Ontwar het kostenoverzicht van uw bank

©Mediafin

De voorbije maanden kreeg iedereen voor het eerst een gedetailleerd kostenoverzicht van zijn bank over zijn beleggingen. Helaas vindt niet iedereen dat overzicht even duidelijk en van een uniforme rapportering bij alle banken is nog geen sprake.

De Europese richtlijn MiFID II, die op 3 januari 2018 inging, verplicht uw bank jaarlijks een gedetailleerd overzicht te sturen van de kosten van alle beleggingen die u in portefeuille heeft, van aandelen over obligaties tot beleggingsfondsen en gestructureerde producten.

Intussen heeft het gros van de banken een kostenoverzicht over 2018 bezorgd aan haar klanten. Delen Private Bank, ABN Amro Private Banking en ING waren de voorlopers en deden dat al in januari, de meerderheid van de banken stuurde het overzicht in maart of april. Enkele banken, zoals MeDirect, sturen het in juni.

In de sector werd gevreesd dat zo’n kostenoverzicht tal van reacties zou losweken bij klanten en mogelijk zelfs de sector zou hertekenen. De kosten moeten er immers zowel in euro’s als in procenten worden vermeld. Zeker voor klanten bij private banken kan het confronterend zijn te moeten vaststellen dat alle kosten samen op enkele duizenden euro’s uitkomen.

De bankenrichtlijn laat nog veel ruimte voor interpretatie, waardoor de overzichten er bij elke bank anders uitzien.

Toch lijkt het vooralsnog niet zo’n vaart te lopen. De meeste banken geven aan dat ze relatief weinig vragen krijgen over het kostenoverzicht. Belfius en ING spreken van een ‘zeer beperkt aantal’, bij BNP Paribas Fortis en Deutsche Bank zijn ‘een paar vragen van klanten binnengekomen’.

Delen Private Bank stuurt al langer een kostenoverzicht aan haar klanten. ‘Onze klanten zijn niet geschrokken toen ze het kregen. Onze totale kosten worden altijd meegegeven in de presentaties voor nieuwe klanten en de voorbije jaren werden de kosten ook bij elke portefeuillestaat gecommuniceerd’, luidt het.

Enkele brokers spreken wel van verontwaardigde beleggers. ‘We ontvangen meer mensen die op zoek zijn naar betere voorwaarden, vaak gewapend met het kostenoverzicht van hun andere bank’, klinkt het bij BinckBank. MeDirect ziet voorlopig geen effecten. ‘We hebben begin dit jaar een campagne gevoerd over de kosten die banken aanrekenen, maar voorlopig zien we geen verhoogde instroom ten opzichte van onze eerdere campagnes. De bewustwording bij de Belgen is er blijkbaar nog niet helemaal’, zegt marketingdirecteur Wim Wuyts.

KBC geeft aan dat de meeste vragen van klanten over het overzicht zelf gaan. ‘Ze geven aan dat de manier van weergave, die wettelijk werd opgelegd, niet evident is en soms nadere toelichting vergt’, luidt het. Een bijkomend probleem is dat de regelgever nog veel interpretatieruimte laat, waardoor de kostenoverzichten er bij alle banken verschillend uitzien. We zetten zes aandachtspunten op een rij om u door het kostenoverzicht te gidsen.

1. Opdeling

In de wet staat voorgeschreven dat in het overzicht een onderscheid moet worden gemaakt tussen kosten verbonden aan de beleggingsdienst en kosten verbonden aan het specifieke product. Onder de eerste groep vallen onder meer instapvergoedingen, het makelaarsloon, de kosten voor het contract dat u met uw bank heeft afgesloten (bijvoorbeeld advies) en de distributievergoeding. Onder de productkosten vallen de kosten die specifiek verbonden zijn aan het product, zoals de vergoeding voor het beheer ervan.

Maar los van die opdeling zijn financiële instellingen vrij de informatie weer te geven zoals ze willen. Daardoor zijn er grote verschillen in details en naamgeving, wat een vergelijking bemoeilijkt. Sommige banken maken een onderscheid tussen eenmalige en terugkerende kosten, andere tonen de taksen als een aparte rubriek,... Terwijl de meerderheid van de banken de kosten samentelt voor alle producten, toont Deutsche Bank de kosten ook nog op productniveau.

2. Distributievergoeding

Die vergoeding, die verplicht apart moet worden getoond bij de dienstverlenende kosten, roept bij klanten de meeste vragen op. Het is de vergoeding die de verkoper van het product ontvangt van de emittent om het aan te bieden. De distributievergoeding wordt dagelijks in de inventariswaarde verwerkt zodat de klant ze niet opmerkt. Via het kostenoverzicht komt die transparantie er nu wel.

We verwachten dat het nog wel enkele jaren duurt voor alle regels duidelijk zijn en in hun definitieve plooi komen.
Bankenfederatie Febelfin

Niet bij elke bank vindt u die distributievergoedingen terug. Klanten van Delen Private Bank beleggen bijvoorbeeld bijna uitsluitend in eigen fondsen. ‘We hebben fondsen van derden in de voorbije jaren afgebouwd, waardoor er geen distributievergoedingen zijn. Bovendien hebben we zo zelf controle over het kostenplaatje en zijn onze kosten voorspelbaar en weinig variabel’, klinkt het. Deutsche Bank, gekend om haar uitgebreid aanbod aan fondsen van derden, neemt de distributievergoeding uiteraard wel op in het kostenoverzicht. De bank geeft in het overzicht zowel de totale kosten die het fonds aanrekent alsook het nettogedeelte ervan dat in handen komt van Deutsche Bank zelf.

3. Type producten

Sommige banken nemen meer producten in het kostenoverzicht op dan wettelijk verplicht is. Volgens de wetgeving moeten alleen MiFID I-producten erin staan. Spaarverzekeringen (tak21) en beleggingsverzekeringen (tak23) horen daar bijvoorbeeld niet bij. KBC en Argenta nemen die producten wel mee in het overzicht.

4. Tabel

Ook de vorm van weergave verschilt. De meeste banken geven de kosten op een overzichtelijke manier in tabelvorm. Delen Private Bank doet dat in doorlopende tekst. ‘We hebben geëxperimenteerd met tabellen, maar we wilden zeker zijn dat onze klanten alles in de juiste context konden plaatsen. Daarom kozen we uiteindelijk voor een tekst waarin we, zoals MiFID II vraagt, een bedrag zowel in euro als in een percentage hebben weergegeven’, klinkt het.

5. Taksen

De MiFID II-regelgeving is niet volledig duidelijk over welke taksen en belastingen moeten worden opgenomen in het overzicht. De beurstaks is verplicht, maar over de roerende voorheffing laat de richtlijn een opening. De meeste banken nemen de roerende voorheffing mee. Delen Private Bank doet dat niet. ‘We zetten de roerende voorheffing er niet bij, maar die is wel opgenomen in het overzicht van alle directe kosten dat elk kwartaal op de portefeuillestaat te vinden is’, luidt het.

6. Gemiddeld bedrag

Zoals we al aanhaalden moeten de kosten worden uitgedrukt in absolute bedragen en als percentage van het belegd vermogen. Dat vermogen evolueert echter dagelijks, dus banken nemen het gemiddelde bedrag over het volledige jaar. Als uw portefeuille forse schommelingen onderging tijdens het jaar, door grote koersevoluties of door instroom en uitstroom, kunnen de kosten als percentage van het vermogen dus een vertekend beeld geven.

Het is duidelijk: de verschillen tussen banken blijven groot. En dat zal volgens de bankenfederatie Febelfin nog wel even duren. ‘De Europese regelgever heeft een aantal zaken verduidelijkt enkele weken geleden, maar er blijven vragen waarover ook Europese toezichthouders onderling uiteen- lopende visies hebben. We verwachten dat het nog wel enkele jaren duurt voor alle regels duidelijk zijn en in hun definitieve plooi komen’, luidt het bij Febelfin. Volgens de bankenfederatie is dat niet abnormaal. ‘Het zijn complexe regels die je moet toepassen op een enorm aantal diensten en producten. We verwachten dat banken hun eigen informatieverstrekking nu gaan vergelijken met die van de concurrentie en dat de vergelijkbaarheid van informatie over kosten verder toeneemt de komende jaren, onder commerciële druk en op basis van nieuwe richtlijnen van toezichthouders. Maar het is in elk geval duidelijk dat consumenten nu al een veel beter zicht hebben op de kosten van beleggingsproducten en -diensten dan vroeger.’

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect