Europese economie hangt nog tot 2021 aan infuus ECB

©Filip Ysenbaert

De Europese Centrale Bank (ECB) handhaaft haar nulrentebeleid tot 2020 en geeft tot 2021 extra leningen aan de banken om de lage groei en de inflatie op te krikken. Zal de nieuwe stimulus werken en wat zijn de gevolgen voor beleggers, spaarders en ontleners?

De bestuurders van de ECB hebben gisteren sneller dan verwacht beslist dat de Europese economie extra doping nodig heeft. Ze geloven dat actie noodzakelijk is om de inflatie in de eurozone te doen stijgen naar de doelstelling van 'minder dan maar dicht bij 2 procent'.

1. Wat heeft de ECB beslist?

In de eerste plaats belooft de ECB dat ze haar basisrente van 0 procent en depositorente van -0,4 procent minstens tot eind 2019 handhaaft op de huidige, historisch lage niveaus. Tot gisteren liep die belofte maar tot het einde van de zomer. De depositorente is de jongste jaren belangrijker geworden dan de basisrente omdat ze het niveau van de kortetermijnrente bepaalt.

Bovendien zal de ECB tussen september 2019 en maart 2021 zeven keer goedkope leningen (TLTRO's) verstrekken aan de banken. Die leningen hebben een looptijd van twee jaar en de rente is gekoppeld aan de basisrente van de ECB. Het is al de derde keer dat de ECB dit soort leningen verstrekt aan banken.

Voorts bevestigt de ECB dat ze haar obligatieportefeuille pas geruime tijd na de eerste renteverhoging zal beginnen af te bouwen. Ten slotte kunnen de banken minstens tot 2021 bij de ECB elke week voor een periode van een week onbeperkt geld blijven lenen tegen de basisrente.

'De beslissingen werden unaniem goedgekeurd', onderstreepte ECB-voorzitter Mario Draghi op een persconferentie. 'Dat is een positief teken.'

De nieuwe stimuli komen amper twee maanden na de stopzetting van een ander stimulusprogramma. De ECB kocht de jongste vier jaar voor 2.600 miljard euro obligaties om de langetermijnrente te drukken. Sinds het begin van de financiële crisis, in augustus 2007, heeft de ECB bijna 3.500 miljard in de Europese economie gepompt.

2. Waarom grijpt de ECB in?

De economische toestand en vooruitzichten zijn de jongste maanden sterk verslechterd. 'Economische cijfers wijzen op een aanzienlijke vertraging van de groei', zei Draghi. 'De aanhoudende onzekerheid over het protectionisme en de kwetsbaarheid van de groeimarkten wegen op het economische sentiment. Voorts blijft de onderliggende inflatie laag. De verzwakking van de economie vertraagt de stijging van de inflatie naar de doelstelling.'

De ECB verlaagde gisteren fors haar groei- en inflatieprognoses voor 2019. Ze verwacht dit jaar slechts 1,1 in plaats van 1,7 procent groei en volgend jaar 1,6 in plaats van 1,7 procent. De inflatie zakt in 2019 naar 1,2 procent en veert daarna op naar 1,5 procent in 2020 en 1,6 procent in 2021. Dat betekent dat de inflatie op zijn vroegst in 2022 de doelstelling zal halen.

Door de extra leningen aan de banken moeten gezinnen en bedrijven goedkoop geld kunnen blijven lenen. 'De maatregelen zijn geen grote verrassing, maar de timing wel', zegt Carsten Brzeski, hoofdeconoom van ING Duitsland. Veel economen hadden voorspeld dat de ECB pas in april maatregelen zou aankondigen.

Brzeski: 'De aankondigingen wijzen op een milde vorm van paniek. Het basisscenario van de ECB verwacht nog steeds een geleidelijk economisch herstel.'

3. Zal de stimulus resultaat opleveren?

Zelfs Draghi liet doorschemeren dat hij niet 100 procent zeker is. 'Onze actie vergroot de veerkracht van de Europese economie. Maar de groeivertraging is gedeeltelijk te wijten aan externe factoren waarop de ECB geen invloed heeft.' Hij verwees onder meer naar het handelsconflict tussen de VS en China en de brexit. Een verdere escalatie van de handelsoorlog tussen de VS en China of een chaotische brexit kunnen de groei en inflatie nog meer ondermijnen.

4. Hoe reageren de financiële markten?

De euro zakte na de publicatie van het rentebesluit met 1 cent naar 1,121 dollar, het laagste peil sinds juni 2017. Het vooruitzicht van een aanhoudend lage rente in de eurozone maakt de eenheidsmunt minder aantrekkelijk als beleggingsmunt.

De Europese obligatiekoersen stegen, waardoor de langetermijnrente daalde. De Duitse tienjaarsrente zakte van 0,13 naar 0,07 procent, het laagste peil sinds oktober 2016. De Belgische tienjaarsrente brokkelde af van 0,64 naar 0,55 procent Het is van december 2017 geleden dat die rente zo laag was.

De Europese aandelenmarkten reageerden wispelturig. Ze stegen eerst omdat de ECB sneller dan verwacht extra stimuli aankondigde. Maar ze vielen later terug omdat de bankaandelen klappen kregen. De EuroStoxx50 sloot 0,9 procent lager en de Bel20 0,5 procent.

De bankaandelen stonden onder druk omdat de lagere langetermijnrente hun rentemarge drukt. Bovendien ziet het ernaar uit dat de voorwaarden van de nieuwe ECB-leningen wat minder gunstig zijn dan de vorige keer. De looptijd is korter - twee in plaats van vier jaar - en de rente zal wellicht wat hoger zijn.

5. Wat zijn de gevolgen voor de rente op spaarboekjes en woonkredieten?

De rente op spaarboekjes is vooral gekoppeld aan de marktrente op korte en middellange termijn. De beslissing van de ECB om de beleidsrente minstens tot eind 2019 stabiel te houden, betekent dat de marktrente op korte termijn lager blijft dan nul. Het ziet er dus naar uit dat spaarders op zijn vroegst in 2020 een hogere rente op spaarboekjes mogen verwachten.

De rente van de meeste hypothecaire kredieten volgt de marktrente op lange termijn. De langetermijnrente daalde gisteren naar uitzonderlijk lage niveaus. De meeste economen zien de langetermijnrente later dit jaar lichtjes opveren. Als ze gelijk krijgen, worden woonkredieten wellicht iets duurder, maar de rentestijging zal beperkt zijn.

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect