Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Waarom u dividendfondsen moet vermijden

Weet u niet meer aan welke fiscaliteit uw beleggingsproduct is onderworpen? Vaak schiet de fiscale wetgeving zodanig tekort, dat het zelfs voor de banken niet helemaal duidelijk is. Als belegger moet u dus goed uitkijken.
©iStock

(netto) - Het is allang geen geheim meer dat besparingen hoog op de agenda van de regeringsonderhandelaars staan. Dat de zoektocht van de overheid naar extra geld vaak uitmondt bij de spaarder en belegger, bleek ook in 2005. In oktober van dat jaar resulteerde een nachtelijk begrotingsconclaaf in een geïmproviseerde meerwaardetaks voor obligatiefondsen. De taks, die begin 2008 bijna rimpelloos werd uitgebreid, miste niet alleen alle consistentie met het Belgische en Europese fiscale kader. Die taks zadelde banken ook nog eens op met een kostelijke en bijna onmogelijke toepassing ervan.

Sinds 1 januari 2008 betaalt u bij de verkoop van een obligatiefonds roerende voorheffing op de volledige meerwaarde uit het obligatiegedeelte. Er moet aan 3 voorwaarden voldaan zijn: -het fonds moet minimaal 40 procent in obligaties of vastrentende instrumenten beleggen
-het moet over een Europees paspoort beschikken
-het moet van het kapitalisatietype zijn. Dat betekent dat het fonds in principe geen dividenden uitkeert. Wie bijvoorbeeld 2 jaar geleden een puur obligatiefonds kocht voor 100 euro en die vandaag verkoopt voor 120 euro, betaalt 15 procent roerende voorheffing op de meerwaarde van 20 euro.

Berekening meerwaarde

Los van het feit dat die fiscale regel heel wat commotie heeft veroorzaakt, heeft die ook heel wat hiaten achtergelaten. De belangrijkste is de berekening van de belastbare meerwaarde. Aangezien de wettelijke basis voor een correcte berekening ontbreekt, zijn beheerders geëvolueerd naar een soort 'best practice'. Volgens Dirk Coveliers, Senior Legal & Tax Advisor bij Petercam Asset Management, is er ook een gebrek aan uitwisseling over de belastbare meerwaarde tussen de verschillende Belgische financiële instellingen. "Dat leidt ertoe dat de fondsen vaak belegd blijven en verhandeld worden bij de financiële instelling die ze promoot”, zegt Coveliers.

Netto Blog

Heeft u zelf ook fiscale vragen over uw spaar- en beleggingsproduct? Klik hier voor de blog 'Fiscale knipperlichten' en reageer!

Naast de berekening van de meerwaarde levert ook de definitie van de kapitalisatiefondsen een moeilijkheid op. In principe worden daaronder fondsen verstaan die geen dividenden uitkeren. "In de praktijk vallen ook de meeste distributiefondsen onder de meerwaardetaks. De wet vereist immers dat distributiefondsen in hun statuten vermelden dat ze alle inkomsten (meerwaarde en intresten) uitkeren in de vorm van een dividend. Vanuit een normale en gezonde financiële beleggingspolitiek is dat echter bijna onmogelijk, waardoor de meeste beheerders die aanpassing in hun statuten niet hebben gedaan en de distributiefondsen wel onder de meerwaardetaks vallen", zegt Dirk Coveliers.

Complex kluwen

De meerwaardetaks is slechts een van de voorbeelden die aantonen dat het fiscale landschap in België een complex kluwen is. "Het probleem voor Belgische beleggers is vaak dat de commerciële benaming erg weinig zegt over de fiscale behandeling", zegt Stijn Vanoppen, Executive Director bij Ernst & Young. "De fiscale behandeling van een financieel product in België hangt veelal af van de juridische structuur. Voor buitenlandse uitgevers is het vaak moeilijk om te bepalen hoe hun product hier geclassificeerd moet worden. De Belgische wetgever biedt geen pasklaar fiscaal antwoord op vele buitenlandse instrumenten", zegt Vanoppen.

De kans is klein dat er vanuit Europa snel initiatieven zullen komen om ons fiscaal stelsel nog te harmoniseren en te vereenvoudigen. De moeizame totstandkoming van de Europese spaarrichtlijn heeft aangetoond hoe moeilijk fiscale harmonisatie wel is. Ook over de aanpassingen aan de spaarrichtlijn wordt alweer een hele tijd gediscussieerd. "Wel wordt op het niveau van de EU en de OESO, de club van ontwikkelde landen, gewerkt aan een systeem waarbij het in de toekomst eenvoudiger zou moeten worden voor Belgische beleggers om vermindering van roerende voorheffing te verkrijgen", zegt Koen Marsoul.

Dat die initiatieven op een overkoepelend niveau worden genomen, is een goede zaak. Maar dat betekent nog niet dat daarmee alle problemen van de baan zijn. De Europese Unie is nog ver verwijderd van een fiscale unie en de landen kunnen nog steeds in belangrijke mate beslissen over hun fiscaliteit. Het is pas als de fiscale autonomie van de landen wordt doorbroken, dat gewerkt kan worden aan een echte harmonisatie.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud