Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Waarop letten als u dividendaandelen koopt?

Wie tuk is op dividenden, zit goed op de Brusselse beurs. Met een gemiddeld dividendrendement van 2,4 procent netto bieden Belgische aandelen een hogere opbrengst dan de meeste andere beleggingen. Toch houdt u deze 5 vragen best in het achterhoofd.
©Filip Ysenbaert

Het zijn harde tijden voor renteniers. Wie wil leven van terugkerende vaste inkomsten, kan niet langer terecht bij staatsobligaties nu de Europese Centrale Bank de rente ver onder het nulpunt heeft geduwd en u zelfs moet betalen om staatspapier in uw portefeuille te houden.

Ook kwalitatieve bedrijfsobligaties brengen minder op dan de inflatie. Met de schrale opbrengst van 0,11 procent op een spaarboekje houdt u de stijgende levensduurte al helemaal niet bij. Goud of grondstoffen zijn misschien een alternatief, maar ze leveren geen cashflows op, en dus ook geen coupons.

Aandelengids 2020

Uw wapen tegen de negatieve rente

Welke invloed heeft de negatieve rente op uw portefeuille? Is duurzame dividendaandelen kopen een goed idee? Of gaat u toch beter voor papieren bakstenen? En hoe werkt diversificatie met fondsen nu juist?

Als u een inkomen uit uw beleggingen wil halen, weet u maar beter een antwoord op bovenstaande vragen. Twijfelt u? Geen nood: u vindt alle antwoorden in de Aandelengids. Een uitgebreide gids vol tips en adviezen van specialisten, inclusief gedetailleerde fiches van 50 aandelen.

→ Bekijk hier de PDF van het magazine

De dividenden van veel aandelen vormen daarentegen een rots in de branding voor wie zijn rekening ieder jaar met wat extra cash gespekt wil zien. Op de Brusselse beurs bedraagt het gemiddelde dividend­rendement van alle aandelen die een coupon betalen 3,4 procent bruto.

Omdat Vadertje Staat daar 30 procent roerende voorheffing van afroomt, komt dat netto uit op 2,4 procent. Dat is meer dan de inflatie van zo’n 1 procent, zodat u alleen al met de jaarlijkse dividenden koopkracht wint. Vorig jaar trok 68 procent van de Belgische bedrijven die een dividend uitkeren zijn coupon op.

Internationaal beleggen

Indien u internationaal wil beleggen, moet u rekening houden met de dubbele roerende voorheffing. De MSCI World Index levert een bruto­dividendrendement op van 2,4 procent. Maar op de meeste buitenlandse aandelen betaalt u zowel bronheffing in het land van oorsprong als de Belgische dividendbelasting op het resterende bedrag.

Al zijn er uitzonderingen. Het Verenigd Koninkrijk heft bijvoorbeeld geen dividendtaks. Voor wie van plan is aandelen lange tijd aan te houden, scheelt dat een slok op de borrel.

Als belegger mag u de impact van dividenden niet onderschatten. De Zwitserse bank Credit Suisse rekende uit dat de winstuitkeringen op lange termijn goed zijn voor 40 procent van de opbrengst van aandelen. Dividendminnaars mijden het best bedrijven die geen coupon uitkeren, zoals de vele biotechnamen die nog geen producten op de markt hebben en geld moeten ophalen om zich te financieren in plaats van centen uit te delen.

Ook bedrijven die gefocust zijn op groei en al hun winst bewust herinvesteren, zijn geen voer voor beleggers die jaarlijks een uitkering wensen. Zelfs een onlinereus als Amazon betaalt nog altijd geen dollarcent dividend.

40
procent
De Zwitserse bank Credit Suisse rekende uit dat de winstuitkeringen op lange termijn goed zijn voor 40 procent van de opbrengst van aandelen.

Het kopen van de hoogst gerangschikten in onze lijst met beste dividendbetalers is meestal geen goed idee. Er zitten heel wat addertjes onder het gras. Een dividend is niet statisch. Bedrijven die floreren en over een gezonde balans beschikken, kunnen hun winstuitkeringen verhogen, of ten minste niet verlagen als het eens wat slechter gaat.

Goed geleide, gezonde bedrijven met een verleden van stabiele of stijgende coupons zijn echter schaars. Amper zeven namen slaagden er de voorbije kwarteeuw in hun coupon nooit te verlagen: Sofina, Ackermans & van Haaren, Lotus Bakeries, Solvay, UCB, Colruyt en Co.Br.Ha. Bij cyclische ondernemingen met zeer wispelturige winsten zijn de dividenden daarentegen vaak even wisselvallig. Denk aan groepen als Aperam, ArcelorMittal, Bekaert of Euronav. Waarop moet u vooral letten om duurzame dividenden te innen?

©Mediafin

1. Hoe staat het met de winst- en/of dividendvooruitzichten?

De economische handboekjes definiëren het dividend als een winstuitkering. Maar dat is niet altijd zo. Ondernemingen kunnen meer uitkeren dan hun winst, al is dat vanzelfsprekend een eindig verhaal als die situatie aanhoudt.

Vorig jaar keerden Bekaert, Telenet en Fluxys Belgium meer uit dan hun nettowinst. Indien de bedrijven over stevige balansen beschikken of riante cashflows realiseren, is dat geen probleem. Zelfs in een verlieslatend jaar kunnen zulke bedrijven trouw hun coupon storten.

De bedrijfsresultaten zijn echter cruciaal om het dividend op lange termijn te bepalen. Bij Bpost, dat op de hoogste trede van de dividendladder stond in 2019, is een dividendverlaging een zekerheid. De interim-coupon van december lag al 42 procent lager dan het jaar voordien.

Het groeiende pakjesvervoer kan de dalende brievenpost niet compenseren. Aangezien Bpost de strategie hanteert om 85 procent van zijn nettowinst uit te keren, betekent een lager resultaat dus ook een magerder coupon. Analisten rekenen op een daling van 1,31 tot 0,7 à 0,8 euro bruto per aandeel.

De bedrijfsresultaten zijn cruciaal om het dividend op lange termijn te bepalen.

Gelukkig hebben al veel bedrijven signalen uitgestuurd dat het met de winstcijfers de goede richting uitgaat. Ondernemingen als Barco, Brederode, D’Ieteren, Euronav, GBL, Ageas, Immobel, Kinepolis, Lotus of zelfs het kleine Moury Construct boeken hogere winsten, met wellicht hogere coupons tot gevolg.

De zogeheten pay-outratio kan een indicatie geven over de standvastigheid van het dividend. Die ratio geeft het percentage weer van de winst die een bedrijf als dividend uitkeert. Hoe kleiner het deel van de winst dat wegvloeit, hoe groter de buffer om een mindere periode op te vangen.

Een lage pay-outratio biedt bovendien de mogelijkheid om volop te investeren als dat nodig is zonder extra schulden aan te gaan, en doet het eigen vermogen stijgen. Bij de bedrijven die minder dan een derde van hun winst uitkeren, zitten namen als D’Ieteren, Deceuninck, Miko, Spadel, Fagron, Picanol en Resilux.

2. Wat met de cashflows?

Het onderste lijntje van de resultatenrekening, de nettowinst, zegt niet alles. Bedrijven kunnen hoge en gezonde cashflows genereren, maar toch amper nettowinst boeken omdat ze veel investeren of omdat ze veel rentelasten op schulden moeten ophoesten.

10 procent
Vrije cashflowrendement Telenet
Het vrije cashflowrendement van Telenet benadert 10 procent, dankzij de meer dan 2 miljoen kabelklanten en bijna 3 miljoen mobilofoonklanten

Telenet is er zo eentje.De telecomgroep is een cashflowkoe. Dankzij de meer dan 2 miljoen kabelklanten en bijna 3 miljoen mobilofoonklanten benadert het vrije cashflowrendement 10 procent. De schuldgraad van zowat 4 keer de brutobedrijfswinst (ebitda) is daardoor niet problematisch. Een dividendverlaging zit niet in de pijplijn.

Dat geldt ook voor Proximus. Met de armlastige overheid als meerderheidsaandeelhouder is er heel wat druk om de coupon op peil te houden. Gezien Proximus een stabiele ebitda voor 2019 voorspelt en de schuldgraad van 1,1 een pak kleiner is dan bij Telenet, mag u een stabiele coupon van anderhalve euro verwachten, ook al moet de groep veel investeren om haar netwerk up-to-date te houden. Bij Orange Belgium kan er iets bijkomen omdat het de enige telecomgroep is die ook in omzet nog kan groeien.

Telenet is een cashflowkoe. De schuldgraad van zowat 4 keer de brutobedrijfswinst (ebitda) is daardoor niet problematisch.

Hoge, voorspelbare cashflows en uitgaven laten toe dividenden goed te voorspellen. TINC belooft de coupon gelijke tred te laten houden met de inflatie. De investeerder in infrastructuur kan dat maar doen omdat de projecten in de portefeuille gedurende tientallen jaren op voorhand afgesproken rendementen bieden, terwijl de schulden tegen een vaste rente zijn vastgeklikt.

Sommige vennootschappen waarschuwden voor lagere cashflows. Zoals de versevoedingsgroep Ter Beke. De listeriabesmetting in een Nederlandse fabriek zal een tiende van de ebitda kosten. In tegenstelling tot de fruit- en groentereus Greenyard, die hetzelfde meemaakte en zijn dividend moest schrappen, zien we Ter Beke de coupon wél overeind houden. De balans is sterk genoeg om een slecht jaar te overbruggen.

3. Zijn de schulden onder controle?

Daarmee komen we tot nog een cruciale factor voor de duurzaamheid van het dividend. Bedrijven met veel schulden zijn vatbaarder voor de grillen van de conjunctuur of voor andere tegenslagen. Vorig jaar halveerde de schuldenkampioen AB InBev zijn dividend, wat zelfs een onverwacht gat in de Belgische schatkist sloeg. Bij de tapijtenmaker Balta, die een schuldratio van 3,7 keer zijn ebitda torst, zou een dividendschrapping dit jaar de logische beslissing zijn.

Ondernemingen met cash op de balans of amper schulden kunnen daarentegen hun dividend behouden in magere tijden. Zo liet de chipmaker voor de autosector Melexis al uitschijnen dat hij niet aan het dividend wil tornen, ondanks de mindere cijfers over 2019. De serverspecialist EVS kan dankzij zijn riante spaarpot beloven het dividend drie jaar op 1 euro te betonneren.

4. Biedt het verleden inzicht?

Zoals in veel vakgebieden kan de geschiedenis ons iets leren over de toekomst. Wedden dat Solvay ondanks de lichte daling van de ebitda zijn dividend zal optrekken? De chemiegroep zal niet willen breken met de traditie. Bovendien hebben de vele familiale aandeelhouders de coupons nodig om van te leven. Dat geldt ook voor pakweg Sofina of Ackermans & van Haaren.

Sommige bedrijfsleiders hebben zelf al dividendvooruitzichten vooropgesteld. Projectontwikkelaar Immobel wil zijn coupon een tiende laten stijgen. Het Congolese Texaf mikt traditiegetrouw op 20 procent. Bij GBL moeten de omstandigheden al ‘erg uitzonderlijk’ zijn om de coupon niet minstens stabiel te houden.

5. Wie koopt aandelen in?

Een andere manier om de aandeelhouders te vergoeden, is via de inkoop van eigen aandelen. Als een bedrijf de ingekochte stukken vernietigt, kan de koek over een kleiner aantal aandelen verdeeld worden. Onder meer Ahold Delhaize, Ageas, D’Ieteren, Resilux en Econocom zijn grote inkopers. Die laatste koppelt dat aan een stevig dividend. Beleggers hebben echter twijfels over het businessmodel, nu steeds meer in de ‘cloud’ gebeurt in plaats van via servers die de IT-groep kan verhuren.

Bovendien kampt Econocom met veel wissels aan de top en onzekerheid over het besparingsplan. Dat deed de koers in twee jaar twee derde kelderen. Een dividend verwent u als aandeelhouder, maar uiteindelijk bepaalt de operationele en financiële gang van zaken nog altijd het eindrendement.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud