Netto Het antwoord op al uw geldvragen
Advertentie
Advertentie

Uw erfenis plannen en toch de controle behouden? Hoe ver mag u gaan?

Door voorwaarden te koppelen aan een schenking of die op te nemen in uw testament, kunt u uw vermogen doorgeven en het toch in de gewenste richting sturen. Maar de beperkingen die u oplegt, mogen geen molensteen rond de nek van uw erfgenamen worden.
©Filip Ysenbaert

Afstand doen van iets waar u uw hele leven hard voor gewerkt of gespaard hebt: het bezorgt velen koudwatervrees. ‘Sommigen willen de touwtjes strak in handen houden, anderen hebben er veel minder problemen mee. Dat geldt zeker voor oudere mensen wier kinderen bijvoorbeeld al een volmacht hebben op hun rekening’, weet notaris Jelle Van Hove.

Het vermogen dat u tijdens uw leven opbouwt, zal bij uw overlijden onvermijdelijk in handen komen van uw erfgenamen. Zij kunnen er dan mee doen wat ze willen: de goederen bijhouden, verkopen, wegschenken of gewoon opleven. Het is echter best mogelijk dat u enkele beperkingen wenst op te leggen aan die beschikkingsvrijheid.

Misschien is het helemaal niet de bedoeling dat uw erfgenamen onbezonnen met dat vermogen (kunnen) omspringen. Of misschien wilt u de latere bestemming van dat vermogen vastleggen, door bijvoorbeeld de schoonfamilie uit te sluiten of een tweede erfgenaam aan te duiden als de oorspronkelijke erfgenaam komt te overlijden. Een testament is een goede manier om die controle te behouden. Want u kunt het gebruiken als instrument om uw vermogen in de juiste richting te sturen, zelfs na uw overlijden.

Ook wie al tijdens zijn leven goederen wegschenkt, wil vaak wel al geven, maar het betrokken goed toch niet kwijtraken. Volgens het principe ‘gegeven is gegeven’ kan de begunstigde echter doen en laten wat hij wil met een schenking. Hannes Casier, partner bij Argo Law: ‘Een schenking wordt daarom vaak aangekleed met zogenaamde “modaliteiten”. Die kunnen divers zijn, en de schenker kan ze opleggen vanuit verschillende invalshoeken. Zo kan de schenker zijn eigen positie beschermen (denk aan een voorbehoud van vruchtgebruik), het familiale karakter van het vermogen versterken (door een verbod op te leggen om het vermogen in de huwgemeenschap te brengen) of – nog anders – door de schenking te laten ontbinden als er zich in de toekomst ongewenste situaties aandienen.

Die syndromen zijn van alle tijden, en het aantal modaliteiten dat een oplossing biedt, is beperkt.
Alain Verbeke, Greenille Private Client

Waarom voorwaarden koppelen?

‘De meest voorkomende modaliteiten beantwoorden aan wat wij twintig jaar geleden al “de syndromen van de schenker” hebben genoemd. Angstbeelden die hij in bedwang wil houden’, legt erfrechtspecialist Alain Verbeke van Greenille Private Client uit.

1/ ‘Bij het baronsyndroom wil men de controle over het vermogen behouden. Typische modaliteiten zijn het “voorbehoud van vruchtgebruik”, het “vervreemdingsverbod” en het “bewind”, waarbij een bewindvoerder het geschonken vermogen beheert in het belang van de begiftigde.’

2/ ‘Het naaktheidssyndroom is de vrees om inkomsten en opbrengsten te verliezen, ook wel omschreven als “zich uitkleden voor het slapengaan”. Een “voorbehoud van vruchtgebruik” en de “last tot betaling van een bedrag aan de schenker” zijn hiervoor de meest geschikte oplossingen.’

3/ ‘Sommige schenkers willen het vermogen bijeenhouden en verder doen aangroeien (het zogenaamde dynastiesyndroom. Voor hen is een “doorgeefplicht” (of “fideï-commis de residuo”) een efficiënte techniek, want daarmee houd je het vermogen binnen de bloedlijn van de eigen afstammelingen.’

Een schenking moet wel een schenking blijven. De totale last van alle modaliteiten mag niet zwaarder wegen dan het bedrag van de schenking.
Hannes Casier, Argo Law

4/ ‘Het zogenaamde Ferrarisyndroom wil kinderen beschermen tegen zotte uitgaven en verspilling. Het “vervreemdingsverbod” kan daarvoor worden gebruikt.’

5/ ‘Voor het heksensyndroom, de angst voor slechte invloeden van de schoonfamilie, zijn er de zogenaamde “uitsluitingsclausule” (bij echtscheiding kan niets van de schenking naar de ex-echtgenoot/echtgenote gaan) en de “doorgeefplicht”.’

6/ ‘Het laatste syndroom is het zogenaamde belastingsyndroom, waarbij onder meer de “conventionele terugkeer” hoort, omdat die clausule erfbelasting vermijdt bij een vooroverlijden van de begiftigde.’

‘Die syndromen zijn van alle tijden, en het aantal modaliteiten dat een oplossing biedt, is beperkt. Uiteraard zijn er wel evoluties merkbaar. Zo is het vruchtgebruik vaak niet voldoende om komaf te maken met het naaktheidssyndroom. Meer en meer zien we dat aanvullend ook een last tot betaling van een rente wordt ingelast.’

Geen schrikbeeld, maar een logische bekommernis is dat de meeste ouders al hun kinderen gelijk willen behandelen.

Zijn er grenzen aan de beperkingen?

Hoewel het een gangbare praktijk is om modaliteiten te koppelen aan een schenking, zijn er grenzen aan hoever u daarmee kunt gaan. ‘Twee spelregels bepalen welke modaliteiten aan een schenking kunnen worden gekoppeld’, legt Bart Verdickt van Greenille Private Client uit.

‘De eerste is dat een schenking onherroepelijk is. Dat betekent dat de schenker direct noch indirect de mogelijkheid mag hebben om op de schenking terug te komen.’ Een bepaling die neerkomt op “ik geef je dit, op voorwaarde dat ik me niet bedenk”, is dan ook uitgesloten.

De schenker mag direct noch indirect de mogelijkheid hebben om op de schenking terug te komen. En de modaliteiten mogen nooit in strijd zijn met de openbare orde.
Bart Verdickt, Greenille Private Client

Een uitzondering op die onherroepelijkheid is de schenking tussen echtgenoten. Zo’n schenking kan op elk moment teruggedraaid worden, tenzij ze is opgenomen in het huwelijkscontract.

‘Ten tweede mogen de modaliteiten niet strijdig zijn met de openbare orde’, aldus Verdickt. ‘Zo kan de schenker niet opleggen als last van de schenking dat de begiftigde een bepaald beroep niet mag uitoefenen of met een bepaalde persoon niet mag trouwen.’

‘En vanzelfsprekend moet een schenking een schenking blijven. De begiftigde moet ‘netto’ iets krijgen. Dat impliceert dat de totale last van alle modaliteiten niet zwaarder mag wegen dan het bedrag van de schenking’, geeft Casier mee.

‘In een testament kunnen eveneens voorwaarden worden opgenomen’, aldus Casier. ‘Uiteraard is daarbij geen sprake van onherroepelijkheid, aangezien de persoon die het testament heeft opgesteld – de “testator” in het jargon – overleden is op het moment dat het testament uitwerking krijgt. Daarentegen is wel de regel van toepassing dat de lasten van de modaliteiten niet groter mogen zijn dan de waarde van de gelegateerde goederen.’

Welke beperkingen bestaan er?

‘Een eerste type beperkingen zijn de lasten‘, geeft Verbeke mee. ‘Dat zijn verplichtingen die de schenker oplegt aan de begiftigde.’ De verplichting om iets te doen, iets niet te doen of om iets te geven. Lasten kunnen aanleiding geven tot de ontbinding van de schenking, meer bepaald als de begiftigde de opgelegde last niet uitvoert. ‘De bekendste last is de verplichting om maandelijks of jaarlijks een bepaald bedrag aan de schenker te betalen’, stipt Verbeke aan.

Een tweede type zijn de voorwaarden. Dat zijn onzekere gebeurtenissen.

1/ Een ontbindende voorwaarde draait de schenking terug als die voorwaarde zich vervult. Denk aan het vooroverlijden van het begiftigde kind. Of een begiftigde die ongewenste gedragingen stelt waarvan de schenker en de begiftigde hebben afgesproken dat die aanleiding geven tot de ontbinding van de schenking. Denk aan een drugsverslaving, of lid worden van een sekte.

2/ Anders gaat het eraan toe bij een opschortende voorwaarde. De schenking komt dan weliswaar tot stand door de aanvaarding, maar de uitvoering is gekoppeld aan bepaalde situaties, bijvoorbeeld het behalen van een bepaald diploma.

Vooral ontbindende voorwaarden worden vaak gekoppeld aan schenkingen. Opschortende voorwaarden komen minder voor, maar zijn daarom niet minder geldig. ‘Opschortende voorwaarden kunnen niet worden gekoppeld aan een handgift of aan een onrechtstreekse schenking, in tegenstelling tot ontbindende voorwaarden.’

Het verschil met een last is dat de verplichting niet rust op de begiftigde. Hij moet alleen hopen dat de voorwaarde in vervulling gaat in het geval van een opschortende voorwaarde en zich niet voordoet bij een ontbindende voorwaarde.

‘Minder voorkomend zijn de termijnen’, zegt Verbeke. ‘In tegenstelling tot voorwaarden zijn dat zekere gebeurtenissen, bijvoorbeeld de opschortende termijn van het overlijden van de schenker. Ook ontbindende termijnen zijn mogelijk, waarbij het vermogen met zekerheid terugkeert naar de schenker.’

Aan welk syndroom lijdt u?

Baronsyndroom:
u wilt de controle over uw vermogen behouden.
Naaktheidssyndroom:
u vreest uw inkomsten en opbrengsten te verliezen.
Ferrarisyndroom:
u wilt uw kinderen beschermen tegen zotte uitgaven en verspilling.
Heksensyndroom:
u vreest slechte invloeden van de schoonfamilie.

Hoe schenken?

‘Modaliteiten stranden soms ook op de vorm van de schenking’, stipt Casier aan. ‘Eigenlijk zijn er drie vormen van schenkingen: de schenking via een akte voor een notaris, de handgift en de onrechtstreekse schenking.’

De notariële schenking kan de meest uitgebreide modaliteiten bevatten. De belangrijkste grenzen hebben we hierboven al vermeld.

De handgift daarentegen vindt haar beperkingen in haar eigen vorm: de overdracht van een roerend goed (bijvoorbeeld van een schilderij) van hand tot hand. Aangezien die overdracht van hand tot hand een van de kernelementen ervan is, kunnen er geen modaliteiten zijn die deze overdracht onmogelijk maken.

Zo kan een schenker zich geen vruchtgebruik voorbehouden op een voorwerp dat hij via handgift schenkt. Het vruchtgebruik omvat immers altijd het recht tot gebruik en dus het fysiek bijhouden van het voorwerp.

‘Modaliteiten die dit principe van overdracht niet in de weg staan, zijn dus wel mogelijk. Zo kan men perfect een verbod opnemen om een voorwerp in de huwgemeenschap in te brengen. Daarbij zal het wel belangrijk zijn om het bestaan van de voorwaarden te kunnen bewijzen. Een zogenaamd “pacte adjoint” kan daartoe een oplossing bieden.’

Een onrechtstreekse schenking, zoals een bankgift of een betaling voor iemand anders, kan evenzeer modaliteiten bevatten. ‘Vooral bij de bankgift moeten we waken over de fiscaliteit. Terwijl een voorbehoud van vruchtgebruik bij een handgift de fysieke overdracht in de weg staat, is dat bij de bankgift niet het geval. Het is immers technisch mogelijk om een bankgift met voorbehoud van vruchtgebruik te doen. Een dergelijke bankgift strandt echter op de fiscale regels: de fiscus zal zo’n schenking bij overlijden van de schenker neutraliseren en belasten alsof de schenking deel uitmaakt van de nalatenschap

Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud