Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Tien geldvragen aan Réginald Moreels

Zodra dat weer mogelijk is, reist humanitair chirurg Réginald Moreels (70) voor de 19de keer naar Oost- Congo, waar hij een chirurgische eenheid wil bouwen. ‘Vroeger was ik sponsor, nu ben ik zelf een professionele bedelaar.’
©BELGAIMAGE

1. Is geld belangrijk?

‘Ik zou liegen mocht ik zeggen dat geld niet belangrijk is. Zeker als ouder en grootouder heb je ook een verantwoordelijkheid tegenover je familie, om ervoor te zorgen dat je in de bres kan springen bij problemen. En het is ook gemakkelijker om iets te geven aan mensen die het nodig hebben als je zelf voldoende geld hebt. Jammer genoeg heb ik ervaren dat de meest begoede mensen vaak ook het gierigst zijn.’

2. Bent u vrijgevig?

‘Naast de Belgische afdeling van Artsen Zonder Grenzen richtte ik nog tal van vzw’s op. Daar heb ik zelf tamelijk veel geld ingestoken. Als chirurg heb ik ook nooit een private praktijk gehad, want dat was niet verenigbaar met mijn humanitair werk. Daardoor heb ik altijd veel minder verdiend dan de klassieke specialisten. En intussen heb ik een project in Beni, in Oost-Congo, waar ik de enige gediplomeerde chirurg in de streek ben. Aan dat project heb ik toch al enkele tienduizenden euro’s besteed. Maar onze kinderen zullen er niets door ontberen.’

3. Lukt het sponsors te vinden voor uw project in Congo?

‘Vroeger was ik als staatssecretaris en minister voor Ontwikkelingssamenwerking een sponsor, nu ben ik een professionele bedelaar. Ik moet continu bedelen, hoewel ik een giftfonds heb bij de Koning Boudewijnstichting en enkele topfamiliebedrijven al een serieuze bijdrage hebben geleverd. Ik merk wel dat mijn deelname aan de VIER-serie ‘Topdokters’ tot opvallend veel nieuwe giften heeft geleid.’

4. Wat is uw beste investering?

‘De studies van mijn kinderen. Studies monden altijd uit in een job. En een job is een enorm belangrijke factor die bijdraagt tot persoonlijk, familiaal en maatschappelijk welzijn.’

5. Wat is uw slechtste financiële beslissing?

Ik kocht en verkocht te impulsief om veel te verdienen met investeringen in vastgoed.

‘Mijn investeringen in vastgoed hebben me nooit veel opgebracht. Daarvoor kocht en verkocht ik vaak te impulsief, terwijl ik soms ook veel te goedgelovig was tijdens prijsonderhandelingen. Ik heb ooit mijn vraagprijs laten zakken toen een vrouw een sentimenteel verhaal ophing over een gehandicapte zoon, terwijl ze achteraf wel ontzettend gefortuneerd bleek.’

6. Belegt u?

‘Mijn vrouw en ik zijn niet rijk, maar wel begoed. We hebben een relatief klein bedrag op onze spaarrekening, genoeg om in ons dagelijks levensonderhoud te voorzien. De rest van het vermogen laten we beheren door onze bankier. Ik beleg wel alleen in ethische producten en beleggingsfondsen. Ik zou niet willen dat met mijn geld de wapenindustrie wordt gefinancierd.’

7. Wat is uw grootste ergernis over geldzaken?

‘Ik heb een groot misprijzen voor mensen die belastingen ontduiken. Wie sjoemelt, onttrekt zich aan de solidariteit die de basis is van onze sociale zekerheid. Daardoor wordt de kloof tussen arm en rijk alleen maar groter.’

8. Spendeert u veel geld aan reizen?

‘Zodra het weer kan, begin ik aan mijn 19de zending naar Beni. Die vluchten betaal ik uit eigen zak. Als ik weer thuis ben, ga ik graag een weekend naar Parijs. Dat is wereldwijd mijn geliefkoosde hoofdstad.’

9. Bent u tevreden over uw wettelijk pensioen?

‘Tijdens mijn carrière heb ik alle mogelijke statuten gehad: ik was werknemer, lange tijd zelfstandige en zes jaar parlementslid. Daardoor krijg ik verschillende pensioenuitkeringen. En ik moet eerlijk zijn: vooral mijn parlementair pensioen levert me een leefbaar pensioen op. Mijn vrouw en ik hebben samen een pensioen van goed 2.500 euro, waarover je zeker niet mag klagen als je ook een eigen huis hebt en wat geld opzij hebt gelegd.’

10. Hebt u al nagedacht over uw successieplanning?

‘Voor ons is het eenvoudig: ons vermogens wordt netjes verdeeld over onze vier kinderen. Gelukkig heb ik kinderen die hun ouders nog altijd liever zien dan de erfenis. We proberen hen ook te helpen waar nodig. Mijn jongste zoon en mijn schoonzoon werken beiden in de horeca. Zij kunnen nu een extraatje gebruiken. Het heeft geen zin hen te laten wachten op een erfenis.’

Meer interviews op
www.netto.be/geldvragen


Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud