Netto Het antwoord op al uw geldvragen

5 vragen over pensioenspaarfondsen

Hoewel pensioenspaarfondsen erg populair zijn door hun fiscale aantrekkelijkheid, zijn de fondsen voor veel Belgen nog onontgonnen terrein. De hoogste tijd om de antwoorden te geven op de meest gestelde vragen.

(netto) - Ongeveer 1,3 miljoen Belgen doen aan pensioensparen via een pensioenspaarfonds. Toch zijn de kenmerken van die producten vaak onvoldoende bekend. Aan de hand van 5 vragen zetten we de belangrijkste aandachtspunten op een rij.

1/ Hoe begin ik met pensioensparen in een fonds?

U kunt vanaf uw 18de met pensioensparen beginnen. Het enige wat u moet doen is een pensioenspaarcontract ondertekenen en een rekening openen bij de bank waar u het pensioenspaarfonds wilt kopen. Dat kan bij de meeste banken kosteloos. Vervolgens ontvangt u een rekeningnummer waarop u volgens een zelf gekozen frequentie kunt storten. U kunt ook zelf kiezen hoeveel u stort, maar voor aanslagjaar 2009 is de fiscale aftrekbaarheid begrensd op 870 euro. Specialisten raden aan om een maandelijkse storting te doen in plaats van het volledige bedrag eind december te storten. Gespreid storten biedt het voordeel dat u niet afhankelijk bent van de juiste markttiming. Daardoor is het een echte spaarformule en moet u niet op het einde van het jaar een groot bedrag ophoesten. Houd er rekening mee dat de looptijd van uw pensioenspaarcontract minimaal 10 jaar moet zijn en dat u minimaal 5 stortingen moet doen in 5 verschillende jaren.

2/ Waarin beleggen pensioenspaarfondsen?

Pensioenspaarfondsen zijn gemengde fondsen die zowel in aandelen als in obligaties beleggen. Toch zijn de fondsen aan veel strengere regels onderworpen dan de traditionele gemengde fondsen. In 2004 werden die regels gevoelig uitgebreid. De voorschriften zijn zo complex, dat ze meer dan een pagina in het Staatsblad beslaan. Toch moeten de beperkingen vooral garanderen dat de portefeuillesamenstelling van de pensioenspaarfondsen genoeg gediversifieerd is. Samengevat zijn de belangrijkste regels de volgende. De fondsen mogen maximaal voor 75 procent in aandelen beleggen, of voor 75 procent in obligaties. Bovendien mogen de fondsen maar 20 procent in een andere munt dan de euro beleggen en slechts tot 10 procent in cash. Daarnaast zijn er nog specifieke regels voor het soort aandelen en obligaties die gekocht mogen worden. Meer informatie over de beleggingsregels vindt u hier.

3/ Hoeveel pensioenspaarfondsen zijn er?

Er zijn 16 unieke pensioenspaarfondsen op de Belgische markt. De meerderheid, 10 fondsen, bestaat uit dynamische fondsen die ongeveer 70 procent in aandelen beleggen. Verder zijn er 2 neutrale fondsen die een aandelenpercentage van 50 procent nastreven. Ten slotte zijn er 4 defensieve fondsen die voor 30 procent in aandelen beleggen.

4/ Hoe presteert mijn pensioenspaarfonds?

Pensioenspaarfondsen zijn langetermijnbeleggingen. Het rendement van die fondsen beoordelen op korte termijn is dan ook misleidend. De dynamische fondsen die langer dan 20 jaar bestaan, boekten een jaarlijks rendement sinds oprichting van gemiddeld 7 procent. Dat is beduidend meer dan de opbrengst van een risicoloze belegging.
Vanzelfsprekend verkleint de beleggingshorizon naarmate de pensioenspaarder ouder wordt. Daardoor wordt het rendement op korte termijn toch belangrijk. Wie bijvoorbeeld zijn pensioenleeftijd nadert, moet opletten dat zijn opgebouwde kapitaal niet plots door een beurscrisis wordt aangetast. In 2008 verloor het gemiddelde dynamische fonds 27 procent.
Dat is de reden waarom de defensieve pensioenspaarfondsen in het leven zijn geroepen. Door het lagere percentage aandelen liggen de rendementen van die fondsen op langere termijn lager, maar ze zijn wel ideaal voor spaarders die hun pensioenleeftijd naderen en hun kapitaal aan minder risico willen blootstellen. In 2008 verloren de defensieve fondsen 'slechts' 12 procent.

5/ Wat is de impact van kosten op mijn pensioenspaarfonds?

De meeste pensioenspaarfondsen rekenen zoals de traditionele fondsen instap- en beheerkosten aan. De beheerkosten worden periodiek verwerkt in de inventariswaarde en daar merkt u als belegger niets van. De instapkosten betaalt u bij elke storting. Die kunnen oplopen van 0 tot 3 procent. Houd dus rekening met de instapkosten en probeer er indien mogelijk over te onderhandelen.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud