Netto Het antwoord op al uw geldvragen

Spaarder verliest niet door vroegere inning taks op pensioensparen

De taks op het pensioensparen, die de regering dit jaar vervroegd zal innen, is voor de spaarder neutraal tot positief. De rente die hij misloopt, wordt gecompenseerd door een lagere totale taks.
‘Op het ogenblik dat het land geconfronteerd wordt met een nulgroei is een eenmalige maatregel zoals de inning van taksen op pensioensparen gerechtvaardigd', meent minister van Financiën Steven Vanackere.

De regering-Di Rupo heeft vorige week donderdag beslist om een deel van de taks die pensioenspaarders op 60-jarige leeftijd moeten betalen al dit jaar te innen. De maatregel, die 210 miljoen euro moet opleveren, is van toepassing op de derde pensioenpijler, waarin spaarders in 2012 tot 910 euro fiscaal voordelig kunnen storten. Enkel spaarders die voor 1 januari 1993 al een storting deden, worden geviseerd. Wie vóór die datum niet aan pensioensparen deed, wordt door de maatregel niet getroffen.

Maar ook voor de spaarders van vóór 1993 zijn er geen negatieve gevolgen. Dat komt omdat de totale taks die ze in het nieuwe systeem betalen lager zal liggen. De lagere taks compenseert het rendementsverlies die de beleggers oplopen door een deel van de taks vroeger te betalen. Bij de pensioenspaarverzekeringen is dat effect volledig neutraal, toont een cijfervoorbeeld aan. Een spaarder, die vandaag 45 jaar is en tussen 1987 en 1993 telkens de maximale bedragen in een pensioenspaarverzekering stortte, heeft met die stortingen op 60-jarige leeftijd een kapitaal opgebouwd van 17.527 euro. Daarbij wordt uitgegaan van de gegarandeerde rente van 4,75 procent die voor deze oude verzekeringscontracten van toepassing is. In het oorspronkelijke systeem betaalde hij daarop 16,5 procent taks of 2.892 euro op 60-jarige leeftijd.

Door de nieuwe maatregel zal de verzekerde 6,5 procent van deze taks in 2012 betalen en de resterende 10 procent op 60-jarige leeftijd. In het voorbeeld komt de totale taks dan uit op 2.321 euro. Dat is 571 euro minder dan vroeger. Dat komt omdat de 6,5 procent taks berekend wordt op het bedrag in 2012, en niet op het bedrag op 60-jarige leeftijd. Het taksvoordeel wordt echter tenietgedaan door het rendementsverlies dat de spaarder lijdt. De 6,5 procent taks, 568 euro in het voorbeeld, gaat in 2012 af van de reserves waardoor de spaarder op dat bedrag geen jaarlijks rendement meer haalt van 4,75 procent. Dat jaarlijkse rendementsverlies bedraagt exact 571 euro, waardoor het voor de spaarder een nuloperatie is. Dat kan veranderen als de verzekeraars de komende jaren boven de gegarandeerde rente van 4,75 procent nog een winstdeelname zouden uitkeren. Dan zou de spaarder wel nadeel ondervinden. Maar door de huidige lage rentes lijkt dat voorlopig weinig plausibel.

Bij de pensioenspaarfondsen is de situatie verschillend. Dat komt omdat de taks bij de fondsen niet geheven wordt op het gegarandeerde rendement, maar op een fictief rendement. Voor stortingen die vóór 1993 werden gedaan, gaat de fiscus uit van een fictief rendement van 6,25 procent. Dat verklaart waarom de taks bij de fondsen hoger ligt dan bij de verzekeringen. Door een deel van de taks al in 2012 te innen, zal een deel van het kapitaal na 2012 niet langer tegen 6,5 procent belast worden. Daardoor is het taksvoordeel bij fondsen ook groter dan bij verzekeringen.

Hoe lager de komende jaren het rendement van het fonds, hoe groter het voordeel voor de spaarder.

Als het rendement van de fondsen de komende jaren onder 6,25 procent ligt, doet de spaarder zelfs een voordeel. Het rendementsverlies is in dat geval kleiner dan het taksvoordeel. Hoe lager de komende jaren het rendement van het fonds, hoe groter dat voordeel. In het cijfervoorbeeld gaan we uit van een gemiddelde return voor de fondsen van 4 procent per jaar. In dat scenario zal het voordeel groter zijn naarmate de pensioenspaarder verder verwijderd is van de pensioenleeftijd. Zo loopt het voordeel voor de 45-jarige uit het voorbeeld op tot meer dan 500 euro. Vanzelfsprekend zijn die cijfers gebaseerd op gemiddelden en fictieve rendementen, zodat ze van spaarder tot spaarder nog sterk kunnen verschillen.

Toch maakt het voorbeeld duidelijk dat de maatregel de pensioenspaarder niet zal treffen. Assuralia gaf gisteren in De Tijd nog aan dat er mogelijk geen neutraal effect zou zijn, maar gisteren zette de beroepsfederatie voor de verzekeraars dat recht. ‘De maatregel waarbij de regering een deel van de taks vroeger int, komt neer op een blanco operatie voor de verzekerde’, luidde het in een persbericht.

De inning van de taks gebeurt op 1 december 2012. Hoeveel spaarders getroffen worden, is niet duidelijk. Feit is dat de overheid rekent op 210 miljoen euro. Omgerekend betekent dat dat 3,2 miljard euro pensioenkapitaal aan de taks onderworpen wordt. De belasting betekent ook een forse uitstroom uit de fondsen en reserves. Pierre Nicolas, de beheerder van het Star Fund, schat dat 1 procent van het fonds, of 30 miljoen euro, door de taks zal uitstromen.

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud