De onzichtbare hand

©RV

Als u in de kerstvakantie in het Nederlands geniet van bestsellerauteurs als Thomas Piketty of Haruki Murakami is dat dankzij de noeste arbeid van de onbekende vertaler. 'Vertalen is gewoon een verslaving.'

'Een goede literaire vertaler is bijna even getalenteerd als de auteur.' De ervaren uitgever Harold Polis, tot voor kort aan de slag bij De Bezige Bij Antwerpen, schat het ambacht van de boekenvertaler hoog in. 'Het is geen toeval dat toppers als Frans Denissen (de Vlaming die in 2011 de prestigieuze Nederlandse Martinus Nijhoff-vertaalprijs won voor zijn Italiaanse vertalingen, red.) ook zelf romans schrijven. Je moet fictie tot in de puntjes beheersen.' 'Als vertaler ben je altijd een beetje schrijver', zegt ook Katelijne De Vuyst (56), die al bijna twintig jaar romans en poëzie uit het Engels en het Frans vertaalt. 'Je moet niet alleen een groot taalgevoel hebben in de twee talen, je moet ook alle registers beheersen, van spreektalig tot lyrisch.'

Nederlandstalige uitgevers kunnen niet zonder vertalers. Vertaalde fictie is big business, vorig jaar goed voor 60 procent van alle verkochte fictie in Vlaanderen. Al merkt de boekenvertaler daar weinig van op zijn bankrekening. 'Ik kom maar net rond', zegt de japanoloog Luk Van Haute (51), die onder andere al twee romans van de Japanse bestsellerauteur Haruki Murakami vertaalde.

Net als De Vuyst vertaalt Van Haute als een van de weinige Vlamingen voltijds fictie. 'Vroeger gaf ik nog deeltijds les aan een hogeschool en deed ik veel goedbetaalde commerciële vertalingen. Dat gaf me geen enkele creatieve voldoening, maar het legde wel de financiële basis om me acht jaar geleden uitsluitend op romans toe te kunnen leggen. Om u een idee te geven: met commerciële vertalingen verdiende ik 18 eurocent per woord, als literair vertaler 6 cent. Zonder de aanvullende vertaalbeurzen van het Vlaams Fonds voor de Letteren zou het onleefbaar zijn.'

Van Haute heeft als voordeel dat hij een witte raaf is. 'Er zijn maar vier literaire vertalers Japans: twee in Vlaanderen en twee in Nederland. De competitie tussen vertalers vanuit het Engels of het Frans is veel groter.' Vlaamse boekenvertalers moeten bovendien ook vaak de duimen leggen voor hun Nederlandse collega's, ervaart Hilde Keteleer (59). Zij vertaalt al jaren romans uit het Duits en het Frans, waaronder vorig jaar nog 'Nultijd' van de Duitse auteur Juli Zeh. 'Alle grote uitgeverijen zitten in Nederland. De Nederlandse afzetmarkt is ook veel groter dan de Vlaamse. Een veelgebruikt argument om voor Nederlandse vertalers te kiezen, is dat uitgeefredacteurs nog veel verbeterwerk hebben aan Vlaamse uitdrukkingen die de Nederlandse lezer niet begrijpt.'

Piketty-hype

Volgens onderzoek van de Vlaamse Auteursvereniging combineert 81 procent van de Vlaamse literair vertalers zijn vak met een andere baan. Zo ook Daan Pieters (36), die halftijds vertaler in het Brussels Parlement is. De voorbije tien jaar vertaalde hij een paar Franstalige romans van de Belgische Amélie Nothomb. In mei dit jaar kreeg hij plots een telefoontje van De Bezige Bij Amsterdam. Met de dringende vraag of hij met vier Nederlandse vertalers de economieturf van het jaar, 'Kapitaal in de 21ste eeuw' van de Franse stereconoom Thomas Piketty, uit het Frans wilde vertalen. Een vijfkoppige ploeg moest snel de Piketty-hype én de duur betaalde vertaalrechten verzilveren.

Pieters greep zijn kans. 'Ik heb vertaalervaring in de commissie economie van het Brussels Parlement. Tussen begin juni en begin september nam ik drie hoofdstukken voor mijn rekening. Piketty schrijft gelukkig helder, in die zin was het makkelijker dan een literaire vertaling. Maar op de terminologie heb ik gezwoegd. We hebben wel meteen een glossarium samengesteld, zodat alle vertalers dezelfde termen gebruikten. 'Kapitaal in de 21ste eeuw' was mijn achtste boek, maar pas het eerste waarvoor ik royalty's zal ontvangen. Als vertaler krijg je 2 procent van de verkoopprijs per boek vanaf 4.000 verkochte exemplaren. Maar voor het geld doe ik dit vak niet, dan vertaal ik beter bijsluiters van geneesmiddelen. Boeken vertalen is mijn passie.'

'Boeken vertalen is gewoon verslavend', zegt De Vuyst over haar liefde voor het vak. 'Als ik diep in een tekst duik, kom ik in een roes terecht. Ik vergeet de werkelijkheid en beland in een parallel universum. Met een gemiddeld maandloon van 1.200 euro hou ik net het hoofd boven water. In het begin was het knokken, maar de jongste jaren zat ik geen twee weken zonder werk.'

Ook Frans Denissen, met zijn 67 de nestor onder de Vlaamse vertalers, spreekt na ruim dertig jaar nog altijd met aanstekelijk enthousiasme over zijn vak. 'In het begin van mijn loopbaan werkte ik een tijdje als vertaler bij de toenmalige Europese Gemeenschap. Na zes maanden werkte ik al op automatische piloot. Bij literatuur is dat niet zo. Zelfs in eenzelfde schrijversoeuvre opent elk boek een nieuwe wereld.'

Transistorradio

Een goede vertaler moet boven alles zijn plaats kennen, vertelt de gerenommeerde Nederlandse vertaalster Hilde Pach (57). Pach, die dit jaar de Martinus Nijhoff- vertaalprijs won, maakt sinds 1985 naam als vertaalster Modern Hebreeuws van de Israëlische succesauteurs Amos Oz, David Grossman en recenter Nir Baram. 'Als vertaler is de verleiding soms groot om iets mooier te maken dan het is, omdat de stijl van sommige schrijvers nu eenmaal niet fantastisch is. Maar dat mag je nooit doen. Het blijft het boek van de schrijver, niet dat van de vertaler.'

Pach houdt het ook bij een professionele relatie met Amos Oz. 'Ik heb hem wel geregeld gezien in Nederland en bij hem thuis in Israël. Maar we zijn geen vrienden. Ik geloof ook niet dat je dan beter gaat vertalen. Ik stel hem natuurlijk wel vragen als ik op inconsistenties stuit. Zo schreef hij ooit in een van zijn boeken over een transistorradio in de jaren vijftig. Ik schreef hem dat die volgens mij toen nog niet eens bestond. Maar hij hield voet bij stuk. Tja, dan moet je inbinden als vertaler.'

Hoe goed de vertaler ook is, de auteur blijft de grote ster. 'Alles wat positief is, komt op conto van de schrijver. Alles wat niet goed is, is de schuld van de vertaler', zegt De Vuyst. 'Ach: het blijft een dienende rol en daar heb ik ook absoluut geen probleem mee.' Al zou een heel klein beetje publieke erkenning deugd doen. 'Ik vind het jammer dat ze bij recensies van vertaalde romans soms niet eens de naam van de vertaler zetten.'

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content