Advertentie

Belgische bedrijven mogen mekaar bespioneren

De Staatsveiligheid hanteert de regel dat ze zich niet inmengt met concurrentiële spionage tussen Belgische bedrijven. De dienst informeert bedrijven vooral via informele kanalen over de veelvuldige bedreiging van buitenlandse overheidsdiensten en concurrenten: infiltratiepogingen, desinformatiecampagnes, beïnvloeding van personeel, enzovoort.

(tijd) Een verslag van het Comité I biedt een exclusieve kijk achter de schermen van onze economische contraspionage.

In 1998 kreeg de Staatsveiligheid de wettelijke opdracht het 'wetenschappelijk en economisch potentieel' (WEP) van ons land te beschermen. Maar bijna acht jaar later heeft de federale regering die opdracht nog niet gedefinieerd. Welke sectoren en bedrijven moet de Staatsveiligheid beschermen? Enkel overheidsbedrijven of ook de privé-sector? Enkel honderd procent Belgische bedrijven of ook Belgische filialen van internationale groepen? De federale minister van Justitie, Laurette Onkelinx (PS), legt in september een voorstel van taakomschrijving voor aan het college van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten.

Maar ondanks het juridische vacuüm kwijt de Staatsveiligheid zich toch van haar opdracht om ons economisch patrimonium te beschermen. Hoewel de dienst bereid was de materie met De Tijd te bespreken, werden alle interviews tot nu toe geblokkeerd op het politieke niveau. Maar een nieuw verslag van het Comité I, dat de inlichtingendiensten controleert, biedt een inzicht in de manier waarop de Staatsveiligheid de economische spionage bestrijdt. De Tijd kon dat verslag inkijken.

Lobbying

De Staatsveiligheid hanteert de regel dat ze zich niet inmengt met concurrentiële spionage tussen Belgische bedrijven. 'Dat behoort niet tot onze bevoegdheden', stelt de dienst. 'Al is het vaak moeilijk om te bepalen of een bedrijf als Belgisch beschouwd moet worden. Veel bedrijven hebben vandaag een internationaal karakter', luidt het.

Onze geheime agenten hebben dus vooral oog voor bedreigingen 'van buitenaf'. Daarbij stelt de Staatsveiligheid bijvoorbeeld vast dat er bewust desinformatie- en beïnvloedingscampagnes ('lobbying') worden georganiseerd om belangrijke sectoren, bedrijven en onderzoeksinstellingen in ons land 'te desorganiseren'. Buitenlandse bedrijven en mogendheden voeren hier ook clandestiene activiteiten van spionage uit. Daarbij bestempelt de Staatsveiligheid enkele sectoren als 'prioritair': autonome overheidsbedrijven, organen van openbaar nut, gas-, water- transport- en andere bedrijven die de bevolking voorzien van vitale behoeften en bedrijven en laboratoria 'die vernieuwende activiteiten met een hoge toegevoegde waarde ontwikkelen' of een 'hoge concurrentiële positie op de wereldmarkt innemen'.

In een intern rapport van 20 september 2001 besluit de Staatsveiligheid dat ze vooral 'preventief' en 'verwittigend' moet optreden. Alle bedrijven met 'kwetsbare kennis' moeten worden gesensibiliseerd over de mogelijke dreigingen. Ze worden bijvoorbeeld geïnformeerd over de beveiliging van geclassificeerde documenten, communicaties en e-mail. Ook inlichtingen over oneerlijke concurrentie en infiltratiepogingen door criminele bendes worden gemeld aan de geviseerde bedrijven. 'Al hebben we eigenlijk geen juridisch kader om hen informatie over personen door te spelen', merkt de inlichtingendienst op. Daarnaast worden personeelsleden op wie druk wordt uitgeoefend om bedrijfsgeheimen te lekken, door de dienst 'bijgestaan' en geadviseerd . Dat gebeurt vooral via informele contacten.

Buitenland

In onze buurlanden hebben de inlichtingendiensten meer slagkracht om economische spionage tegen te gaan. In Frankrijk levert de Direction de la Surveillance du Territoire (DST) al sinds 1981 bijstand aan firma's en onderzoeksinstituten. 'Dagelijks zijn er informatievergaderingen en briefings over de actuele gevaren. We nemen vooral contact op met de sectoren die de buitenlandse inlichtingendiensten volgens ons viseren', citeert het Comité I een DST-commissaris.

De Nederlandse geheime dienst AIVD werkt op basis van een vertrouwelijke namenlijst met bedrijven die volgens de minister van Binnenlandse Zaken van vitaal belang zijn voor het land. De AIVD focust sinds 1994 vooral op spionage en lastercampagnes tegen die bedrijven. De dienst maakt daarover dreigingsanalyses en beveiligingsadviezen. De Duitse Bundesamt für Verfassungsschutz (BfV) heeft zelfs al 'partnerschappen' gesloten met 1.600 bedrijven in de wapenindustrie, autosector, petrochemie en hoogtechnologische sectoren. In elk bedrijf is een werknemer aangewezen als 'verbindingsman' met de BfV. Er is ook een namenlijst verspreid van buitenlandse firma's en onderzoeksinstellingen die verdacht worden van spionage.

Het Comité I besluit dat in afwachting van een duidelijke taakomschrijving onze Staatsveiligheid niet mag nalaten het bedrijfsleven te informeren en te sensibiliseren. Ook al beseft het comité dat de dienst daarvoor te weinig personeel heeft en mogelijk externe medewerkers moet inschakelen.

LB

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud