netto

Wie flexibel mag werken, houdt langer vol

Wie meer zelf de controle krijgt over tijd en plaats van werken, is meer bereid langer te werken. ©Bert Verhoeff/Hollandse Hoogte

17 procent van de Belgische werknemers kan tot op zekere hoogte zelf kiezen wanneer en/of waar hij/zij werkt. Wie die keuzemogelijkheden krijgt, vertoont minder stress en fysieke klachten, en is gemiddeld meer bereid om langer te werken.

De cijfers komen uit een onderzoek van de hr-dienstverlener Securex in samenwerking met professor Frederik Anseel (UGent), gevoerd bij een respresentatief staal van ruim 1.300 werknemers uit een breed scala aan bedrijven.

31 procent van de werknemers kan kiezen wanneer hij werkt, bijvoorbeeld in de namiddag vrij vroeg stoppen en na bedtijd van de kinderen nog wat doorwerken, of bijvoorbeeld ’s ochtends kunnen kiezen wanneer men start. 30 procent kan dan weer kiezen waar hij werkt: in het bedrijf dan wel thuis of bijvoorbeeld in een satellietkantoor. 17 procent heeft beide keuzes in zekere mate in de hand.

De keuzemogelijkheden vallen wat vaker dan gemiddeld te beurt aan mannen, jonge werknemers, hoogopgeleiden, kaderleden en leidinggevenden. Plaats- of tijdonafhankelijk (mogen) werken leidt tot minder stress (58% tegenover 66% bij wie niet kan kiezen) en fysieke klachten, meer plezier in het werk en een grotere betrokkenheid bij het bedrijf. En, niet onbelangrijk in het actuele debat, tot een grotere bereidheid tot langer werken: 79 % is daartoe bereid, tegen 72% van wie geen keuzemogelijkheden heeft. Leeftijd en statuut bepalen mee of men langer wil werken, maar flexibel mogen werken blijkt een sterkere factor - let wel: het gaat om een correlatie, daarom nog geen oorzakelijk verband.

Geen mirakels

Is tijd- en plaatsonafhankelijk werken dan toch de mirakeloplossing voor alle problemen, van stress over mobiliteit tot het evenwicht tussen werk en privéleven? ‘Toch niet’, nuanceert Anseel. ‘Zo werd het in het begin voorgesteld door de ‘believers’. Daar kwam inmiddels een tegenreactie tegen, bijvoorbeeld van Marissa Mayer, die de werknemers nog verbood thuis te werken omdat Yahoo amper nog wist wie allemaal wanneer voor het bedrijf werkte. De waarheid ligt in het midden. Er zijn zeker positieve effecten, maar we zagen ook al dat wie meer dan de helft van de tijd thuis werkt, de voeling met de collega’s verliest. Het werkt, maar voor de ene werknemer beter dan voor de andere, en ook de randvoorwaarden in het bedrijf moeten goed zitten.’

Het werkt voor mensen die nood hebben aan zeggenschap, en minder aan regels en regelmaat. Het werkt in bedrijven met een mensgerichte bedrijfscultuur die niet te hiërarchisch en bureaucratisch is. Daar verbetert de werknemerstevredenheid, de innovatiekracht, zelfs de marktprestaties in vergelijking met concurrenten.

Vreemd genoeg dringen de effecten van tijd- en plaatsonafhankelijk werken minder door in organisaties met een hoge syndicalisatiegraad. Anseel wil niet met zoveel woorden gezegd hebben dat vakbonden tegen flexibel werken zouden zijn. 'Je komt in het spanningsveld van individuele oplossingen en collectieve afspraken. Vakbondsafgevaardigden zijn geneigd de mensen te beschermen, bijvoorbeeld tegen te veel uren werken. Zij vragen dan bijvoorbeeld dat men zich moet registreren bij het thuiswerk en niet na bepaalde uren mag werken. Daardoor neem je echter opnieuw autonomie af van de werknemer, en verminderen de positieve effecten.’ 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect