Hervorming van deeltijds werken: gevaar voor uw privéleven?

©ANP XTRA

De vakbonden trekken van leer tegen de plannen van minister van Werk Kris Peeters (CD&V) om deeltijds werken te moderniseren. De plannen maken de combinatie werk-privé onmogelijk, zeggen ze. Wat staat precies op stapel?

De federale regering wil deeltijds werken moderniseren. Voor de werkgevers moet de hervorming de administratieve lasten verlichten zonder dat dat afbreuk mag doen aan de rechten van de werknemers. Maar de vakbonden vinden de voorstellen onaanvaardbaar. Daarom voerden ze eerder deze week actie.

Wie deeltijds werkt, kan dat op verschillende manieren doen. Zo kan de werknemer akkoord gaan met een deeltijdse arbeidsregeling met een vast werkrooster. Het bedrijf kan dan met de werknemer afspreken dat hij 16 uur per week zal werken en ook wanneer precies, bijvoorbeeld elke maandag, dinsdag, woensdag en donderdag van 7 tot 11 uur. Is er een vast werkrooster, dan weet de werknemer precies wanneer hij aan de slag moet. De werkgever moet de betrokkene niet op voorhand optrommelen.

Er zijn nog andere mogelijkheden. Zo kan de werknemer afspreken om bijvoorbeeld 20 uur per week te werken met een variabel werkrooster. De werknemer weet dan dat hij 20 uur per week moet presteren, maar niet wanneer precies. De dagen en uren liggen niet op voorhand vast. De werkgever moet de werknemer minstens vijf werkdagen op voorhand oproepen.

Vaak zijn deeltijdse werknemers ‘ploetermoeders’ die geen andere keuze hebben dan akkoord te gaan met een variabel werkrooster.
Matthieu Marin
Woordvoerder BBTK

Maar volgens het ontwerp dat voor advies is voorgelegd aan de Nationale Arbeidsraad zal de werkgever de werknemer voortaan één werkdag op voorhand kunnen oproepen. De vakbonden vrezen dat de verkorting van die termijn het leven voor veel deeltijdse werknemers zal bemoeilijken. Vaak gaat het om alleenstaande moeders, ‘ploetermoeders’, die geen andere keuze hebben dan in te gaan op het werkaanbod in bijvoorbeeld de warenhuissector of de zorgsector, waar variabele werkroosters worden opgelegd, zegt Matthieu Marin, woordvoerder van de socialistische bediendebond BBTK. ‘Ook maakt de korte oproeptermijn de combinatie van twee deeltijdse jobs onmogelijk’.

Onverwachte pieken

De ondernemersorganisatie Unizo merkt op dat er al kortere oproeptermijnen bestaan in de horeca, de textielverzorging en de schoonmaaksector. ‘Allemaal sectoren waar de vakbonden eerder al met een kortere oproeptermijn akkoord zijn gegaan. Voor de werkgever is het soms onmogelijk al vijf werkdagen op voorhand te bepalen of hij een extra arbeidskracht moet inschakelen of niet. Denk aan activiteiten die sterk afhangen van het weer of waar onverwachte pieken kunnen zijn’, zegt Caroline Deiteren, sociaal adviseur bij Unizo.

Deeltijds werken kan nog flexibeler. De werkgever kan met de werknemer ook de afspraak maken dat hij ‘gemiddeld’ 20 uren per week zal werken over een periode van drie maanden tot maximaal een jaar. Die spreiding over een referteperiode van een jaar kan ook nu al àls de werknemersvertegenwoordigers daarmee akkoord gaan. Wordt er alleen een gemiddelde wekelijkse arbeidsduur afgesproken, dan is de wekelijkse arbeidsduur niet elke week dezelfde. En dat maakt de organisatie werk-privé voor veel deeltijdse werknemers een stuk complexer.

‘Het kan ertoe leiden dat een werknemer in de zomer 38 uur per week presteert en in de winter amper een paar uur per week’, melden de vakbonden. Unizo bevestigt dat, maar zegt dat het alternatief niet beter is. ‘Denk aan de brandstoffenhandelaren, die het erg druk hebben in de wintermaanden. Als iemand voor een brandstoffenhandelaar aan de slag gaat, weet hij dat hij tijdens de wintermaanden veel zal werken, en minder in de zomer. Maar wat is het alternatief? Dat de werkgever de werknemers alleen aan het werk zet in de winter en de betrokkene slechts voor enkele maanden in dienst neemt of tijdens de zomer doet overschakelen op werkloosheid?’, stelt Deiteren.

Het wetsontwerp werpt een dam op tegen al te grote schommelingen in de werkroosters. Zo zal een deeltijdse werknemer per week minstens een derde moeten presteren van de arbeidsduur van een voltijdse werknemer, net zoals nu. Bovendien zal hij op werkdagen minstens drie uur moeten presteren. En niet slechts één of twee uur, een maatregel die voor de ondernemingen dan weer niet ver genoeg gaat.

Overloon

Tot slot maken de vakbonden zich zorgen over het overloon. Als een werkgever het gemiddelde aantal gewerkte uren mag spreiden over een jaar in plaats van over een maand of een kwartaal, is de kans kleiner dat de werkgever overloon moet betalen. Die toeslag op het normale loon is nu verschuldigd zodra een deeltijdse werknemer op weekbasis drie uur meer werkt dan afgesproken.

Voor voltijdse werknemers zijn de criteria strenger om in aanmerking te komen voor een toeslag op het loon, werpt Deiteren tegen. ‘We willen het loon voor de gepresteerde uren betalen. Maar we zien niet in waarom een deeltijdse werknemer gemakkelijker een toeslag moet krijgen dan een voltijdse. Denk aan een vrachtwagenchauffeur die meer presteert dan gepland omdat hij drie uur in de file heeft gestaan.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect