Shell zwicht voor klimaatdruk grote beleggers

Als eerste grote oliebedrijf gaat Shell zijn toplonen laten afhangen van een lagere CO2-uitstoot. Een groep institutionele investeerders hoopt ook andere klimaatzondaars te overtuigen.

De koppeling tussen uitstoot en verloning is een van de maatregelen die Shell heeft afgesproken met de actiegroep Climate Action 100+. Die omvat tientallen institutionele beleggers - onder meer de vermogensbeheerders van banken zoals BNP Paribas, grote fondsenhuizen als Robeco en pensioenfondsen zoals het Nederlandse ABP - die hun finan- ciële macht gebruiken om de grootste 100 (beursgenoteerde) emittenten van broeikasgassen tot betere inzichten te brengen. De lijst werd later nog uitgebreid met 61 bedrijven die een belangrijke rol spelen in de energietransitie.

Via discrete contacten met het management of de raad van bestuur proberen de investeerders engagementen los te krijgen over het formuleren van een klimaatbeleid, het terugdringen van broeikasgassen en een transparante communicatie over de genomen maatregelen.

Een jaar na de lancering van Climate Action 100+ lopen met alle bedrijven op de lijst gesprekken, zegt een woordvoerder van het initiatief. 'We werken niet met individuele doelen of deadlines. Maar als we merken dat een bedrijf zich niet constructief opstelt, zullen we het thema via een resolutie voorleggen aan de aandeelhoudersvergadering.'

Onder druk van de grote aandeelhouders belooft Shell dat het zijn eerder vage belofte om de CO2-uitstoot tegen 2050 te halveren gaat vertalen naar kortetermijndoelstellingen op drie à vijf jaar, te beginnen vanaf 2020. Het loon van het topmanagement zal afhangen van het halen van die targets. Volgens Shell raakt het plan de beloning van mogelijk 1.200 topmedewerkers.

'Dit geeft ons een hefboom om ook andere bedrijven tot actie aan te zetten', klinkt het bij Climate Action 100+. Naast oliebedrijven als BP en Exxon Mobil gaat het onder meer om multinationals uit de auto-, staal- en chemiesector.

De leden van Climate Action 100+ zijn niet de minste. Samen hebben ze 32.000 miljard dollar onder beheer. 'Ze doen dit ook omdat ze er zelf belang bij hebben', zegt de woordvoerder. 'Het is hun fiduciaire plicht - en steeds meer ook een wettelijke verplichting - om oog te hebben voor het langetermijnrendement. En er is de groeiende bewustwording bij de klanten, mensen én organisaties, die hun spaargeld op een ethisch verantwoorde manier willen beleggen.'

3 VRAGEN AAN PHILIP NEYT

Voorzitter van de Belgische Vereniging van Pensioenfondsen.

1 Waarom hechten pensioenfondsen zoveel belang aan de verloning van het topmanagement?

'Pensioenfondsen zijn langetermijnbeleggers. Ze beschouwen het als een risico om te investeren in bedrijven die geen of onvoldoende aandacht hebben voor de ESG-principes (milieu, sociaal en deugdelijk bestuur). Daarom willen ze garanties dat bedrijven alles doen om hoog te scoren op duurzaamheid. De trend komt overgewaaid uit de VS, waar grote pensioenfondsen vaker invloed proberen uit te oefenen op het stemgedrag bij een algemene vergadering.'

2 Ziet u deze trend ook in België?

'Niet meteen. Een cruciale voorwaarde is dat pensioenfondsen over voldoende schaal beschikken. Ze kunnen zich wel verenigen, maar in België zijn ze te klein om zo'n impact te hebben. Bovendien beleggen ze vaak op een indirecte manier (via fondsen) in bedrijven, waardoor ze ook niet rechtstreeks vertegenwoordigd zijn op de algemene vergadering.'

3 Hoe duurzaam zijn de pensioenfondsen zelf?

'We zien een duidelijke trend naar meer duurzaamheid. Een Europese richtlijn verplicht pensioenfondsen om daar meer aandacht aan te besteden. Vanaf 2019 zullen Europese pen- sioenfondsen daar in hun tweejaarlijkse stresstest voor het eerst op gecontroleerd worden.'

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect