Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Hogere taks maakt beleggingsverzekering monddood

De regering-Di Rupo besliste deze week de taks op levensverzekeringen op te trekken van 1,1 naar 2 procent. In het huidige klimaat van lage rentes is de impact op uw spaarcenten extra groot.

In haar zoektocht naar 3,4 miljard euro spaarde de regering-Di Rupo ook de levensverzekeringen niet. De taks van 1,1 procent die spaarders bij elke premiestorting moeten betalen, wordt vanaf volgend jaar verhoogd naar 2 procent.

Volgens de regering is de taksverhoging een compensatie voor het het feit dat die producten ontsnappen aan de roerende voorheffing. Spaar- en beleggingsverzekeringen zijn vrijgesteld van roerende voorheffing als het contract een looptijd heeft van meer dan acht jaar of als er een overlijdensdekking is van minstens 130 procent. In de praktijk voldoen nagenoeg alle contracten aan een van die voorwaarden. Met de verhoging van de roerende voorheffing van 21 naar 25 procent blijven de verzekerden in die producten dus buiten schot.

Kort

·De taks op levensverzekeringen stijgt vanaf volgend jaar naar 2 procent.

·Uitzonderingen zijn schuldsaldoverzekeringen, pensioenspaarverzekeringen en groepsverzekeringen.

·De impact van de taks

Assuralia, de federatie van de verzekeraars, reageerde verbolgen op de verhoging. De federatie verwijst naar de gevolgen die de invoering van de taks van 1,1 procent in 2006 al teweegbracht. ‘De omzet zakte toen in één jaar tijd van 21 naar 16,5 miljard euro’, zegt de federatie.

De kans is groot dat de nieuwe verhoging opnieuw een dergelijk effect zal teweegbrengen, des te meer omdat de rentes die die producten opleveren historisch laag zijn. Door de lage marktrentes zetten alle verzekeraars de voorbije maanden stevig de schaar in de gegarandeerde rentes die ze bieden. Het is hard zoeken om nog rentes te vinden die 2 procent overstijgen.

In een dergelijk klimaat zal een bijna verdubbeling van de taks extra hard voelbaar zijn, leert een berekening van Netto. Daarvoor gingen we uit van een spaarder die acht jaar lang 1.000 euro per jaar stort in een tak21-verzekering. Het product rekent instapkosten aan van 2,5 procent en jaarlijkse beheerskosten van 0,5 procent.

De grafiek hiernaast illustreert de netto-intresten van dergelijke stortingen na acht jaar, respectievelijk in het scenario van een taks van 1,1 procent en in het scenario van een taks van 2 procent. De netto-intresten werden berekend door het opgerente eindkapitaal na acht jaar te verminderen met het bedrag van 8.000 euro dat tijdens de looptijd werd gestort.

28 procent

De resultaten tonen aan dat die netto-intresten zwaarder terugvallen naarmate de jaarlijkse rente die u opstrijkt lager ligt. Aan een jaarlijkse rente van 2 procent en een taks van 1,1 procent hebt u na acht jaar een nettokapitaal van 8.260 euro opgebouwd. De netto-intresten komen dan uit op 260 euro. Stijgt de taks tot 2 procent, dan dalen de netto-intresten tot 187 euro. Dat is een daling van 28 procent.

De daling is minder groot als de jaarlijkse rente hoger ligt. Levert uw spaarverzekering bijvoorbeeld jaarlijks 4 procent op, dan zal een taksverhoging leiden tot een daling van de netto-intresten met ‘slechts’ 8 procent.

Het voorbeeld gaat uit van gegarandeerde rentes die tijdens de looptijd van het contract niet wijzigen. In de praktijk is dat zelden het geval en passen verzekeraars de gegarandeerde rente aan in functie van de marktrentes. Belangrijk is wel dat elke storting gedurende de hele looptijd van het contract de rente krijgt die op het moment van storting gegarandeerd is. Als verzekeraars beslissen de gegarandeerde rente tijdens de looptijd van het contract te verhogen, dan profiteren enkel de stortingen die na die aanpassing werden gedaan van de verhoging. Voorts werd in dit voorbeeld geen rekening gehouden met winstdelingen die het gegarandeerde rendement kunnen opkrikken.

Stijgende rentes en winstde lingen kunnen de impact van de taksverhoging in de toekomst dus opnieuw verkleinen. Volgens de meeste waarnemers zit dat scenario van hogere opbrengsten op korte termijn echter niet in de kaarten.

Kosten

Een ander aspect dat door de taksverhoging wellicht aan belang zal winnen, zijn de kosten. Door lagere instapkosten te onderhandelen met uw makelaar kunt u het effect van de taksverhoging compenseren. Betaalt u bijvoorbeeld meer dan 3 procent instapkosten op uw premies, dan loont het zeker de moeite het gesprek met uw makelaar aan te gaan. In sommige gevallen kunt u de instapkosten terugbrengen tot minder dan 1 procent.

Belangrijk om op te merken is ten slotte dat de taksverhoging niet voor alle verzekeringsproducten geldt. Een belangrijke categorie die is uitgesloten, zijn de pensioenspaarverzekeringen. Dat zijn de stortingen in de derde pensioenpijler, waarvoor in 2012 tot 910 euro fiscaal in mindering kan worden gebracht. Die producten blijven volledig vrijgesteld van de premietaks.

Ook voor de schuldsaldoverzekeringen verandert niets. De regering besliste de taks voor die verzekeringen op 1,1 procent te houden. Ten slotte blijft ook voor groepsverzekeringen alles bij het oude. De premietaks op stortingen van de werkgever in de groepsverzekering blijft op 4,4 procent. De stortingen van de werknemer blijven vrijgesteld van premietaks. Het langetermijnsparen, waarvoor in 2012 tot 2.200 euro fiscaal in mindering kan worden gebracht , ziet de taks wel stijgen tot 2 procent.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud