Besmette veebedrijven mogen selectief slachten

(belga) - De federale minister van Volksgezondheid, Rudy Demotte, wil het afmaken van dieren voortaan beperken. Een landbouwbedrijf waar de dollekoeienziekte wordt vastgesteld, moet niet langer alle runderen vernietigen. Dat staat in het ontwerp van het ministerieel besluit dat Demotte naar de Raad van State stuurde. De selectieve slachtingen zijn volgens de minister niet gevaarlijk voor de volksgezondheid.

Een veebedrijf dat is besmet met de dollekoeienziekte (BSE) moet vandaag alle runderen slachten. Demotte wil daar een eind aan maken. Volgens het voorstel van de minister wordt de uitroeiing beperkt tot de afstammelingen van de aangetaste koeien en de dieren die in hetzelfde bedrijf geboren zijn een jaar voor tot een jaar na het getroffen dier. Ook de dieren die in hun eerste levensjaar met hetzelfde voer zijn grootgebracht, worden afgemaakt. De runderen ouder dan een jaar van dezelfde veestapel worden in het slachthuis getest op BSE.

Door de maatregel zouden er 50 tot 80 procent minder dieren in de kuddes worden vernietigd dan nu het geval is. Daardoor verminderen de kosten van het Sanitair Fonds dat instaat voor de vergoedingen aan de getroffen veehouders. De beperkte slachting vermijdt ook dat het hele genetische patrimonium van de getroffen bedrijven nodeloos wordt vernietigd, verklaart Demotte. De minister steunt zijn beslissing op het advies van de Wetenschappelijke Stuurgroep van de Europese Commissie en van een groep Belgische experten. De selectieve slachtingen zijn aldus niet gevaarlijk voor de volksgezondheid.

Demotte heeft ook een ontwerp van Koninklijk Besluit klaar om gebruik te maken van snellere testen voor de opsporing van BSE.

(foto: belga)

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud