netto

Dividenden liegen niet, dividendrendementen wel

©dividend

Bedrijven die jaarlijks een mooi dividend uitkeren, zijn minder kwetsbaar voor forse verkoopgolven op de beurs. U kunt daarvoor terecht bij vastgoedverhuurders, holdings en bedrijven met stabiele inkomsten.

De Bel20 zakte vorig jaar 18,5 procent. Maar veel aandelen op de Brusselse beurs kenden nog forsere klappen. Sommige aandelen halveerden. Niet zelden waren dat bedrijven die geen dividend uitkeren of waarvan het dividend in gevaar was. Zo zag het grootste aandeel van de Brusselse beurs, bierbrouwer AB InBev, zich genoodzaakt het dividend te halveren om de schuldenberg af te toppen. De eigenaar van winkelpanden Qrf zag de beurskoers halveren omdat hij in de loop van het jaar geen dividendprognose gaf. En Bpost verwende de aandeelhouder dan wel met een mooi Sinterklaasdividend, grote twijfels over het dividend in de komende jaren deden het aandeel kelderen.

Aandelengids 2019
Zaterdag 19/1, gratis bij De Tijd

Super koopjes op de beurs na de correctie van 2018?

60 Belgische aandelen om in de gaten te houden

Hoge dividendrendementen zijn aanlokkelijk, maar kunnen ook misleiden. ‘Dividenden liegen niet, maar dividendrendementen kunnen wel liegen’, zei ereprofessor beurswezen Roland Van der Elst onlangs. In de drie voornoemde gevallen steeg het dividendrendement omdat twijfels over het dividend de beurskoers deden kelderen. Het dividendrendement geeft immers de verhouding weer tussen het dividend en de beurskoers. Een brutodividendrendement boven 10 procent bijvoorbeeld - zoals in het geval van Bpost - doet bij beleggers best een alarmsignaal afgaan.

‘De duurzaamheid van het dividendrendement is veel belangrijker dan de hoogte van het dividendrendement’, zegt de Belg Nicolas Simar, beheerder bij NN Investment Partners. Simar is gespecialiseerd in het beheer van dividendaandelen. Dit beheer is bij NN IP goed voor 4 miljard euro. ‘In het verleden wezen extreme dividendrendementen op een businessmodel dat moeite heeft belangrijke cashflows te genereren of op een overdreven schuldgraad’, vervolgt Simar.

Hoe kunt u duurzame dividendbetalers herkennen?

‘Cruciaal is de mogelijkheid van een bedrijf om vrije kasstromen te genereren na investeringen die hoog genoeg zijn om de dividendbetalingen te dekken’, aldus Simar. ‘Om die reden lopen cyclische bedrijven met veel schulden het meeste risico om het dividend te verlagen wanneer de conjunctuur omslaat. Een beheerder in dividendaandelen gaat nakijken in welke scenario’s een bedrijf dividenden kan blijven uitkeren. Enerzijds hebben bedrijven die worden geraakt door disruptie, zoals postbedrijven en uitbaters van klassieke tv-zenders, moeite om voldoende cashflows te realiseren en dreigen in de toekomst in hun dividend te knippen. Anderzijds hebben wij bijvoorbeeld berekend dat de Europese oliebedrijven voldoende vrije kasstromen realiseren om het dividendrendement boven 5 procent waar te maken, zolang de olieprijs boven 50 dollar per vat noteert.’

Chat met marktenspecialist Serge Mampaey

Zijn er koopjes te doen op de beurs na de correctie van 2018? En waar moet u dan op letten? Stel uw vraag aan onze marktenspecialist Serge Mampaey op maandag 21 januari om 12 uur. U kan nu al uw vragen posten.

De Brusselse beurs kent geen oliebedrijven meer, maar andere sectoren met hoge dividenden zijn goed vertegenwoordigd. Ook in een internationale vergelijking hebben de Belgen - die traditioneel tuk zijn op coupons - geen reden tot klagen. ‘Het brutodividendrendement ligt voor België op 4,2 procent. Dat is meer dan in Europa (3,8%) en veel meer dan op Wall Street (2%)’, zegt Simar. ‘Het verschil in dividendrendement tussen enerzijds Belgische/Europese aandelen en anderzijds Amerikaanse aandelen wijst op een aantrekkelijkere waardering aan deze kant van de Atlantische Oceaan’, vervolgt Simar. ‘Maar een deel van het verschil wordt ook verklaard doordat de winstuitkeringsratio in Europa traditioneel hoger ligt dan in de VS. Amerikaanse bedrijven focussen bijvoorbeeld meer op het inkopen van eigen aandelen.’

Doorgaans heeft een bedrijf drie manieren om de aandeelhouders te belonen:

→ De klassieke manier is de uitkering van een dividend. Dat dividend wordt in België belast met 30 procent roerende voorheffing.

→ Een andere mogelijkheid is een kapitaalvermindering. Ook dat is een vorm van uitkering, maar hierbij is een vrijstelling van de roerende voorheffing mogelijk. Vorig jaar hebben de IT-dienstverlener Econocom en de infrastructuurspeler TINC belastingvrije kapitaalverminderingen doorgevoerd.

→ De derde mogelijkheid is het inkopen van eigen aandelen. Verscheidene Belgische bedrijven doen dat. Het voordeel van aandeleninkopen is het ontbreken van roerende voorheffing. De aandeelhouder krijgt op korte termijn geen geld op de rekening gestort, maar vermits het aantal aandelen vermindert, moet op lange termijn het dividendbedrag over minder mondjes worden verdeeld. Dat komt het dividend per aandeel ten goede. Een nadeel van de inkoop van eigen aandelen is dat de liquiditeit van een aandeel vermindert. Dat zou volgens experts een van de redenen zijn waarom de telecomoperator Telenet vorig jaar voor het eerst sinds de beursgang van 2005 de invoering van een regelmatig dividend bekendmaakte. Telenet wil de komende jaren 50 à 70 procent van de aangepaste vrije kasstroom uitkeren in dividendvorm. Daarmee telt de Brusselse beurs een nieuw dividendaandeel.

We hebben de belangrijke dividendaandelen van de Brusselse beurs in drie categorieën verdeeld: vastgoed, holdings en andere riante dividendbetalers.

©Mediafin


1. Vastgoedverhuurders

De gereglementeerde vastgoedvennootschappen (GVV’s), vroeger bekend als vastgoedbevaks, zijn de gulste dividendbetalers. Dat is ook wettelijk vastgelegd: een GVV moet minstens 80 procent van zijn winst uitkeren. In de tabel op de volgende bladzijde hebben we de tien GVV’s opgenomen waarvan het verwachte netto-dividendrendement het hoogst is: het varieert van 3,5 procent tot 5 procent. ‘Denk aan de algemene vuistregel: hoe hoger het dividendrendement, hoger de kansen op een dividendknip’, zegt Nicolas Simar. Bij kantoorverhuurder Befimmo (5%) hebben analisten al gewaarschuwd dat het toekomstige dividend niet langer gedekt is door de huurinkomsten. Magazijnspecialist WDP haalt met een nettodividendrendement van 2,7 procent de top tien niet. Dat is het gevolg van het ijzersterke trackrecord dat de groep uit Wolvertem heeft opgebouwd. Over 2017 keerde WDP 4,50 euro brutodividend uit, dat is ruim 50 procent meer dan tien jaar eerder (of een jaarlijkse groei van 4,4 procent).

15%
roerende voorheffing
Bij de specialisten in zorgvastgoed Aedifica en Care Property Invest bedraagt de roerende voorheffing op het dividend slechts 15 procent, in plaats van 30 procent.

Wie belegt in de specialisten in zorgvastgoed Aedifica en Care Property Invest ontvangt een nettodividendrendement van 3,1 procent. Het zijn de enige aandelen waar de roerende voorheffing 15 procent bedraagt in plaats van 30 procent. Met de maatregel wil de overheid investeringen in vergrijzing stimuleren.

2. Holdings

Ook investeringsmaatschappijen dragen dividenden hoog in het vaandel. Behalve de monoholdings Solvac (die alleen belegt in de chemiegroep Solvay) en Tubize (die alleen belegt in de farmagroep UCB) beschikken holdings over een gediversifieerde portefeuille, wat de risico’s op een vermindering, laat staan een schrapping van het dividend, verkleint.

Het strafste voorbeeld is Sofina van de familie Boël. Die holding heeft sinds 1976 elk jaar haar dividend opgetrokken. Sinds de oprichting in 1956 is de winstuitkering een paar keer stabiel gebleven, maar nooit verlaagd. Wie vandaag Sofina koopt, geniet een nettodividendrendement van 1,1 procent. Van alle grote, gediversifieerde holdings is dat het laagste rendement. Maar dat is ook een teken dat de markt het dividend van Sofina als het veiligste beschouwt.

GBL streeft naar een ‘continue en duurzame groei van het dividend’. Het dividend ging sinds 2003 elk jaar hoger. Momenteel biedt de groep rond de families Frère en Desmarais een nettodividendrendement van 2,7 procent.

Gimv staat bovenaan met een nettorendement van 3,8 procent. De investeringsmaatschappij streeft ernaar haar dividend niet te verlagen en het, als dat mogelijk is, duurzaam te verhogen. Maar in 2003 en 2004 bijvoorbeeld moest Gimv haar uitkering wel terugschroeven door uitzonderlijke omstandigheden.

3. ‘Gewone’ aandelen

Behalve vastgoed en holdings hebben we nog tien riante dividendbetalers geïdentificeerd met een nettodividendrendement van bijna 2 procent of meer. Telecomoperator Proximus prijkt bovenaan met liefst 4,4 procent nettodividend. Het rendement zegt dat de markt de duurzaamheid niet vanzelfsprekend vindt. De gezonde balans spreekt in het voordeel van Proximus.

Solvay wil een verlaging van het dividend absoluut vermijden. Dat is de officiële doelstelling van de raad van bestuur.

De chemiegroep Solvay vindt een dividend heilig, en maakt dat duidelijk op zijn website. ‘Wij willen jaarlijks het dividend verhogen, indien mogelijk, en een verlaging absoluut vermijden’, klinkt het. De groep heeft de voorbije 30 jaar het dividend nooit verlaagd. Over 2017 keerde Solvay 3,6 euro bruto uit, tegenover 0,62 euro in 1982. Dat impliceert een jaarlijkse dividendgroei van 5,6 procent over de voorbije 25 jaar. Wie vandaag Solvay koopt, geniet een nettodividendrendement van 2,8 procent. Solvay kopen kan ook via de monoholding Solvac. Via Solvac bedraagt het rendement nog iets hoger - 3,1 procent, maar omdat Solvac-aandelen allemaal op naam zijn, komt er meer administratie bij kijken. En via onlinebrokers is het niet altijd mogelijk Solvac te kopen.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content