Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Afgestudeerd, wat nu?

Duizenden studenten trokken de voorbije weken de schoolpoort definitief achter zich dicht. En dan begint de zoektocht naar een job. Maar wat als die zoektocht geen resultaat oplevert? Hebben pas afgestudeerden recht op een uitkering? Kan een vakantiejob nog? En hoe zit het met de kinderbijslag?
©Marie Cecile Thijs/Hollandse Hoogte

Eind juni afstuderen, enkele weken vakantie nemen en daarna een leuke job. Het mag dan wel het ideale scenario zijn, helaas ziet de werkelijkheid er maar al te vaak anders uit. Ondanks een intensieve zoektocht kan een leuke baan uitblijven. Krijgt een pas afgestudeerde een uitkering? Niet onmiddellijk, hij of zij moet eerst een wachttijd doorlopen. Begin 2012 werd die omgedoopt tot ‘beroepsinschakelingstijd’. Pas na 12 maanden kan een schoolverlater een uitkering krijgen. Enige uitzondering zijn jongeren die een industriële leertijd achter de rug hebben: zij krijgen meteen na het einde van hun studie een uitkering.

Een jaar wachten op uitkering

Wanneer begint die beroepsinschakelingstijd te lopen? Voor studenten die in eerste zit hun diploma haalden of de studie beëindigden op het einde van het schooljaar, is dat op 1 augustus. Voorwaarde is dat ze ten laatste op 9 augustus als werkzoekende bij de VDAB (in Vlaanderen) of Actiris (in Brussel) zijn ingeschreven. Een jongere die in juni is afgestudeerd, krijgt daardoor ten vroegste op 29 juli 2015 een uitkering.

Voor wie afstudeert in tweede zit, is dat vanaf de dag dat men zich inschrijft als werkzoekende, maar ten vroegste na de tweede zittijd. Wie een thesisjaar doet, kan zich pas na het indienen van de thesis inschrijven bij de VDAB of Actiris.

En wat als u in die tussenperiode werkt? De beroepsinschakelingstijd loopt gewoon door als u tijdens die wachtperiode aan de slag gaat als loontrekkende. Werkt u bijvoorbeeld 14 dagen als uitzendkracht, dan telt die periode mee voor de beroepsinschakelingstijd. Opgelet, wie aaneensluitend 28 dagen of langer werkt, moet zich daarna opnieuw inschrijven bij de VDAB zodra de job ten einde loopt. Zo niet loopt de beroepsinschakelingstijd niet door.

Of een bijkomende opleiding meetelt, hangt af van de opleiding. Een aantal beroepsopleidingen wordt erkend door de VDAB. Voor een niet-erkende opleiding moet de RVA een vrijstelling verlenen. Tijdens hoger onderwijs loopt de beroepsinschakelingstijd doorgaans niet door.

Tijdens de beroepsinschakelingstijd moet de jongere actief op zoek naar werk. Sinds 1 augustus 2013 evalueert de RVA die inspanningen: een schoolverlater moet tijdens de beroepsinschakelingstijd twee positieve evaluaties krijgen. Zo niet wordt de beroepsinschakelingstijd verlengd en wordt het recht op een uitkering uitgesteld.

Studentenjob kan nog

Een pas afgestudeerde kan tijdens de vakantie na het beëindigen van zijn studie nog een studentenjob doen, tegen de gebruikelijke gunstige voorwaarden voor de sociale zekerheid. Een studentenjob in augustus en/of september telt bovendien mee voor de beroepsinschakelingstijd. Maar er is een belangrijke kanttekening voor de kinderbijslag (zie verder).

Nog een jaar kinderbijslag

Een afgestudeerde jonger dan 25 jaar heeft nog recht op kinderbijslag als student tot het einde van de laatste zomervakantie: tot 30 september voor wie hoger onderwijs heeft beëindigd, tot 31 augustus voor wie niet-hoger onderwijs volgde. Voorwaarde is dat er maximaal 240 uur wordt gewerkt in juli, augustus, september samen (als jobstudent, in het kader van een arbeidscontract, als zelfstandige). Wie meer werkt, verliest het recht op kinderbijslag voor het volledige kwartaal.

Ook tijdens de beroepsinschakelingstijd (ten vroegste vanaf 1 augustus) hebben jongeren tot 25 jaar recht op kinderbijslag als werkzoekende schoolverlater en dat gedurende maximaal 12 maanden. Voorwaarde is dat ze ingeschreven zijn als werkzoekende en niet vrijwillig werkloos zijn. Bovendien mogen ze niet meer dan 520,08 euro bruto per maand verdienen aan lonen én sociale uitkeringen (wachtuitkering, werkloosheid, ziekte, invaliditeit, arbeidsongeval, beroepsziekte). Die regeling geldt ook als de beroepsinschakelingstijd wordt verlengd omdat er geen twee positieve evaluaties zijn. Schoolverlaters uit het hoger onderwijs kunnen daardoor in augustus en september kinderbijslag krijgen als student of als schoolverlater. Voor niet-hoger onderwijs is dat alleen in augustus. De meest voordelige voorwaarde wordt dan toegepast voor de jongere: maximaal 240 uur werken in juli, augustus en september samen of maximaal 520,08 euro bruto verdienen.

Ook voor de kinderbijslag is het van belang zich tijdig als werkzoekende in te schrijven. Bij een laattijdige inschrijving wordt de kinderbijslag als werkzoekende schoolverlater pas toegekend vanaf de inschrijving. De toekenningsperiode eindigt 360 dagen nadat de jongere zich had moeten inschrijven: de kinderbijslag voor de periode dat hij of zij niet ingeschreven was, gaat dus verloren.

Wordt de beroepsinschalingstijd verlengd omdat er geen twee positieve evaluaties zijn? De jongere zal nog - mits een aantal voorwaarden - recht hebben op kinderbijslag tijdens de verlenging.

Tot 3 jaar uitkering

Na een beroepsinschakelingstijd van 12 maanden nog altijd werkloos? Wie nog geen 30 jaar is, kan een uitkering aanvragen. Voor die ‘inschakelingsuitkering’ moet u voldoen aan de toelatingsvoorwaarden bepaald in de werkloosheidsreglementering (leeftijd, type van gevolgde studie, twee positieve evaluaties krijgen…).

De inschakelingsuitkering is specifiek bestemd voor jongeren na het beëindigen van hun studie en is niet hetzelfde als een werkloosheidsuitkering. Die laatste wordt maar betaald zodra men een minimumperiode heeft gewerkt.

De uitkering is beperkt in de tijd en wordt in principe gedurende maximaal 36 maanden uitbetaald. Maar voor gezinshoofden, alleenstaanden en bevoorrechte samenwonenden kan die tot de leeftijd van 33 jaar uitbetaald worden. Ook voor jongeren met medische of mentale problemen geldt een aparte regeling.

Het bedrag van de inschakelingsuitkering hangt af van de leeftijd en de gezinsvorm. Een samenwonende met gezinslast ontvangt 1.105,78 euro per maand, zonder gezinslast is dat 425.36 euro (vanaf 18 jaar). Een alleenwonende tussen 18 tot en met 20 jaar krijgt 493,74 euro per maand, ouder dan 21 jaar is dat 817,96 euro. Een bevoorrechte samenwonende is een werkloze wiens partner uitsluitend een uitkering ontvangt. Die krijgt een uitkering van 453,44 euro (vanaf 18 jaar).

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud