Verzekeraar snijdt opnieuw in rendement groepsverzekering

©Photo News

Allianz, een van de grotere aanbieders van groepsverzekeringen in ons land, verlaagt het rendement op stortingen in groepsverzekeringen van 1,5 naar 1 procent. De werkgever moet zijn werknemers drie keer meer garanderen.

Allianz plaatst de bedrijven in zijn klantenportefeuille voor een onaangename verrassing. Nadat de verzekeraar de rentevoet op groepsverzekeringen eerder dit jaar had verlaagd van 2,25 naar 1,5 procent, stuurt ze de rentevoet opnieuw neerwaarts bij, een gevolg van de aanhoudend lage rentes op de financiële markten.

1 procent
Allianz laat het rendement op nieuwe stortingen voor een groepsverzekering zakken naar 1 procent. Dat is vooral slecht nieuws voor de werkgevers die het verschil moeten bijpassen.

Die lagere rentevoet geldt niet alleen voor contracten die sedert 1 oktober worden afgesloten ( nieuwe aansluitingen voor nieuwe werknemers in een bedrijf). De rentevoet van 1 procent is ook van toepassing op lopende pensioenplannen ‘zonder waarborg op toekomstige premies’. Concreet: Ook in een rist bestaande pensioenplannen zullen stortingen vanaf 1 oktober maar tegen 1 procent op renten.

Het is niet duidelijk of andere verzekeraars Allianz volgen. Marktleider AG Insurance benadrukt dat een verdere verlaging van de rentevoet niet aan de orde is. Baloise Insurance heeft geen concrete plannen om de rentevoet verder te laten zakken. ‘Maar we sluiten een verdere verlaging niet uit’, zegt woorvoerder Bart Walraet. AXA en Vivium blijven het antwoord nog schuldig.

De verzekeringsmaatschappijen hebben de rentevoeten sinds 2012 beetje bij beetje verlaagd. Eerder dit jaar brachten AG Insurance, AXA, Allianz, Baloise en Vivium de rentevoet van 2,15 op 1,50 procent, een rendement dat mogelijk nog wordt aangevuld met winstdeelnames.

Die renteverlagingen plaatsen de werkgevers voor een immense uitdaging. De bedrijven die hun personeel een pensioenplan aanbieden, moeten 3,25 procent waarborgen op de stortingen die ze in dat pensioenplan doen. Op de eigen bijdragen van de werknemer moet de werkgever 3,75 procent garanderen. De werkgever moet dat rendement op tafel leggen als de werknemer met pensioen gaat.

Met ingang van 1 oktober garandeert Allianz dus minder dan een derde van het minimumrendement waarvoor de werkgever garant staat. De werkgever moet het verschil aanzuiveren. ‘Als een werknemer 40 jaar in dienst is geweest, riskeert zijn werkgever voor die ene werknemer tienduizenden euro’s te moeten bijpassen’, waarschuwt verzekeringsmakelaar Bert De Paep. Volgens hem, maar ook volgens de hr-dienstverlener SD-Worx worden de bedrijven zeer terughoudend om voor hun personeel nog in een aanvullend pensioen te voorzien.

Dat staat haaks op de plannen van de regering om het aanvullend pensioen voor zo veel mogelijk werknemers open te stellen. Nu kan 75 procent van de werknemers rekenen op een aanvullend pensioen via het werk. Bij bedienden en kaderleden is dat 80 procent.

Volgens cijfers van de socialistische bediendevakbond BBTK gaat nu gemiddeld 1,38 procent van het loon naar het aanvullend pensioen. Maar de regering-Michel wil dat percentage optrekken tot 3 procent.

Ook de werknemers zullen in de gegeven omstandigheden minder staan te springen nog een deel van hun loon voor de opbouw van dat aanvullend pensioen af te dragen.

Ondertussen onderhandelen de sociale partners al maanden over een wijziging van de wet op de aanvullende pensioenen. ‘Die wet verplicht de werkgevers tot rendementsgaranties die onhoudbaar zijn’, waarschuwt De Paep. De minister van Pensioenen, Daniel Bacquelaine (MR) gaf de sociale partners nog even de tijd om uit de impasse te geraken. (lees inzet)

Allianz ontkent dat de verlaging van de rentevoeten een manoeuvre is om de druk op de onderhandelaars op te voeren.

Vóór de vakbondsbetoging van volgende woensdag komt er geen doorbraak in de onderhandelingen over de bedrijfspensioenen, want tot dan liggen de gesprekken tussen de vakbonden en de werkgeversorganisaties stil. Beide zoeken al sinds vorig jaar vruchteloos naar een vergelijk over een herziening van de wet op het aanvullend pensioen.

De knoop zit bij het gewaarborgde rendement dat bedrijven moeten bieden op hun pensioenplan. Dat rendement ligt een pak hoger dan wat de verzekeraars vandaag bieden. De vakbonden zijn bereid mee te gaan in een meer variabeler systeem dat mee-evolueert met de marktrentes, maar ze vinden wél dat de bedrijven nog steeds een vast minimumrendement moeten bieden.

De werkgevers willen een flexibeler systeem, waarbij ook het minimumrendement in bepaalde gevallen nog kan wijzigen. Ook is er onenigheid over hoe het variabele rendement er precies moet uitzien. 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect