Het enfant terrible van de BBI

Karel Anthonissen. ©BELGA

Geen enkele belastingdirecteur loopt zo veel in de kijker als de 62-jarige Karel Anthonissen. Hij is al sinds 2007 directeur van de Bijzondere Belastinginspectie (BBI) in Gent, die in de eerste plaats bevoegd is voor Oost- en West-Vlaanderen. Maar zijn gedrevenheid en ook die van zijn medewerkers, zoals enkele inspecteurs in Brugge, maken dat Anthonissen ook dossiers onder handen neemt die 'de Vlaanders' overstijgen. Denk aan de belastingconstructies in het eersteklassevoetbal en de constructies bij biergroep AB InBev en bierfamilie de Spoelberch.

Vorige week nog haalde Anthonissen de pers met zijn onthulling dat de miljoenen klanten- en bedrijfsgegevens die hij in 2012 kopieerde bij financieel planner Optima nog altijd beschikbaar zijn voor de onderzoekscommissie die het Optima-debacle onder de loep neemt. Hoewel Anthonissen in 2013 een dading sloot met Optima om die data te vernietigen en geen kopie bij te houden. Intussen liet zijn baas, BBI-topman Frank Philipsen, de kopie van de Optima-files inderhaast wissen. Anthonissens relatie met Philipsen en al zeker die met de grote baas van Financiën Hans D'Hondt zakte al vaker onder het vriespunt.

Vriend en vijand moeten erkennen dat Anthonissen en zijn team het meeste geld van alle BBI-afdelingen binnenhalen. Maar hij zoekt graag de grens van zijn bevoegdheden op. Dat leverde hem terecht het etiket van enfant terrible op. Dat is hij eigenlijk al sinds hij in 1977 belastingambtenaar werd. Ook in de jaren 80 en 90, toen hij mee aan het roer stond van Agalev. Hij houdt nog altijd vast aan zijn 'groene gedachten' over economie en belastingen, maar spuit liever mist over zijn politieke overtuiging.

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect