Pianospelen op een moerasgroene typemachine

'SS Proleterka' is uitgegeven bij Koppernik, telt 120 pagina's en kost 18,50 euro. ©rv

De Zwitserse Fleur Jaeggy puurt literatuur uit 'het grote niets'. De novelle 'SS Proleterka', die zonet in het Nederlands is verschenen, is de perfecte introductie tot haar meticuleuze proza.

De kans dat u haar kent, is klein. Fleur Jaeggy (78) is een van die parels uit de Europese literatuur die om onverklaarbare redenen amper zijn vertaald in het Nederlands. Gelukkig heeft de uitgeverij Koppernik een neus voor dat soort fenomenale maar onderbelichte auteurs.

De Zwitserse woont en werkt in Italië, waar ze intussen elke literaire prijs heeft gewonnen die ook maar een beetje het vermelden waard is. Grootheden als Joseph Brodsky en Susan Sontag waren vol bewondering voor haar pen 'als de naald van een graveur die de wortels, twijgen en takken van de boom der waanzin afbeeldt' (dixit Brodsky).

Een prachtige introductie tot Jaeggy's in steen geslepen zinnen is de novelle 'SS Proleterka', door The Times uitgeroepen tot een van de beste boeken van 2003. Aan het woord is een naamloze vrouw die terugkijkt op haar jeugd, toen ze met haar vader een bootreis langs de Griekse eilanden maakte. Na de scheiding van haar ouders groeide het meisje op bij haar grootmoeder en werd haar vader 'een onwaarschijnlijk onbekende'.

De boottocht is hun 'laatste en eerste kans om samen te zijn'. Maar terwijl het schip de Proleterka onder de Griekse zon dobbert, 'stuurloos, als het ware ten prooi aan een vervlietende dagdroom', gaan vader en dochter elke vorm van toenadering uit de weg. Affectie wordt afgeschermd, onthechting tot een levenswijze verheven. Er wordt amper een woord gewisseld. Liever geeft het meisje zich over aan brutale seksuele escapades in de hutten van de officieren.

Het relaas van die boottocht verweeft de verteller met herinneringen aan haar ouderloze kindertijd. Het is een terugkerend thema bij Jaeggy: hoe kinderen die door hun ouders worden verlaten hun gevoelens loslaten 'alsof het voorwerpen zijn'. Haar personages zijn vanbinnen vastgevroren, en zijn door een gebrek aan liefde ook hun onschuld kwijt. Teruggetrokken in zichzelf als in een versterkte burcht.

Vuoto

Jaeggy zweert al decennia bij haar 'moerasgroene' typemachine, die ze bespeelt als een piano. 'Ik studeer, ik oefen toonladders.' En zo laten haar romans en verhalen zich ook het best omschrijven: geen meanderende melodieën maar strak uitgevoerde etudes. Koel, meticuleus, haast mathematisch gecomponeerd.

Haar proza roept herinneringen op aan Samuel Beckett en Marguerite Duras. Ze laat haar zinnen stralen in een koud, helder licht, flitsend en uitgekristalliseerd. De taal ligt als een ijslaag over alles heen. Maar onder de oppervlakte broeit en kookt het van de ingehouden spanning. Met klinische precisie legt ze de onderstroom van complexe en onuitgesproken stemmingen en gevoelens bloot.

Voor ze aan het schrijven gaat, zoekt Jaeggy haar innerlijke vuoto op. Dat woord laat zich liever niet uit het Italiaans vertalen, maar het betekent zoiets als leegte, vacuüm, het grote niets. In Jaeggy's woorden: 'de eenzaamheid van de wildernis', die ze in haar schrijfkamer cultiveert 'als een plant die je constant water moet geven'.

Jaeggy's proza is als een stem die opklinkt vanuit de leegte en er ook weer naar terugkeert. Let aan het einde op de ultieme verdwijntruc waarmee de vertelstem zichzelf lijkt uit te wissen, oplossend in het vervagende geheugen van haar vermeende vader.

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect