netto

Laat kinderen u niet uit uw huis zetten

Kunnen (stief)kinderen de langstlevende partner verplichten om de gezinswoning of het tweede verblijf te verkopen? Niet noodzakelijk, op voorwaarde dat u zich als langstlevende ouder maar beschermt.

 

(netto) - Een ouder sterft. Hoe kan de langstlevende zich beschermen, als de (stief)kinderen de gezinswoning of het tweede verblijf willen verkopen? Om het antwoord op die vraag te geven is het belangrijk een onderscheid te maken tussen onroerend goed dat als voornaamste gezinswoning diende (verder de gezinswoning), en ander vastgoed, zoals een tweede verblijf. De vorm van samenwonen is eveneens van belang, net zoals het feit of het gaat over gemeenschappelijke dan wel stiefkinderen.

1. De gezinswoning

De gezinswoning geniet een bijzondere bescherming in onze wet.

  • Waren de partners gehuwd?

Dan erven de kinderen de naakte eigendom op de nalatenschap, de langstlevende het vruchtgebruik. Dat omvat minstens het vruchtgebruik op de gezinswoning met inboedel. Dat vruchtgebruik op de gezinswoning kan hem niet tegen zijn wil ontnomen worden. Hij is er dus zeker van dat hij in de gezinswoning kan blijven wonen, zelfs als de kinderen of stiefkinderen het anders zouden willen.

  • Woonden de ouders wettelijk samen?

Wettelijk samenwonenden genieten sinds 2007 van een vergelijkbare zekerheid. Sindsdien bestaat er een beperkt wettelijk erfrecht voor hen: de langstlevende krijgt het vruchtgebruik op de gezinswoning.

  • Woonden de ouders feitelijk samen?

Voor feitelijk samenwonenden bestaat geen wettelijk erfrecht en dus evenmin een bescherming voor de gezinswoning. De partners moeten zelf de nodige stappen ondernemen. Dat kan door een testament (maar de bewegingsruimte is beperkt, omdat de rechten van de wettelijke erfgenamen niet aangetast mogen worden), via een beding van aanwas of door de gezinswoning te kopen met de techniek van de gesplitste aankoop. Een partner koopt dan de naakte eigendom, de andere het vruchtgebruik.

2. Een tweede verblijf

Een tweede verblijf of ander vastgoed in het patrimonium krijgt niet de bijzondere bescherming van de gezinswoning.

De kinderen (naakte eigenaars) kunnen de langstlevende (blote eigenaar) verplichten om zijn vruchtgebruik om te wisselen voor een som geld of in een lijfrente. Dat kan via de juridische procedure van de ‘omzetting van het vruchtgebruik’.

  • Bescherming via testament

De partners kunnen zich beschermen door een testament op te stellen, waarin ze de kinderen het recht tot omzetting van het vruchtgebruik ontnemen. “Maar de draagwijdte van de mogelijkheid daartoe wordt betwist onder specialisten”, zegt Frederik Swennen, advocaat bij Greenille.

De wet verbiedt uitdrukkelijk om het omzettingsrecht te ontnemen aan de niet-gemeenschappelijke kinderen. Niettemin kan hen dit wel worden ontnomen, binnen de grenzen van hetgene waarover de erflater vrij mag beschikken. “Bovendien hebben de gemeenschappelijke kinderen ook wettelijk beschermde erfrechten waar niet aan mag worden geraakt door het omzettingsrecht te ontnemen.” Uiteindelijk geldt dus voor alle kinderen eenzelfde bescherming.

  • Bescherming via huwelijkscontract

De huwelijkspartners kunnen elkaar ook beschermen in hun huwelijkscontract. Dat kan door een ‘langst leeft-al heeft’-clausule, of via een keuzebeding. Een beding van aanwas kan ook nuttig zijn.

 

 

 

Zaterdag 12/9 in Netto

Eigenaarsnummer: 40 praktische antwoorden die u als eigenaar moet kennen.

  • Van kopen over huren tot erven.
  • Hierboven las u de eerste vraag, de 39 overige leest u in Netto.

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect