Schilderen met passer en liniaal

Een compositie uit 1954. Vandenbranden gebruikte latex om zijn doeken een sculpturale toets te geven. ©Guy Vandenbranden

Het Belgisch constructivisme stond bol van grote ego's. In 'Inner Circle' laat het veilinghuis Dorotheum werk van Guy Vandenbranden in dialoog gaan met dat van zijn concurrerenten.

'Wat de reactie op de doeken zal zijn, weet ik niet. Veel bijval zullen ze van het grote publiek niet genieten. Maar ik vind ze fameus en monumentaal.' Dat schreef Guy Vandenbranden (1926-2014) in 1959 aan zijn collega-schilder Jef Verheyen. Hij had het over zes schilderijen waaraan hij werkte. Hij omschreef ze als een 'grote zwarte vorm op een witte fond, en hier en daar een heel klein stukje grijs of donkerblauw'. Redelijk revolutionair aan het einde van de jaren vijftig, toen een groep Belgische kunstenaars in het zog van de Duitse ZERO-beweging het constructivisme ontdekte. Hun beeldtaal bestond uit geometrische, vaak monochrome figuren.

Vandenbranden was een spilfiguur in de Belgische beweging, maar is relatief onbekend gebleven. Minder bekend alleszins dan tijdgenoten als Jef Verheyen, Pol Bury, Walter Leblanc, Marc Verstockt, Roger Raveel of Paul Van Hoeydonck. De verkooptentoonstelling 'Inner Circle' bij het Brusselse veilinghuis Dorotheum moet daar verandering in brengen.

Het gaat om een samenwerking met de Antwerpse galerie Callewaert-Vanlangendonck. Youri Vanlangendonck, historicus van opleiding, leerde Vandenbranden tien jaar geleden kennen toen hij nog studeerde. De twee werden vrienden. Na het overlijden van Vandenbranden in 2014 kreeg de galerie van de familie het recht de artistieke nalatenschap van de kunstenaar te beheren. De expo in Dorotheum is daar een resultaat van.

Op het eerste gezicht lijkt het vreemd dat een galerie tentoonstelt in een veilinghuis. Maar het blijkt een win-winsituatie. 'In plaats van deel te nemen aan die dure kunstbeurzen stoppen we onze middelen liever in de duurzame ontginning en promotie van het constructivisme', zegt Vanlangendonck. 'Het veilinghuis Dorotheum heeft in verschillende landen kantoren en van dat netwerk maken we gebruik. Deze expo reist na Brussel naar Düsseldorf, en hopelijk ook nog naar Londen. Het bijbehorende kunstboek van Brecht Callewaert past in die filosofie: een boek heeft een langere levensduur dan een beursstand.'

Voor Dorotheum is de expo dan weer een middel om zich meer te profileren in de Belgische kunst.

Pas de deux

In de ontvangstruimte van Dorotheum tonen enkele topwerken in één opslag waar Vandenbranden voor stond: abstract geometrisme met een beperkt kleurenpalet. Om diepgang aan de hele en halve cirkels, driehoeken en rechthoeken toe te voegen gebruikte hij latex, waardoor sommige doeken een sculpturale toets krijgen.

Aanvankelijk schilderde Vandenbranden nochtans onder invloed van het impressionisme en het expressionisme. Maar toen hij in 1951 Paul Klee ontdekte, begon hij steeds geometrischer en abstracter te werken. Eerst koos hij voor het 'lyrische geometrisme' en tekende hij zijn figuren met de losse hand, later gebruikte hij liniaal en passer. Die techniek staat bekend als het 'koude geometrisme'.

Vandenbranden was niet de enige in ons land. Dat is te zien in de volgende expozaal, waar zijn werk in duo hangt met dat van collega's. Hoewel elke kunstenaar zijn eigen stijl had, resulteert dat vaak in een mooie pas de deux. 'Al moet ik erbij zeggen dat veel van die kunstenaars onderling enorm veel hebben geruzied. Ze waren collega's, maar toch ook concurrenten. De meesten hadden een groot ego', zegt Youri Vanlangendonck.

De conflicten werden deels veroorzaakt door de manier waarop het constructivisme zich in België ontwikkelde. De artiesten verenigden zich in al dan niet tijdelijke kunstenaarsverenigingen - Art Abstrait, Formes, G58, de Nieuwe Vlaamse School - en trokken vaak samen naar het buitenland voor groepsexpo's, vooral in Duitsland en Italië. Het samenzijn ontaardde nogal eens in discussies over de essentie van de kunst. Het was de tijd ook dat kunstenaars nog geen galeristen hadden die praktische rompslomp van een tournee regelden. Er bestaat een prachtige foto van Vandenbranden en Jef Verheyen die voor hun Volkswagen Kever poseren. De schilderijen liggen vastgebonden op het dak van de auto.

Hun expo's in het buitenland zorgden ervoor dat de Belgische artiesten werden opgenomen in een soort internationale alliantie van constructivistische kunstenaars. Vandenbranden onderhield goede contacten met de Italiaanse kunstenaar Lucio Fontana en de oprichters van de ZERO-beweging, onder wie Günther Uecker. Tegelijk werd Antwerpen in de jaren zestig een draaischijf van de nieuwe kunst, met een rist tentoonstellingen en galeries die binnen- en buitenlandse kunstenaars toonden en vertegenwoordigden.

Ondanks hun belang voor de kunstgeschiedenis zijn de Belgische constructivisten ondervertegenwoordigd in onze musea. 'De staat stopte in 1950 met het kopen van kunst. Pas in de jaren zeventig nam hij de draad weer op. Maar de lacune is er nog. Met deze expo proberen we daar iets aan te doen', zegt Van Langendonck. Misschien kunnen de musea alsnog tot aankoop overgaan: de prijzen van de werken variëren tussen 5.000 en 45.000 euro.

* 'Inner Circle' loopt tot 23 februari bij Dorotheum in Brussel. Alle werkdagen van 10 tot 17 uur. Uitzonderlijk open op zaterdag 21 en 28 januari.

KORT

Guy Vandenbranden werd in 1926 in Brussel geboren. Hij studeerde aan de vrije academie L'Effort, een leerschool voor jonge kunstenaars die zich afzetten tegen de traditionele schilderkunst. Vandenbranden werd in zijn jonge jaren erg beïnvloed door Piet Mondriaan en Victor Vasarély. Zij stuurden hem het pad van het constructivisme op. Hij overleed in 2014.

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Partner content