Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Wat loopt u mis als u vroeger stopt met werken?

Natuurlijk hoeft u niet tot uw 65ste te wachten om met pensioen te gaan. Misschien kunt u wel met vervroegd pensioen. Omgekeerd kan uw werkgever u met een speciale regeling vroeger dan verwacht thuis zetten. En een minderheid beslist om het vervroegd pensioen niet af te wachten en bijvoorbeeld al op 56 te stoppen met werken. We zetten de gevolgen van al deze scenario’s op een rij.
©Ã‚© Norbert Schaefer/CORBIS

1. Vervroegd pensioen

Met vervroegd pensioen gaan, daar kiest u zelf voor. In principe zijn de voorwaarden voor werknemers, zelfstandigen en ambtenaren dezelfde. Ook tussen mannen en vrouwen wordt geen verschil gemaakt.

De algemeen geldende regel is dat u, om met vervroegd pensioen te gaan, minstens 63 jaar moet zijn en een loopbaan van 42 jaar op de teller moet hebben. Aangezien voor de pensioenadministratie een volledige carrière uit 45 jaren bestaat, zult u dus recht hebben op 42/45 van uw wettelijk pensioen.

Met vervroegd pensioen gaan heeft trouwens gevolgen tot aan het einde van uw dagen: u zult immers vanaf uw vervroegde pensionering een lager pensioenbedrag blijven ontvangen, ook nadat u de wettelijke pensioenleeftijd bereikt heeft.

Gunstregime voor ambtenaren

Meer dan 6 op de 10 ambtenaren werkt onder een gunstregime, de zogenaamde ‘preferentiële tantièmes’, waardoor ze met heel wat minder jaren dienst aan een volledige loopbaan komen. Dat systeem maakte het voor veel ambtenaren mogelijk om al op hun 60ste te stoppen met werken en toch een volledig pensioen te krijgen.

De preferentiële tantièmes tellen intussen niet meer mee om de leeftijd te berekenen waarop ambtenaren met vervroegd pensioen kunnen. Ambtenaren zullen dus even lang moeten werken als privéwerknemers om met vervroegd pensioen te kunnen gaan. Maar de rechten die in het verleden nog onder het oude systeem - dus met de preferentiële tantièmes - werden opgebouwd, blijven wel behouden.

 

2. Werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT, het vroegere brugpensioen)

Werkloosheid met bedrijfstoeslag (het vroegere brugpensioen) is doorgaans een situatie waarin uw werkgever u dwingt als het niet goed gaat met het bedrijf. Van een echte keuze kunnen we hier dus niet spreken. In principe komt u in de werkloosheid terecht, vandaar dat men officieel spreekt over het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag (SWT). Het enige goede nieuws is dat u in de jaren dat u bruggepensioneerd bent uw pensioenrechten verder opbouwt.

Concreet

Wie op zijn 59ste met brugpensioen wordt gestuurd en op dat ogenblik 36 jaar heeft gewerkt, zal zich op zijn 65ste niet moeten tevredenstellen met een pensioen van 36/45. Per jaar tussen de datum van het brugpensioen en de wettelijke pensionering komt daar immers 1/45 bij, waardoor hij of zij uiteindelijk 42/45 van zijn of haar wettelijk pensioen zal krijgen.

Nieuw!

Sinds begin dit jaar kunnen bruggepensioneerden ervoor kiezen om op hun 63ste met vervroegd pensioen te gaan, tenminste als ze een loopbaan van 42 jaar hebben opgebouwd. Vanuit financieel oogpunt is dat niet meteen een interessante keuze. De pensioenopbouw stopt dan op 63 jaar, waardoor de gepensioneerde tegen zijn 65ste 2/45 minder zal overhouden. De enige reden om tóch de overstap te maken, is dat u daarmee aan de verplichting ontkomt om ter beschikking te blijven van de arbeidsmarkt.

3. Extra vroeg stoppen met werken

U hoeft de wettelijke pensioenleeftijd of zelfs de leeftijdsgrens voor het vervroegd pensioen niet af te wachten om met pensioen te gaan. Er kunnen verscheidene redenen zijn waarom u beslist om bijvoorbeeld al op uw 56ste te stoppen met werken. Maar weet dat die keuze een dubbel prijskaartje heeft: u ontvangt niet alleen een lager pensioen, u moet ook een langere periode zonder inkomsten overbruggen. Alle consequenties op een rij.

Pensioengids 2019

Baas over uw pensioen

De Pensioengids is op 30/3 verschenen. Bent u abonnee van De Tijd? Klik hier om de gids (PDF versie) te lezen.

→ Als u vroeger stopt met werken, krijgt u een lager pensioenbedrag

Voor elk gewerkt jaar wordt een ‘pensioenopbrengst’ berekend. De som van die pensioenopbrengsten bepaalt het bedrag dat u maandelijks zult opstrijken zodra u met pensioen bent. Hoe langer u gewerkt heeft, hoe meer pensioen u opstrijkt. Hoe vroeger u stopt, hoe lager het bedrag. Als u bijvoorbeeld op uw 56ste stopt en op dat moment 34 jaar gewerkt hebt, zult u ook maar recht hebben op een pensioen van 34/45.

→ De voorwaarden voor het vervroegd pensioen vervallen

Een lager pensioenbedrag is niet het enige gevolg van vroeger stoppen met werken. Houdt u het voor de leeftijdsgrens waarop u met vervroegd pensioen kunt voor bekeken, dan vervallen de voorwaarden voor het vervroegd pensioen. Dat betekent dat u in dat geval pas vanaf de wettelijke pensioenleeftijd met pensioen kunt. De pensioendatum schuift op en de overbruggingsperiode is in dat geval ook veel langer (zie voorbeeld hiernaast).

Merk op dat u niet van uw aanvullend pensioen kunt gebruikmaken om die periode te overbruggen. Uw aanvullend pensioen wordt uitgekeerd als u met pensioen gaat, waardoor u het dus niet vroeger kunt opvragen. Vroeger stoppen met werken betekent trouwens ook dat er niet langer gestort wordt in uw aanvullend pensioen, waardoor het bedrag op 65 jaar lager zal uitkomen dan wanneer u was blijven werken.

In de praktijk

Sarah is geboren op 10 november 1963 en begon haar loopbaan in 1981.

Scenario 1 | Werken tot aan de wettelijke pensioenleeftijd

Als Sarah werkt tot aan de wettelijke pensioenleeftijd van 66 jaar, dus tot 30 november 2029, heeft ze recht op een pensioen van 1.925,43 euro netto per maand.

Scenario 2 | Vervroegd pensioen

Als Sarah verder blijft werken, is haar datum voor vervroegd pensioen 1 mei 2024. Ze is dan 61 jaar en heeft een loopbaan van 43 jaar.

Sarah heeft dan recht op een pensioen van 1.788,18 euro netto per maand.

Scenario 3 | Stoppen op 56 jaar

Als Sarah haar loopbaan wil stopzetten op 30 april 2019, dus op 56 jaar, kan ze pas met pensioen op 1 december 2029. Zij voldoet dan niet langer aan de voorwaarden voor het vervroegd pensioen en moet dus de periode tussen 2019 en 2029 zelf overbruggen (geen loon, geen pensioen). Op de wettelijke pensioenleeftijd (op dat moment 66 jaar), heeft ze dan recht op een pensioen van 1.653,14 euro netto per maand.

Wanneer Sarah dat maandelijks bedrag tussen 2019 en 2029 uit eigen middelen wil halen, moet ze in 2019 beschikken over een spaarpot van maar liefst 208.296 euro (126 maanden x 1.653,14 euro).

De kloof tussen vervroegd en wettelijk pensioen

De financiële gevolgen van een vervroegd pensioen zijn van geval tot geval verschillend. Alles hangt ervan af op welke leeftijd u bent beginnen te werken en hoeveel jaren er bijgevolg liggen tussen uw vervroegd pensioen en uw wettelijk pensioen.

De volgende gevallen maken duidelijk hoe groot de verschillen kunnen zijn.

Check uw pensioenbedrag op mypension.be

Sinds de lancering van de overheidswebsite mypension.be kan elke Belg gemakkelijk zien wat de gevolgen zijn van zijn keuze op pensioenvlak. ‘Op de website kan je je vroegste pensioendatum en de wettelijke pensioendatum zien, met het respectieve pensioenbedrag dat je zult ontvangen’, zegt Vik Beullens van de Federale Pensioendienst. ‘Je kunt ook zelf een nieuw scenario ingeven om de invloed van een loopbaanwijziging op je pensioen te bekijken.’

Het pensioenbedrag dat u te zien krijgt, is een nettobedrag, berekend op basis van een fictieve loopbaan. Daarbij wordt ervan uitgegaan dat u aan de slag blijft tegen dezelfde voorwaarden als vandaag (hetzelfde statuut, hetzelfde salaris en dezelfde arbeidsduur). De bedragen zijn ook uitgedrukt in koopkracht van vandaag. Rekening houdend met de inflatie zal het bedrag dus wellicht hoger liggen wanneer uw pensioen aanvangt.

Scenario 1

Mark is op zijn 21ste beginnen te werken. Volgens de overheidswebsite mypension.be kan hij zijn wettelijk pensioen aanvatten op 1 augustus 2027. Hij zal dan een maandelijks nettopensioen van 1.755 euro ontvangen.

Maar Mark kan ook met vervroegd pensioen gaan op 1 mei 2024, het moment waarop hij 42 jaar gewerkt heeft. In dat geval heeft hij recht op een nettobedrag van 1.662 euro.

Scenario 2

Anja is op haar 23ste beginnen te werken. Vanaf 1 februari 2026 kan ze met pensioen gaan. Ze zal volgens de berekeningen van de Pensioendienst netto 2.022 euro per maand ontvangen.

Gaat Anja na een loopbaan van 42 jaar op 1 mei 2025 met vervroegd pensioen, dan ontvangt ze 1.997 euro per maand.

Merk op dat de kloof tussen het wettelijk en het vervroegd pensioen van Mark en Anja verschillend is. Mark krijgt 93 euro of 5 procent minder, terwijl het verschil bij Anja maar 25 euro of zowat 1 procent is. De reden? Mark loopt tussen 2024 en 2027 drie jaar extra pensioenopbouw mis, terwijl dat voor Anja maar 1 jaar is.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud