'We zijn op de goede weg om armoede uit te roeien'

Abhijit Banerjee: 'In de Angelsaksische wereld heeft de groei bijgedragen tot ongelijkheid. Dat is zowel ethisch als politiek niet houdbaar. Herverdeling is nodig.'  ©J-PAL_MIT

Abhijit Banerjee groeide op naast de sloppenwijken van Calcutta, nu bestudeert hij armoede op globale schaal aan het MIT in Boston. 'Armen maken even complexe economische beslissingen als iedereen', zegt de Indiase econoom die maandag een eredoctoraat krijgt aan de KU Leuven.

BIO Abhijit Banerjee

Geboren in 1961 in Calcutta in India.

Econoom aan het gerenomeerde Massachusetts Institute of Technology (MIT).

Samen met zijn Franse collega Esther Duflo past hij in zijn onderzoek naar armoede, zoals in de geneesmiddelenindustrie, de methode van randomized control trials toe. In hun Poverty Action Lab testen ze hulpprogramma's uit op specifieke doelgroepen, terwijl andere groepen armen een placeboprogramma krijgen.

Het duo schreef daarover de bestseller 'Poor Economics', die in 2011 volgens Financial Times en Goldman Sachs het businessboek van het jaar was.

Banerjee krijgt maandag een eredoctoraat aan de KU Leuven.

Het wordt een blitzbezoek maandag, als Abhijit Vinayak Banerjee overvliegt van de Amerikaanse oostkust naar Leuven, daar samen met drie andere academici een eredoctoraat in ontvangst neemt, en meteen weer de oceaan oversteekt. 'Sorry, ik kan nu even niet anders. Ik ben thuis nodig', verontschuldigt de 52-jarige Indiër zich. De hoogdringende reden voor zoveel haast? De geboorte van zijn zoontje, amper acht dagen geleden. 'Ik ben heel trots.'

Banerjee valt aan de KU Leuven in de prijzen vanwege zijn radicaal andere benadering van een van de grootste problemen van deze planeet: armoede. Samen met de jonge Française Esther Duflo, zijn collega aan het vermaarde Massachusetts Institute of Technology in Boston, bestudeert Banerjee de armoedekwestie aan de hand van een methodologie die ook de geneesmiddelenindustrie hanteert. Met hun Poverty Action Lab testen ze op microniveau hulpprogramma's uit, zoals muskietennetten of voorbehoedsmiddelen. Ze selecteren specifieke doelgroepen, terwijl willekeurige andere groepen armen een placeboprogramma krijgen.

'Randomista's' worden ze genoemd, vanwege die tactiek van 'randomized control trials'. Het duo schreef er een bestseller over, 'Poor Economics', die in 2011 werd gekozen als businessboek van het jaar door Financial Times en Goldman Sachs. Daarin vermengen ze de menselijke verhalen van hun veldwerk met hun verbluffende bevindingen. Ze weten precies wat werkt, en wat niet. Een remedie tegen de miljarden euro's aan hulpgeld die worden aangegooid tegen ontwikkelingsprogramma's waarvan niemand bewijzen heeft of ze hun doel wel treffen. Want net zoals armen geen homogene groep zijn, bestaat er niet één mirakeloplossing voor het globale probleem.

Banerjee praat uitermate bedachtzaam. Hij neemt een vraag gedurende meerdere seconden in zich op en net als je na zo'n stilte begint te denken dat de telefoonverbinding weggevallen is, formuleert hij een beredeneerd antwoord. 'Er zijn twee soorten misvattingen over de psychologie van arme mensen, en beide zijn compleet nutteloos. Enerzijds denken velen dat de armen volledig gespeend zijn van elke keuze in het leven. Dat ze helemaal geen opties hebben. Dat ze volledig onderhevig zijn aan de beperkingen waaronder ze lijden. En dat het daarom geen zin heeft na te denken over de beslissingen die armen maken. Een andere misvatting is dat armen een zwak karakter hebben of dat ze niet opgewassen zijn tegen de krachten van de vrijemarkteconomie. Dat ze niet slim genoeg zijn, of dat ze niet de juiste voorkeuren hebben. En dat ze zichzelf daardoor veroordelen tot armoede. In die opvatting kan je niet echt iets doen om ze te helpen, want ze zullen die hulp meteen ongedaan maken.'

Armen maken dus net als iedereen economische keuzes?

Abhijit Banerjee: 'Armen hebben veel keuzes op kleinere schaal, keuzes die elk een grote impact hebben op hun leven. Zoals hun handen wassen voor ze hun kleine kinderen aanraken. Maar hun opties zijn erg beperkt als het over grotere zaken gaat. Ze kunnen niet zomaar een school voor hun kinderen uitkiezen. Of kiezen om zich uit de armoede te werken. Het is een illusie te denken dat ze rijk kunnen worden door gewoon de armen uit de mouwen te steken.'

Voor wie niet arm is, lijkt het wel dat armen de slechte beslissingen op elkaar stapelen. Ze spenderen het klein beetje geld dat ze verzamelen bijvoorbeeld aan onnodige dingen.

Banerjee: 'Iedereen maakt irrationele keuzes. Maar wij denken over armen: als ze nu niet zulke domme dingen doen, zouden ze rijk kunnen worden. Als die arme boer in Mali zijn klein beetje geld niet gebruikt voor een tv, of als dat arme gezin in de VS niet per se op vakantie wil, dan hebben ze meer kans om rijk te worden. Dat is niet waar. Het houdt net steek om dat te doen, want de kans dat ze rijk worden is heel klein. Waarom zouden ze dan hun leven niet wat aangenamer maken? Je kan toch niet verwachten dat mensen hun leven lang maar hopen plots rijk te worden en daarom zichzelf geen enkele vorm van plezier of ontspanning gunnen? Dat is een naïeve gedachte.'

Stel: u mag op de koffie bij een leider van een extreem arm land. Kunt u dan concrete adviezen geven?

Banerjee: 'Ja. Dat doen we trouwens af en toe. Een van onze suggesties heeft te maken met onderwijs. In veel ontwikkelingslanden is onderwijs gebouwd naar het koloniale model. Ze imiteren een systeem dat ontworpen is om een kleine elite te creëren, in plaats van een brede basis. De verwachtingen liggen daarbij veel te hoog voor de leerlingen, zodat ze onvoldoende tijd krijgen om te leren. Er passeert zeer veel leerstof, maar er zijn te weinig goede leerkrachten die ze helpen om dat te verwerken, waardoor ze snel achteropgeraken. Zo leren ze niets. Dat zie je in veel landen. We wijzen op de noodzaak kinderen echt te onderwijzen en ze door de schooljaren te helpen.'

'Een andere suggestie is gericht op ultra-arme mensen, die rond moeten komen met minder dan 1 dollar per dag. Het zijn mensen die geen enkele kans hebben op een normaal leven. We hebben nu bewijzen uit een vijftal erg arme landen dat ze hun levensstandaard snel kunnen verbeteren als je ze een klein beetje bezit geeft. Dat kan een koe zijn, of een geit of enkele varkens. Dat gaat niet op voor de gemiddelde arme mens die wel een vorm van inkomen heeft, het geldt enkel voor de armsten onder de armen. We zien het in onder meer in Peru, Bangladesh, India en Pakistan: als je ze een kleine vorm van hulp geeft, ervaren ze snel een duurzame verbetering. Ze worden iets rijker, gelukkiger en gezonder.'

Kan dat ook een kleine som geld zijn?

Banerjee: 'Ja, dat kan. Dat maken we bijvoorbeeld op uit tests in Kenia. Maar die bewijzen zijn nog niet zo stevig als wat we zien bij het geven van vee. Daarmee zie je echt dat mensen vier jaar later er veel beter voor staan.'

Dat gaat in tegen de conventionele gedachte dat armen niet kunnen omgaan met een gift die hen plots een stuk rijker maakt.

Banerjee: 'Inderdaad. Men zou denken dat ze die meteen verkopen of zo. Maar dat doen ze niet. Ze houden ze bij. En dat is een vaststelling die me heel optimistisch maakt.'

Boekt de wereld enige progressie in de bestrijding van armoede?

Banerjee: 'Ja, zeker. De armoede gaat overal ter wereld achteruit. Dat komt deels door bewuste politieke ingrepen om ze te bestrijden en door economische groei, zoals in China. Maar ook in regio's waar de economie veel minder hard is gegaan, zien we grote vooruitgang. Latijns-Amerika is daar het beste voorbeeld van. Ook Indonesië heeft de armoede hard achteruit zien gaan, net als Bangladesh. India zit ertussenin. Maar je ziet het in veel landen. We zijn op het goede pad. Zo lang de wereldeconomie niet instort.'

Is het een realistisch doel om armoede tot een absoluut minimum te herleiden?

Banerjee: 'Ja. De extreme armoede, mensen die met minder dan 1 dollar per dag moeten overleven, kunnen we volgens mij terugbrengen tot minder dan 5 procent van de wereldbevolking.'

Ondertussen vormt in het Westen en zeker in de VS de diepe sociale kloof tussen een rijke elite en een meerderheid die het moeilijk heeft, de crisis van het moment.

Banerjee: 'Nogal logisch als je ziet dat in de VS bijna alle vruchten van de enorme groei sinds de jaren 80 naar het rijkste deel van de bevolking zijn gegaan. Het gemiddelde gezin is niet rijker geworden. Dat is frappant. Een grote mislukking van de vrijemarkteconomie.'

'In continentaal Europa is het minder erg. Maar in de Angelsaksische wereld valt op hoezeer de groei heeft bijgedragen tot ongelijkheid. Dat is zowel ethisch als politiek niet houdbaar. De opbrengst van de groei blijft naar de rijksten gaan, terwijl die blijven zeggen dat ze nog meer van die voordelen willen omdat anders de groei zal stokken. In die retoriek geloof ik niet. Dat er geen herverdeling van welvaart nodig zou zijn, is nog zoiets dat ik niet geloof. Ik vind het redelijk logisch dat die herverdeling nodig is, en toch gebeurt ze niet.'

U groeide op in Calcutta en zag extreme armoede vanop de eerste rij. Is die ervaring nog altijd uw motivatie?

Banerjee: 'Ik ga er nog altijd vijf keer per jaar naartoe, dus ik zie veel armoede. Is het mijn motivatie? Wel, als je econoom bent en je hebt die achtergrond, is wat ik doe een manier om die twee dingen te combineren. Mijn motivatie is altijd geweest mijn academisch werk te verbinden met wat ik heb ervaren in mijn jeugd. Maar ook academisch werk motiveert me. En voor een academicus als ik is het moeilijk neutraal te blijven ten aanzien van wat belangrijk is. Mijn familie behoorde tot de middenklasse, maar we woonden vlak naast een grote sloppenwijk. Ik wist al vroeg dat de kinderen met wie ik speelde, anders waren dan ik.'

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content