'Ons motto: aanpassen of verdwijnen'

©SISKA VANDECASTEELE

Als jonge kerel schreef Greg Aertssen een thesis over Darwins 'survival of the fittest'. Vijftig jaar later 'overleeft' zijn familiebedrijf nog steeds door zich als een kameleon aan te passen: van grondverzet tot zonne-energie, waterstof, binnenvaart en logistiek.

In het kantoor van Greg Aertssen (64) hangt een schilderij met een idyllisch tafereel: een lieflijke hoeve in het landelijke Oorderen. De boerderij werd net als het polderdorp in 1964 van de kaart geveegd. 'Mijn vader, mijn broers en ik hebben de hoeve met eigen handen afgebroken. We moesten plaats maken voor de havenuitbreiding. Voor mij was het als tienjarige een 'verplichte' vakantiejob - ik kreeg een cent per baksteen die ik schoonmaakte. Twee weken nadat ik er mijn plechtige communie had gedaan, hebben we ook de kerk van Oorderen helpen afbreken.'

Aertssen vertelt het niet zomaar. Het verhaal van de onteigening en het verdwijnen van het polderdorp staat symbool voor het familiebedrijf dat vandaag, even verderop, in Stabroek zijn hoofdkwartier heeft. Daar specialiseerde het zich in graaf-, sloop- en saneringswerk, nog steeds de roots van het bedrijf.

Een jaar later groeven de Aertssens aan wat later het Churchilldok zou worden. De boer werd aannemer en voerde de grondwerken uit voor de Opel-fabriek. 'Mijn ouders bleven niet bij de pakken zitten. Het was aanpassen of verdwijnen. Zo was het en zo zal het altijd zijn. Dat motto is nog altijd de drive van ons bedrijf: maak van de nood een deugd. Weet je wat mijn eindwerk was in mijn laatste jaar op het seminarie van Hoogstraten? De evolutietheorie van Darwin: survival of the fittest. Wie zich aanpast, overleeft.'

Zestig jaar later liggen aan het Churchilldok de ruïnes van de Opel-site. Vergane glorie wacht op afbraak. Een van de kandidaten voor de afbraak is... Aertssen.

Navelstreng

Aertssen werkte een mooi palmares bijeen: de afbraak van de Ford-site in Genk - het grootste sloopproject in Europa -, het uitgraven van het Centraal Station en de grondwerken van 'de knip in de Leien' in Antwerpen, de verdubbeling van het Zwin, de herbestemming van de Boelwerf in Temse, het graven van het Deurganckdok en de 'redding' van de heuvel van de Leeuw van Waterloo. De activiteiten beperken zich al lang niet meer tot grondverzet en sloop. Er zijn milieuprojecten zoals de sanering van storten, er is water- en wegenbouw, de ontginning van steengroeven, recyclage van bouwafval, transport per binnenschip, uitzonderlijk vervoer, logistiek en verhuur van kranen.

Begin dit jaar nam Aertssen het kraanbedrijf Michielsens over. Het aantal mobiele telescoopkranen verdubbelde tot circa tweehonderd. Er kwamen 150 werknemers en 24 miljoen euro omzet bij. 'Tot nu kwam 85 procent van die omzet uit Antwerpen - de haven is en blijft de navelstreng van de hele groep. Nu zitten we ook in Houthalen, Gent en Vilvoorde. Wij staan sterk bij de chemiebedrijven, Michielsens in de bouwsector. Elk bedrijf behoudt zijn eigenheid: Aertssen-kranen geel-wit, Michielsens-kranen oranje. Een machinist voelt zich verbonden met zijn kraan, onderschat dat niet.'

Duizendpoot

In het familiebedrijf werken vandaag negen telgen van de tweede en de derde generatie. De omzet groeide naar 232 miljoen euro, exclusief Michielsens. Vandaag telt Aertssen 1.340 werknemers, 3,5 keer meer dan tien jaar geleden. Niet eens de helft is nog gestationeerd in België. In 2006 sloeg het bedrijf zijn tenten op in het Midden-Oosten. Manuel, de oudste zoon van Greg, werkt vanuit Marokko aan de verovering van Afrika, ook al gaat dat voorlopig met horten en stoten. In Qatar bouwde Aertssen mee aan een luchthaven op zee, de containerhaven, voetbalstadions voor het WK 2022, een snelweg en een nieuw metronetwerk. In Abu Dhabi en Dubai voerde het grote infrastructuurwerken uit. Vandaar ging het naar Costa Rica en de Malediven.

'In 2006 leverden we het grootste havendok ter wereld op, het Deurganckdok. Toen dat klaar was, kwamen zoveel machines vrij dat we op zoek moesten naar een andere bestemming. We verscheepten naar het Midden-Oosten, in het zog van de Belgische baggeraars Jan De Nul en DEME en de bouwmastodont Besix. We zetten ze op de boot en twee maanden later reden ze rond in de woestijn. Door de hoge loonkosten in Europa hebben we hyperefficiënt leren werken. Kom je dan in het Midden-Oosten tegenover Chinezen te staan, dan blijkt dat wij met 50 machines en 50 werknemers kunnen wat zij met 100 machines en 100 man doen. Finaal zijn we goedkoper.'

De industriële duizendpoot heeft nu 1.300 machines rollend materieel, van bulldozers en kranen tot rijdende platformen om zware lasten te vervoeren. 'We hebben onze eigen onderhoudsdienst. Als machines stilvallen, worden ze duur, hè. Goed onderhoud garandeert ons een mooie prijs als we ze verkopen. We doen ook het transport van die machines. Ook daar zijn we specialist in.'

Daaruit groeide met de jaren ook werk voor derden, waaronder het transport van graaf- en landbouwmachines en hoogtewerkers. Een andere diversificatie is Ship-it, de Wase haventerminaluitbater voor het vervoer van bulkgoederen, palletten en containers over het water. Aertssen is medeoprichter. 'Als al onze trucks 1 uur per dag in de file staan, kost ons dat 2,5 miljoen euro per jaar. We vervoeren nu vijf keer meer grond over het water dan tien jaar geleden.'

Aertssen vormde ook het zwaar vervuilde gipsstort van Zelzate om tot Terranova Solar, het grootste zonnepark van de Benelux. 'De 55.000 zonnepanelen leveren stroom voor 4.000 gezinnen. We zijn van plan de stroom niet langer op het net te zetten - dat is niet meer rendabel - maar willen met de elektriciteit waterstof produceren, die we in cassettes opslaan. Op de scheepswerf van Rupelmonde, die mijn schoonzoon Pol Janssen en ik hebben overgenomen, experimenteren we met elektrisch aangedreven binnenschepen. De waterstof willen we als brandstof gebruiken. Het eerste door waterstof aangedreven schip vaart al. We willen de waterstofboot niet missen.' (lacht)

Aertssen noemt zijn bedrijf een kameleon. 'Waarom doen anderen niet wat wij doen? Omdat niemand ons begrijpt. Ze vinden het te complex. Een investeringsfonds zou niets voor ons zijn. Misschien lopen we - met 50 bedrijven in de groep - ooit tegen een muur. Tot op heden rendeerde de strategie. Ze heeft als voordeel dat je een tegenslag in de ene sector kan opvangen met groei in een andere.'

Oefening

Elk jaar doen de negen familieleden die bij Aertssen actief zijn een strategieoefening, samen met de niet-familiale managers. 'De boekjes aan de receptie gezien? We vonden ze als papieroverschot op de site van de voormalige drukkerij Monti in Lier, waar we aan de herbestemming werken. We sneden het logo eraf en verdeelden ze onder het personeel als ideeënboekje. Ideeën kunnen evengoed komen van een arbeider die 30 jaar op een graafkraan zit als van de CEO.'

Aan de muur hangt nog een schilderij, waarop polderboeren de koppen bij elkaar steken. 'Mijn moeder verplichtte me het te kopen op een veiling. We hebben er dan ook te veel voor betaald. (lacht) Het werk uit 1928 is van de Stabroekse schilder Marten Melsen en heet 'De Conferentie'. Die boodschap wilde ons moeder meegeven: werk samen, wees creatief. En je overleeft.'

Aertssen investeert fors in Antwerpse haven

'De maakindustrie verdwijnt uit ons land en uit Europa. Dat is een realiteit waar je moeilijk naast kan kijken', vindt Greg Aertssen. De ondernemer verwijst naar Opel Antwerpen en Ford Genk, waar zijn bedrijf de site aan het schoonmaken is. Ook Caterpillar in Gosselies sloot de deuren en verhuisde zijn productie naar het Verre Oosten. 'We verloren toen het transport van die machines van Gosselies naar de haven. Een harde dobber. Je kan dan kiezen: in een hoekje zitten wenen, of luisteren hoe je nog nuttig kan zijn. Een ondernemer moet anticiperen. We hebben de kennis voor het onderhoud en het transport van zware bouwmachines. We hadden dus alle troeven in huis om die op te slaan, te onderhouden en klaar te maken voor levering aan hun klanten in Europa, Rusland en Afrika - 'assemble-to-order' in het vakjargon. De haven van Antwerpen leek hun de perfecte plek daarvoor. Als de eindklant bekend is, voorzien wij de machines van de juiste arm, graafbak, rupsbanden en kleur.'

Zo werd Aertssen Logistics geboren. In april legt het bedrijf, vlak bij het Verrebroek- en Vrasenedok op Linkeroever, de eerste steen van een logistiek park van 14 hectare, een project van 25 miljoen euro. Vanaf 2019 komen er een grote parking, opslagruimte, een spuiterij en een assemblageafdeling, waar 100 tot 150 mensen aan de slag gaan. 'We hopen hier enkele duizenden machines per jaar te assembleren. Niet alleen grondverzetmachines, maar ook machines voor producenten van hoogtewerkers of landbouwmachines.'

'We doen dat nu al op kleine schaal. Maar deze business moet de volgende groeispurt van de groep worden', vertelt Aertssen enthousiast. 'Opnieuw maken we van de nood een deugd, het motto van ons bedrijf. De maakindustrie verdwijnt, maar als je je aanpast en creatief bent, komt ze op een andere manier terug. En als je dat goed uitbouwt, komt het terug met een factor 10. We zijn trouwens nu al aan het rondkijken hoe we dit verhaal kunnen kopiëren op andere plekken in de wereld.'

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect