Uw kinderen leren de verkeerde dingen

Als we ons onderwijs echt toekomstgericht willen maken, moeten we absoluut kiezen voor een geïntegreerde aanpak van vakken als wetenschappen, technologie en wiskunde, de zogenaamde STEM-richtingen. Enkel als we erin slagen het hokjesdenken te overstijgen, kunnen we voldoende jongeren overtuigen voor die opleidingen te kiezen.

Vandaag wordt bepaald wat uw kinderen de komende jaren in het secundair onderwijs zullen leren. Hun toekomst wordt met andere woorden letterlijk neergeschreven.

Het Vlaams Parlement legde de krijtlijnen daarvan vast. Commissies zijn die nu aan het uitwerken. Een veelbelovende opdracht. Want alle jongeren moeten een brede vorming krijgen, gericht op het echte maatschappelijke leven. En er moet aan probleemoplossend en disciplineoverstijgend denken gewerkt worden, ook op het vlak van de STEM-vakken: wetenschappen (science), technologie (technology), engineering en wiskunde (mathematics) en informatica. Dat was de conclusie van zowel het recente maatschappelijke debat als de parlementaire discussie over de eindtermen.

In het huidige programma van de Vlaamse scholen worden de STEM-disciplines opgesplitst in vakken die losstaan van elkaar: de zuivere wiskunde, een aantal afzonderlijke wetenschappen (chemie, natuurkunde en biologie), technologie, ... enzovoort. En daar is niets mis mee als dat maar aangevuld wordt met een geïntegreerde aanpak.

Wij vrezen echter dat in die commissies niet veel terug te vinden is van zo'n geïntegreerde aanpak. De onderwijskoepels hebben hun specialisten gestuurd en dat zijn geen specialisten van een geïntegreerde STEM-opleiding maar van alle afzonderlijke vakken. En die specialisten blijven op hun beperkte domein staan. Van een geïntegreerde aanpak van de STEM-vakken lijkt niets in huis te komen en dat zou ernstige gevolgen kunnen hebben voor de toekomst van onze jongeren en de samenleving waarin zij zullen leven.

Het ontbreken van een geïntegreerde aanpak waarbij het maatschappelijke belang van de verschillende disciplines duidelijk gemaakt wordt, is de belangrijkste reden waarom veel scholieren minder belangstelling hebben voor de STEM-vakken. Ze kiezen er dan ook niet voor in hun verdere studies. De leerlingen die hun motivatie vinden in de pure wiskunde of chemie zijn echt wel beperkt in aantal. De meesten raken gebeten om te weten als ze inzien waartoe die wetenschap, die wiskunde, die technologie kan leiden. De passie voor een STEM-opleiding ontbrandt maar als jongeren begrijpen wat die kan betekenen voor mens, milieu en gezondheid.

Projectwerk

Die geïntegreerde aanpak van de STEM- dimensies wordt best bereikt met projectwerk. Dat moet de vakkenaanpak aanvullen. Leerlingen moeten op hun niveau worden uitgedaagd om probleemoplossend en met het gebruik van informatica te leren denken, inzichten uit verschillende vakken te combineren en de voordelen van multidisciplinariteit te ontdekken. Ontdekkende kenniscreatie heet dat.

Een geïntegreerde en projectmatige aanpak van de STEM-opleidingen wordt in alle OESO-, EU- en VN-documenten aanbevolen. In de statistieken van de OESO over het aantal startende STEM-studenten in het hoger onderwijs moet België bijna alle 34 landen laten voorgaan, op Luxemburg, Nederland en Turkije na. Duitsland genereert tweemaal zoveel STEM-starters en dat doet de Duitse economie geweldig deugd, zoveel is duidelijk. Wetenschappers alleen zullen de ecologische uitdagingen waarvoor we staan niet kunnen oplossen. Zij hebben wiskundigen, technologen, ingenieurs en technici nodig met wie ze multidisciplinair kunnen samenwerken. Voor de jongeren betekent een STEM-opleiding een garantie op maatschappelijk waardevol werk. Wij mogen in Vlaanderen de trein van de toekomst niet missen. Zowel voor onze economie als ons milieu zijn STEM-opgeleiden essentieel.

We roepen alle specialisten in de commissies op, samen met de onderwijsnetten en -koepels en hun begeleiders, de uitgeverijen en de auteurs van nieuwe handboeken om de sprong naar de geïntegreerde STEM-aanpak en naar de competenties van de 21ste eeuw te maken.

Wij zijn academici die houden van onze eigen specialiteit en erin opgaan, maar die tegelijk beseffen dat in de 21ste eeuw enkel een geïntegreerde aanpak ons vooruit zal helpen. De argumenten van ons pleidooi en de impact voor het onderwijs staan gedetailleerd uitgelegd in het Standpunt 38 dat de Koninklijke Vlaamse Academie voor Kunsten en Wetenschappen heeft gepubliceerd.

Professor Irina Veretennicoff en professor Joos Vandewalle, namens de Koninklijke Vlaamse Academie voor Kunsten en Wetenschappen.

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect