'Met een andere CEO had Torfs al drie keer groter kunnen zijn'

©Tom Verbruggen

Wouter Torfs, de CEO van de gelijknamige schoenenketen, heeft een boek geschreven over werken en gelukkig zijn. Want over die combinatie gaat het te weinig, vindt hij. In 'Werken met hart en ziel' gooit de Beste Werkgever van België alle maskers af. 'Ik heb mezelf lang kapot gewerkt. En daar betaal ik nu de prijs voor.'

'Liefste Bomma en Bompa. (...) Nadat jullie dit aardse leven voor het eeuwige hebben ingeruild, heb ik me veel vragen gesteld. Over van alles en nog wat, maar bovenal over de zin en het doel van ondernemen. Moet winst maken de zaligmakende en enige drijfveer van een ondernemende CEO of familie zijn?'

Zo begint het boek van Wouter Torfs (56). Met een brief aan zijn bomma en bompa, de oprichters van schoenen Torfs. Het klinkt pathetisch, maar het zet meteen de toon. In 'Werken met hart en ziel' trekt de kleinzoon alle registers open. Het gaat over geluk met de grote G, over zorgzaamheid en authenticiteit. Over echte ontmoetingen op het werk en over de zoektocht naar je diepere zelf. Over kwetsbaar leiderschap. Een spiritueel managementboek, doorspekt met anekdotes en verhalen. Uit het leven in de schoenenketen gegrepen.

Maar ten overvloede bewijst Torfs ook dat het een magische formule is. De keten werd de voorbije tien jaar vijf keer uitgeroepen tot Beste Werkgever van België en vier keer tot Beste Schoenwinkelketen. De omzet ging maal vier, de nettowinst maal drieënhalf.

'Over dat ondernemerschap heb ik veel nagedacht', vertelt hij, bij een glas water in zijn eenvoudige kantoor in het industriepark van Sint-Niklaas. 'De groei, de winst: dat heb ik allemaal gezien. Maar ondernemen gaat over veel meer. Een bedrijf is meer dan een geldmachine. Het gaat om mensen, met dromen, verlangens, angsten en kwetsuren. Die laten ze niet achter aan de deur als ze hier binnenstappen. Als je hen op die manier behandelt, spreek je hun volledige potentieel aan. Dat wordt een werknemer meer dan iemand die zijn tijd verhuurt. Pas op, er zijn ook nadelen. Het kan al eens chaotisch worden als je iedereen helemaal zichzelf laat zijn. Zeker met vrouwen, 95 procent van ons personeel. (lacht) Ik bedoel dat niet seksistisch, die openheid siert hen! Mannen kroppen alles op en krijgen dan een hartinfarct.'

Torfs wil niet gewoon een familiebedrijf zijn, maar een familie tout court. Waar medewerkers en klanten thuiskomen, waar ze terechtkomen in een 'oase van geluk in een door jaagwinden geteisterde woestijn'. Hij lacht, gegeneerd. 'Dat is misschien nogal straf uitgedrukt. Maar kijk, vroeger vonden mensen zin in hun geloof. Waarom zou zingeving vandaag niet van je werk kunnen komen? Mensen zijn daar echt naar op zoek. Twintig jaar geleden wilden mensen ook gelukkig zijn, maar niet op hun werk. En als ze dat al zochten, ging het vooral om de materiële beloning: een auto, een promotie. Vandaag merk ik dat mensen vooral op zoek zijn naar een betekenis in hun werk. Naar zelfontplooiing, naar een manier om gelukkig te worden.'

'Waarom zou er een tegenstelling moeten bestaan tussen een fijne werkplek en een economisch succesrijke werkplek? Soms lijkt het haast wenselijk dat werknemers niet te content zijn en dat er enige stress heerst, omdat men gelooft dat werkdruk tot meer productiviteit leidt.'

Wouter Torfs wil dat zijn medewerkers via workshops en cursussen groeien. Dat ze door de onderdompeling in de Torfs-cultuur een beter mens worden. Maar hoe lukt dat, tussen het sleuren met schoendozen door? 'Doordat ze hier merken dat de simpele stiel van schoenen verkopen geen bandwerk is, maar een vak. Dat ze door onze superklantvriendelijke aanpak zoveel terugkrijgen. Natuurlijk zou dat voor elke schoenenverkoper moeten gelden. Maar ga kijken in de winkelstraten, dat is níét zo. Onze klantgerichte focus is uniek, hoe eenvoudig die ook lijkt. Wij pushen mensen nooit om schoenen te kopen als ze twijfelen. Integendeel. 'Koop ze niet, denk er nog eens over na.' Dáárop trainen wij onze mensen, wat bijna tegen het commerciële gevoel in gaat. Maar de klant stapt tevreden buiten, ook zonder schoenen. En de volgende keer komt hij terug. Daarover gaat het.'

'Bon, als je met die ingesteldheid in een winkel staat, met collega's die ook zo denken, als je regelmatig op kosten van het werk cursussen kan volgen die je verrijken, als we je expliciet vragen om je inbreng en ideeën, en die dan ook toepassen, dan krijg je een cultuur die om meer draait dan werken alleen. Dan wordt een beroep dat niet zo aantrekkelijk is - met dozen sleuren, weekendwerk, niet geweldig betaald - toch iets wat glans geeft aan je leven. Dan maken we onze baseline 'a great place to work' ook echt waar.'

Maar zijn medewerkers - 'Torfkes' in zijn jargon - wel altijd op zoek naar die 'echte ontmoetingen' op het werk? Willen ze niet gewoon hun job komen doen, en klaar? 'Misschien. Het is mijn visie over wat werken op zijn mooist kan zijn. Natuurlijk is het soms makkelijker als iedereen zijn masker draagt en zich achter zijn schild van onkwetsbaarheid opstelt. Dat je je doelstellingen haalt en je loon opstrijkt. Maar is dat leuker? Worden we daar gelukkiger van? Je spendeert wel het gros van je dag op je werk, hè.'

'Ik vind het spannender wat chaos toe te laten, ruimte voor improvisatie. Mensen willen niet meer van bovenaf gedirigeerd en gecontroleerd worden. Wie gecontroleerd wordt, gaat zich ernaar gedragen. Ik geloof niet dat je daar veel mee bereikt. Trouwens, tegen al wie mij als een overjaarse soixante-huitard afschildert, zeg ik: 'Mannekes, het heeft wel opgebracht, hè. Het was zakelijk succesvol. We passen die filosofie al toe van in de tijd van bomma en bompa Torfs, met hun pannenkoeken en hun wafels.'

Het is op zich wel merkwaardig: Torfs is koning onder de Beste Werkgevers, niemand stoot hem van de troon, terwijl de retail geen voor de hand liggende sector is. Voor de winkeldames is Torfs een 'great place to work', voor hun familie is dat al minder. 'Dat is ongetwijfeld zo. Ik wind daar geen doekjes om: work-life balance is bij ons een moeilijke. Het zijn bijna allemaal mama's met kinderen die in het weekend naar duizend activiteiten moeten. Het is niet de hemel op aarde. Maar we geven hun alle autonomie om dat onder elkaar te regelen. Die vrouwen kunnen dat het best, dat doen ze thuis ook. Wat zou ik me daarmee bemoeien?'

'En toch: dat minpunt weegt niet op tegen het grote werkplezier. Ik vind het zelf ook straf dat wij die titel maar blijven binnenslepen, en dat we uitkomen op een tevredenheidsscore van 97 procent. Na ons, op twee, staat Microsoft: hoogopgeleiden, mooie salarissen, blitse kantoren. We knokken tegen de consultants met hun verwencultuur voor young potentials. Maar we houden stand. Net als McDonald's, trouwens. Twee jaar geleden wonnen zij. Hamburgers bakken, met je hoofd boven het frietvet... Daar moet ook iets hangen wat die moeilijke job goedmaakt.'

'Ik ben nu eenmaal de mening toegedaan dat je als ondernemer en bedrijfsleider een maatschappelijke verantwoordelijkheid draagt en dat het goed is dat je je stem laat horen. Er is al zoveel politieke apathie.'

Het boek van Torfs blaakt van ethiek en duurzaamheid. Maar als we vragen hoe duurzaam zijn product zelf is, wordt het even stil. De kans is groot dat de mooie kinderschoenen die hij verkoopt, door kinderhanden zijn gemaakt. 'De achilleshiel van ons verhaal is het product, dat geef ik toe. Het is van leer - wat niet CO2-neutraal is - en het wordt gemaakt in ateliers in het Verre Oosten. Ik wil me daar niet achter verstoppen, maar wij maken zelf geen schoenen. En we wegen niet zwaar genoeg om eisen over arbeidsomstandigheden op te leggen aan de grote merken die we verkopen. Die hefboom heb ik helaas niet. Natuurlijk knaagt dat. We zijn op zoek naar oplossingen.'

'Die 250.000 euro die we jaarlijks aan het ontwikkelingsproject Cunina geven, is geen manier om ons geweten te sussen. Echt niet. Het is een terechte vraag, maar ik vind het wel heel cynisch. Cunina is een manier om onze visie concreet te maken. We doen dat niet in stilte, om ons geweten af te kopen. We pakken er net mee uit, omdat we onze medewerkers en klanten bewust willen maken. Elke winkel heeft een petekind van Cunina geadopteerd. We bouwen scholen in Nepal. Medewerkers kunnen daar op bezoek gaan, en erover getuigen. Ook dat maakt hun werk zinvol.'

Het is expliciet zijn missie om van deze wereld een betere plek te maken, zegt Torfs, ongegeneerd. Hij meent het echt. Hij ergert zich ook aan de politiek, 'waar het alleen maar gaat over centen, tekorten en besparen. Waar geen enkel positief verhaal meer is.' Maar is die schoenenketen dan wel de juiste uitvalsbasis? 'Het is mijn plek. Ik houd van die business. Natuurlijk zou ik all the way kunnen gaan en een duurzaam investeringsfonds oprichten. Daarvoor heb ik de moed niet. Maar misschien is het wel even waardevol een steen te verleggen in een Vlaams bedrijf waar 600 mensen werken, die mijn filosofie meedragen. Ik hoop vooral dat het besmettelijk is. Als er meer bedrijven als Torfs zouden zijn, dan zou dat goed zijn voor de maatschappij. Toch?'

Het boek van Torfs leest als een ode aan de common sense. Maar meent hij het ook allemaal echt? Groei en winst zijn niet de drijfveer, maar ze drijven het bedrijf wel al decennialang. Wat als er op een dag wel harde keuzes gemaakt moeten worden? 'Dan ga ik die maken, in alle transparantie. Maar ik ga ook onze bedrijfscultuur tot het uiterste verdedigen. Die waanzinnige groeicijfers blijven niet duren. Het zal dit jaar al wat minder zijn. De test van de filosofie komt in slechte tijden. Maar ik ben ervan overtuigd dat een bedrijf als het onze beter gewapend is om moeilijke maatregelen te slikken.'

'Kijk, is weet dat critici zullen zeggen: hij wil vooral schoenen verkopen, en dat verpakt hij handig in een jasje van geluk en duurzaamheid. Maar zo is het niet. Torfs had al drie keer groter kunnen zijn. Mijn aandeelhouders hadden kunnen zeggen: 'Die Wouter, met al zijn boeken en zijn lezingen en zijn tv-optredens, we schuiven hem aan de kant en vervangen hem door iemand die gaat voor de grote expansie. Die de balansen volpompt met schuld en op overnamepad gaat. Die morgen Euro Shoe (Avance, Shoe Discount, Bristol) overneemt. We kunnen dat. We hebben 75 winkels, het hadden er ook twee- of driehonderd kunnen zijn. Wat we doen is straf, maar het had veel straffer kunnen zijn. Kijk naar wat Dieter Penninckx en Bart Claes, twee goede vrienden, doen met Fred & Ginger en JBC. Dat zijn andere groeitrajecten. Alle respect. Maar het bewijst ook dat de mindset van de CEO de koers van het bedrijf bepaalt.'

'Mijn focus is niet alleen de cashflow en de ebitda. Ik heb me als mens ontwikkeld en mijn spiritualiteit ontdekt, onder meer in het boeddhisme en het taoïsme. Dat heeft een impact op het bedrijf. Dat zie je bij Colruyt ook.'

'Authentieke leiders hebben authentieke volgers, omdat ze geloven in de missie, de waarden en de strategie van het bedrijf. Ze dragen bij aan een groter geheel dat ze betekenisvol vinden. Maar er is meer: de authenticiteit van de leider is een appel aan de authenticiteit van de medewerker. De kwetsbaarheid van de leider, die het niet altijd het beste weet, is een uitnodiging voor de kwetsbaarheid van de medewerker.'

In het boek beschrijft Torfs openlijk hoe de oosterse spiritualiteit hem als mens heeft veranderd. Of hoe hij er althans mee worstelt en zijn eigen demonen te lijf gaat. 'Sommigen vinden dat misschien exhibitionistisch, maar ik hoop vooral dat het anderen inspireert.'

Hij vertelt bijvoorbeeld over een sessie van zijn CEO Council, een groep van zeven bevriende ondernemers, onder wie JBC-topman Bart Claes en Frans Colruyt. Ze adviseren elkaar over grote privé- en bedrijfsgebonden vragen. Daar hoort hij hoe zijn vrienden zich zorgen maken over hem. 'Wouter zullen we als eerste begraven', klinkt het confronterend.

Een boek schrijven over zorgzaamheid en het zelf niet toepassen? Torfs slikt. En geeft dan toe dat hij zichzelf lang kapot heeft gewerkt. 'Daar betaal ik nu de prijs voor. Binnenkort moet ik een zware operatie ondergaan. Mijn levensstijl zit er misschien wel voor iets tussen. Te veel vuur. Een hectisch beroepsleven is niet goed voor een mens. Ik moet het nog laten bezinken. En mijn conclusies trekken. Gelukkig heb ik mijn vrouw en enkele goede vrienden die zeggen: 'Pas op.'

'Ik heb alle medewerkers laten weten dat er iets aan de hand was. Zoiets komt toch uit. Als je kwetsbaarheid predikt, moet je je als baas niet verheven opstellen. Vorige week was dat, net voor ons jaarlijkse personeelsfeest. Thema Wild West. We stonden daar allemaal verkleed als cowboy, indiaan of cactus. Hoe je op zo'n moment gedragen wordt door die medewerkers. Dat doet zoveel deugd. Op zo een moment besef je echt: Torfs is meer dan een bedrijf, het is een familie.'

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content