Netto Het antwoord op al uw geldvragen

'Grootverhuurders moeten steentje bijdragen'

In het kader van de discussies over de tax shift stelt CD&V een hogere belasting van huurinkomsten voor, met een progressief systeem waardoor de belasting hoger is naarmate iemand meer huizen verhuurt.
©BELGA

Het is een terugkerend pleidooi dat zogeheten grootverhuurders, die verschillende woningen verhuren aan particulieren, hoger moeten worden belast. Ook CD&V pleit daar nu voor in het kader van de taxshift, bij monde van Koen Van den Heuvel, fractieleider in het Vlaams Parlement, zo meldde De Standaard maandag. ‘Niet meer dan rechtvaardig dat de grootverhuurders hun steentje bijdragen’, zegt Van den Heuvel.

Uit het Grote Woononderzoek (2013) blijkt dat goed 35 procent van de particuliere verhuurders meer dan één woning verhuurt – 5 procent heeft meer dan vijf woonsten in de verhuur, en 1,5 procent zelfs meer dan tien.

Marginaal tarief

Wie als particulier aan een andere particulier verhuurt die het pand als woonst en niet voor beroepsdoeleinden gebruikt, wordt nu belast op basis van het kadastraal inkomen verhoogd met 40 procent. Men betaalt dus op zulke panden onroerende voorheffing, en wordt daarnaast belast via de personenbelasting: het onroerend inkomen wordt bij de andere inkomsten gevoegd en belast tegen het hoogste tarief dat de belastingplichtige bereikt (marginaal tarief, maximum 50 procent). Dat dat kadastraal inkomen in veel gevallen niet meer strookt met de realiteit werd vorige week nog in de verf gezet. Zelfs verhoogd met 40 procent wijkt het in veel gevallen af van wat in de praktijk als huur wordt gevraagd. Bovendien mag men, indien men leende voor de aankoop van vastgoed, de betaalde intresten aftrekken in de personenbelasting.

CD&V wil die belasting bij verhuring dus verhogen maar stelt daarbij wel enkele principes voorop: de gezinswoning moet onbelast blijven in de personenbelasting (wel onroerende voorheffing), Van den Heuvel pleit voor een progressief systeem waardoor de extra belasting hoger oploopt naarmate men meer panden verhuurt, en er moet over worden gewaakt dat de huurprijzen betaalbaar blijven.

Mogelijkheden zijn de verhoging (de 40 procent) progressief op te trekken naargelang iemand meer woningen verhuurt, de werkelijke huurinkomsten te belasten in plaats van een fictieve ‘benadering’ op basis van het KI, of de aftrek van rentelasten te beperken.

 

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud