Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Hebt u straks milieusticker nodig op reis?

U bent het wel gewend om voor een autovakantie in Europa rekening te houden met péage en tolvignetten. Als u een stad bezoekt, komt daar steeds vaker nog een milieuvignet of -taks bij. Soms voor alle wagens, dan weer enkel voor oudere... Waar mag u nog rijden, en tegen welke prijs?
©Eleni Debo

Dat Antwerpen sinds dit voorjaar als eerste Vlaamse stad een lage-emissiezone (LEZ) heeft, is u allicht niet ontgaan. Wie met een relatief nieuwe wagen rijdt, hoeft daar niet hard over na te denken en mag gewoon de stad inrijden. Rijdt u met een wat oudere diesel, dan mag u er enkel tegen betaling in (Euronorm 3 en zonder roetfilter), of zelfs helemaal niet meer.

Antwerpen mag dan in eigen land de spits hebben afgebeten, op Europees niveau is het niet de voorloper. In een rist steden zijn al maatregelen ingevoerd tegen de overlast die wagens opleveren. De bevoegde Europese commissaris, Violeta Bulc, wil op termijn af van het lappendeken van vignetten, tol en taksen, systemen en betaalmethoden. Ze denkt vooral aan rekeningrijden op basis van afstand en CO2-uitstoot, ook voor personenwagens, en dat met een eenvormig systeem in heel Europa. Dat zal echter niet voor de eerstkomende jaren zijn. Tot nader order hebt u er dus nog een huistaakje bij als u van plan bent onderweg of op uw bestemming ook steden aan te doen: best even checken of u uw voorzorgen moet nemen.

Het is intussen al tien jaar zo dat u in Londen op werkdagen (7-18u.) congestion charge betaalt; Als u dat op voorhand online regelt of op de dag zelf betaalt, bijvoorbeeld in een tankstation, kost dat 11,50 pond. Snel achteraf nog regelen kan ook nog, maar dan kost het 14 pond.

Veel nieuwer en minder bekend is de Franse maatregel: daar zijn in enkele steden ‘zones à circulation restreinte’ (ZCR) ingevoerd, die wagens enkel in mogen met een zogeheten Crit’Air-vignet. In Parijs geldt die regel altijd op weekdagen van 8 tot 20 uur; in Lille, Grenoble en Lyon geldt die bij smogalarm. Meer steden overwegen de invoering ervan. Zonder sticker rondrijden kan u op een boete van 68 euro komen te staan. Jammer, voor een sticker die u 3,70 euro kost, of 4,80 euro met verzending naar België inbegrepen. Maar de waarschuwing zit vooral hierin: u moet de sticker bestellen via de website www.certificat-air.gouv.fr, en dat blijkt in de praktijk regelmatig nogal wat tijd te vergen. Begin er dus niet de avond voor uw trip aan.

In het Duits klinkt ‘milieuvignet’ als ‘Umweltplakette’. Dat vignet hebt u nodig om in een lange, steeds maar groeiende lijst van Duitse steden hun ‘Umweltzone’ in te mogen. Vaak worden enkel wagens met een groene of gele sticker toegelaten, of zelfs enkel met een groene. Dat betekent dat de wagen (diesel of benzine) minstens voldoet aan Euronorm 4. Om de sticker te kopen moet u het inschrijvingsbewijs en gelijkvormigheidsattest van de wagen bij de hand hebben. Het kan ter plaatse in sommige tankstations, een garage van uw merk of kantoren van de TÜV (autokeuring), maar dat is voor toeristen niet altijd handig, al was het maar omdat zulke verkooppunten soms al in de milieuzone liggen. Online bestellen is een oplossing, bijvoorbeeld bij een van de automobielclubs of een brandstofketen. Prijzen lopen grosso modo uiteen van 5 tot 15 euro. Want inderdaad, er staat geen vaste prijs op, het ligt eraan bij welke distributeur u gaat. Laat u echter niet wijsmaken dat de Umweltplakette 50 euro moet kosten.

Iets minder courant als bestemming zijn de Zweedse steden Stockholm en Göteborg. Die voerden een congestietaks in voor de daguren op weekdagen. Het is even rekenen, per tijdsblok gelden andere tarieven. De rekening loopt in Stockholm op tot maximaal 105 kronen (10,75 euro) per dag en in Göteborg tot 60 kronen (6,15 euro), en wordt u achteraf toegestuurd.

Gebannen

Soms is het echter geen kwestie van een of andere sticker te kopen of taks te betalen, al dan niet vooraf, maar komt u er gewoon niet in met de wagen. Of toch niet met een oude wagen. In Nederland is het even opletten in Utrecht en Rotterdam, die geen dieselwagens meer toelaten die al rondtoerden op 1 januari 2001. Rotterdam bant ook benzinewagens met een nog respectabelere leeftijd: geen exemplaren van voor 1 juli 1992, dus weldra 25 jaar of ouder.

In Italië zijn de steden waar enkel bewoners in het centrum mogen rijden, niet meer te tellen. De zone met beperkingen heet er ‘Zona a Traffico Limitato’ (ZTL), wat wordt aangegeven met een bord. Ligt uw hotel in zo’n zone, dan moet u op voorhand uw nummerplaat doorgeven aan het hotel om een boete te vermijden. De controle gebeurt met camera’s met nummerplaatherkenning. En om het nog wat ingewikkelder te maken: in Bologna kunt u toch de ZTL in tussen 7 en 20 uur met een ‘ticket per l’accesso’. Milaan heft een congestietaks: in het historische centrum (Area C) geldt tussen 7.30 en 19.30 uur dat u een Eco-pas moet hebben, te koop voor 5 euro bij onder meer tabaks- en krantenwinkels.

Ook de Spaanse hoofdstad Madrid heeft autoluwe zones. Om in zulke ‘Area de prioridad residencial’ te mogen rijden is een vergunning nodig. Ook daar geeft u op voorhand uw nummerplaat door als uw hotel in zo’n zone ligt. Er werden sinds 2004 gaandeweg meer zones afgebakend. Nu ligt een plan voor om de APR coherenter te maken en nog eens te vergroten. Barcelona bereidt zich voor om een lage-emissiezone in te voeren in 2019, en begint het verkeer te beperken vanaf december van dit jaar.

Tol

En dan is er de welbekende tol in veel landen die bij de Belgen populair zijn als vakantiebestemming (of als doorrijlanden). Danny Smagghe, woordvoerder van Touring, diepte de tarieflijsten van de voorgaande jaren, sinds 2008, voor ons op. Daaruit blijkt dat de tarieven gaandeweg wat stijgen, maar grosso modo de inflatie volgen, zonder plotse opstoten. Het Zwitserse wegenvignet kostte in 2008 al 40 Zwitserse frank, en dat is nog steeds zo. Wel is de wisselkoers intussen minder gunstig: in 2008 was 40 Zwitserse frank gelijk aan 25 euro, nu is dat ruim 36 euro.

‘In Frankrijk was er wel discussie om de tarieven wat meer te mogen optrekken’, weet Smagghe, ‘maar de vorige regering hield dat tegen. Men wil de toeristen niet afschrikken, het verkeer niet naar de lokalere wegen duwen en men oordeelt dat de uitbaters van snelwegen voldoende verdienen. Het is afwachten wat de nieuwe regering doet.’

Alle kleine bedragen, snel betaald met uw kredietkaart, tikken samen aan. Om een idee te geven: Frankrijk doorkruisen met een gewone personenwagen via Valenciennes tot de Spaanse grens bij Le Perthus kost 71,40 euro aan péage. In Italië van de Brenner tot Firenze: 32,50 euro, tot Rome 51,50 euro. Op de sites van VTB-VAB of Touring vindt u veel meer tarieven. Vergeet niet de tol van eventuele tunnels mee te rekenen. Door de Mont-Blanctunnel rijden bijvoorbeeld kost 43,50 euro.

File afkopen

U bedenkt al jaren, zuchtend in de file bij de Franse tolhuisjes, dat u wel zo’n kaartje zou willen om langs het poortje te gaan waar wagens zo doorrijden? Zowat 650.000 wagens rijden rond met zo’n Liber-t-pasje. U hoeft niet in Frankrijk te wonen om het te verkrijgen, maar het is niet gratis. U betaalt 15 euro abonnementsgeld per jaar of 1,70 euro per maand (maanden dat u in Frankrijk komt). Plus 10 euro opstartkosten en 10 euro verzending. En dan nog alle geldende toltarieven, uiteraard. Aan te schaffen via het Franse Bip&Go, of via uw automobielbond. Met een kleine meerprijs (2,50 euro) werkt dat kaartje ook voor de Spaanse tolwegen.

In Zweden en Noorwegen is het systeem gebaseerd op zulke vaste kaartjes of boxjes in elke wagen. U schaft dat aan voor enkele euro’s, en krijgt dan in ruil wat korting op de tol.

En nu u toch bezig bent zich goed voor te bereiden: dat vignet voor Zwitserland of Oostenrijk kunt u ook vooraf kopen via de automobielbonden, ook al bent u geen lid. Bedenk dat u dat vooral voor het comfort doet, niet om goedkoper gesteld te zijn. ‘Neen, we bieden die dienstverlening niet gratis aan’, klinkt het, ‘en we krijgen ook geen volumekorting.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud