld heeft.

Als de verkoper ook advies verleent, moet hij niet alleen nagaan of het product passend is, hij moet ook controleren of het voor u geschikt is. En dat gaat nog een stap verder. Zo zal de verkoper moeten vragen naar uw financiële situatie, uw beleggingsdoelstelling en uw risicoprofiel. ‘In de wet is niet voorgeschreven welke vragen hij daarover precies moet stellen. We streven er als sectorfederatie naar om een uniforme lijst op te stellen die door alle aanbieders van verzekeringsproducten gebruikt kan worden’, zegt Philippe Colle, gedelegeerd bestuurder van de sectorfederatie Assuralia.

Of een verkoper van verzekeringsproducten al dan niet advies verleent, is een feitenkwestie. Volgens de wet is er sprake van advies zodra de dienstverlener een gepersonaliseerde aanbeveling doet aan de cliënt over een spaar- of beleggingsverzekering die als geschikt wordt voorgesteld voor de persoon en die berust op een afweging van zijn persoonlijke omstandigheden. Zelfs wanneer de dienstverlener formeel zou zeggen dat hij geen advies verleent, kan uit de feiten blijken dat er wel degelijk advies werd verleend.

3 Geen belangenconflicten

Een belangrijke nieuwigheid is dat elke verzekeraar of verzekeringstussenpersoon zich voortaan vragen moet stellen over mogelijke belangenconflicten. Het gaat zowel over potentiële conflicten tussen verkoper en klant als tussen de klanten onderling. Vervolgens zal de verkoper maatregelen moeten nemen om mogelijke conflicten te voorkomen. Als de conflicten niet voorkomen kunnen worden, dan moeten ze expliciet gemeld worden aan de klant. De verzekeringsonderneming of tussenpersoon moet ook een register van alle mogelijke belangenconflicten bijhouden.

4 Meer controle door FSMA

Om de toepassing van de strenge gedragsregels te kunnen controleren, werd de macht van de toezichthouder FSMA fors uitgebreid. Zo krijgt de FSMA de bevoegdheid om sancties op te leggen als verzekeringsondernemingen of tussenpersonen niet aan een van de voorgaande regels voldoen. De FSMA kan ook de overtredingen en de overtreder bekendmaken, met heel wat reputatieschade tot gevolg. Om de controles efficiënt te kunnen doen, kan de FSMA aan mystery shopping doen.

Bedenkingen van de sector

De sectorfederatie Assuralia juicht de extra bescherming van de klant toe, maar ze heeft toch drie belangrijke bedenkingen bij de nieuwe regelgeving. ‘We begrijpen niet goed waarom ook de niet-levensverzekeringen, zoals de schadeverzekeringen, mee in het vizier komen. De MiFID-richtlijn is er gekomen na de financiële crisis, maar niet-levensverzekeringsproducten hebben niets met die crisis te maken’, zegt Philippe Colle. De gedelegeerd bestuurder wijst er ook op dat er nooit ongevallen gebeurd zijn met Belgische verzekeraars. ‘Belgische verzekeraars, die sinds de wet-Cauwenberghs en de verplichte infofiche al aan strenge transparantieregels onderworpen waren, worden nu nog strenger gereglementeerd’, zegt hij.

Een laatste bedenking van Assuralia betreft de timing. ‘De wetten zijn pas begin maart gepubliceerd en twee maanden later zouden ze al volledig toegepast moeten worden. Met alle noodzakelijke aanpassingen aan de informaticasystemen is dat onhaalbaar. De bankensector kreeg drie jaar voor de implementatie, wij twee maanden’, benadrukt Philippe Colle.

Het resultaat is dat de verkopers van verzekeringsproducten niet klaar zijn voor de toepassing van de richtlijn. De toezichthouder FSMA is er zich echter van bewust dat verzekeringsondernemingen en -tussenpersonen nog een aantal noodzakelijke aanpassingen moeten doorvoeren. ‘We zullen daar rekening mee houden in onze werkzaamheden’, zegt woordvoerder Jim Lannoo.

Niet zonder risico’s

De cruciale vraag is of de consument beter beschermd is door de richtlijn. Het antwoord op die vraag is duidelijk positief. De klant zal over meer informatie beschikken en heeft meer mogelijkheden om zich te verweren mocht er iets fout lopen. Toch brengt de regelgeving volgens ons drie risico’s met zich mee.

Dat de verzekeringsonderneming te allen tijde zal moeten kunnen bewijzen dat hij in het belang van de klant heeft gehandeld, betekent in de eerste plaats dat hij er alles aan zal doen om zich ‘in te dekken’, met een papiermolen tot gevolg. Een direct gevolg daarvan is dat ook de kosten gevoelig kunnen oplopen. Assuralia bevestigt dat steeds meer regelgeving tot hogere kosten leidt. ‘Naast het bijzonder beschermingsfonds, dat we kennen sinds de crisis van 2008 en waaraan de sector jaarlijks 160 miljoen euro bijdraagt, zien we de kosten voor de toezichthouder steeds meer oplopen. En met nieuwe Europese regelgeving op komst, is het einde nog niet in zicht’, zegt Philippe Colle.

Een tweede gevolg is het risico op een toenemende juridisering. Dat risico houdt in dat een ontevreden klant elke kans zal grijpen om de verantwoordelijkheid van een foute aankoop bij de verzekeringsonderneming of de tussenpersoon te leggen en naar de rechtbank te stappen.

Een derde risico is dat deze extra regelgeving een vicieuze cirkel op gang zal brengen. ‘De nieuwe regelgeving is op sommige vlakken nog vaag en heeft het vooral over principes. Het gevaar bestaat dat er binnen afzienbare tijd wordt vastgesteld dat de principes onvoldoende worden toegepast, waardoor nieuwe wetgeving nodig is om de toepassing af te dwingen. Op dat moment kom je in een vicieuze cirkel terecht’, zegt Koen Knaepen, managing partner van ParFinis, een organisatie die advies geeft aan verzekeringsondernemingen.

Knaepen verwijst ook naar voorlopers zoals Groot-Brittannië en Nederland waar de ervaringen met MiFID zeker niet uitgesproken positief zijn. ‘MiFID mag dan wel gestoeld zijn op goede principes, het probleem is dat ze ook contraproductief kunnen werken. Bovendien valt helemaal niet uit te sluiten dat er geen ongelukken meer zullen gebeuren. Je kan het vergelijken met de voedingssector. We krijgen meer informatie over de ingrediënten, maar eten we daardoor gezonder?’

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud