Advertentie

Interview met Renaat Landuyt: 'Ik wil minister van Vrije Tijd worden'

(tijd) - 'Ik verander mijn ideeën niet omdat ik op een andere stoel zit', zegt Renaat Landuyt (sp.a), de federale minister van Mobiliteit. Als Vlaams minister was hij een groot pleitbezorger van de regionalisering van het verkeersrecht. Nu hij federaal minister is, wil hij die bevoegdheid afstaan aan zijn collega's van de deelstaten. 'Dan ben ik eindelijk wat ik altijd wilde zijn: minister van Vrije Tijd.'

Renaat Landuyt is nog maar enkele maanden minister van Mobiliteit. Tijdens de DHL-crisis bleef hij opvallend op de achtergrond. 'Dat was een bewuste keuze. Ik ben minder mediageniek dan mijn voorganger, Bert Anciaux', lacht hij. Landuyt weet maar al te goed dat hij zich aan het DHL-dossier kan verbranden. 'Het is eerst aan de gewesten om een akkoord te sluiten. Als dat er is, zal ik zorgen dat het uitgevoerd kan worden', zegt hij kort en bondig. 'Ik vind trouwens dat het mobiliteitsbeleid wat minder over lucht moet gaan en wat meer over verkeer.'

Er is veel kritiek op de nieuwe verkeerswet, die op 1 april in werking trad. Vooral de hoge boetes moeten het ontgelden.

Renaat Landuyt: 'Ja, nochtans zijn de eerste cijfers over het effect op de ongevalstatistieken zeer positief. Er zijn minder dodelijke ongevallen en er vallen minder zwaargewonden op onze wegen. Al diegenen die zeiden dat de wet niets zou uithalen, hebben ongelijk.'

'Samen met de organisaties op het terrein, zoals Touring en VTB-VAB, ga ik de wet dit jaar nog grondig evalueren. Zonder te willen vooruitlopen op de conclusies, meen ik dat de nieuwe verkeerswet een goede wet is. Er wordt altijd gefocust op de superboetes, maar men vergeet dat de wet iedereen verplicht bezig te zijn met veiligheid op de weg. In de wet staat bijvoorbeeld dat de politiezones hun aandeel uit het Verkeersboetefonds pas krijgen als ze een verkeersplan afsluiten met de ministers van Mobiliteit en Binnenlandse Zaken. Het gevolg is dat elke politiezone in België nu een verkeersbeleid heeft. De plannen voor 2004 zijn onlangs ingediend. Voor het einde van het jaar krijgen de politiezones hun geld.'

Landuyt: 'Misschien moeten we technisch wat aan de wet schaven, maar het belangrijkste is dat de handhaving verbetert. We moeten oppassen dat we met de verkeerswet niet dezelfde fouten maken als met de drugswet. Men heeft die wet voortdurend gewijzigd om de handhaving ervan te verbeteren. Dat heeft ertoe geleid dat de wet niet meer hanteerbaar is. In een wet moeten enkel de grote principes staan. De uitzonderingen en de interpretaties horen thuis in richtlijnen voor de politie en de parketten.'

'We moeten de politieparketten veel meer politiek sturen. Dat is geen vies woord voor mij. De regering en het parlement moeten veel duidelijker aan de parketten zeggen wat er moet gebeuren met de wetten die ze gemaakt hebben. De rechters zijn onafhankelijk, maar de parketten zijn ondergeschikt aan de regering. De parketten moeten werken volgens politieke prioriteiten. Het kan niet dat de vervolging voor een misdrijf uit de verkeerswet afhangt van het humeur van de plaatselijke procureur. Het is onverantwoord dat het parlement een wet stemt en een procureur vervolgens mag kiezen wat hij belangrijk vindt.'

Maar de parketten klagen steen en been dat ze overladen worden met processen-verbaal van de politie. Ze kunnen het werk niet aan.

Landuyt: 'Ik weet het, ik heb de oproep begrepen van de Brusselse procureur des Konings (die de Brusselse politie opriep geen pv's meer uit te schrijven). We moeten bekijken hoe we de werklast van de verkeersparketten kunnen verminderen. Niet zozeer door extra geld in de parketten te pompen voor meer personeel, maar door de procedures te versimpelen. De verkeersboetes dienen bijvoorbeeld sneller en efficiënter geïnd. Daarnaast moeten de methodes van een eeuw geleden bij een afhandeling van een ongeval dringend gemoderniseerd. Als er een ongeval op de autoweg gebeurt, komt het parket ter plaatse, vervolgens een deskundige en tot slot een expert van de tegenpartij. Het duurt uren vooraleer de weg weer vrij is. Duizenden mensen staan in de file en geraken niet op tijd op hun werk. Er ontstaat miljoenenschade die niemand zal recupereren.'

Landuyt: 'De politie moet meer autonomie op het terrein krijgen, zodat de procureur niet steeds moet worden opgeroepen. We moeten criteria opstellen, bijvoorbeeld dat de weg niet langer geblokkeerd mag worden dan de tijd die nodig is om iets weg te halen. Na een bepaalde tijd begint het algemeen belang door te wegen op het belang van twee verzekeringsmaatschappijen.'

U blijft voorstander van boetes afhankelijk van het inkomen.

Landuyt: 'Een straf moet voor iedereen evenveel pijn doen. Maar bij sommigen ligt de pijngrens veel hoger omdat ze financieel veel draagkrachtiger zijn. Een boete van 500 euro weegt minder zwaar voor iemand die 5.000 euro per maand verdient dan voor iemand die 2.000 euro per maand verdient. Dat is niet eerlijk. In Finland bestaat al een systeem waarbij de boete wordt aangepast aan het inkomen. De grote baas van Nokia heeft een tijd geleden een recordboete moeten betalen.'

Landuyt: 'Aan de hand van de belastingaangifte. Maar uit de negatieve reacties die ik daarop krijg, leid ik af dat Belgen daar geen vertrouwen in hebben. De rechter kan ook met bijkomende indicatoren van financiële draagkracht rekening houden, zoals de grootte van de wagen.'

Landuyt: 'Laten we vooral niet op de zaken vooruitlopen. Ik sta achter het principe, maar we moeten op zoek gaan naar een hanteerbaar systeem. Het mag bijvoorbeeld de onmiddellijke inning van de boetes niet in de weg staan of extra administratieve last veroorzaken. Ik wil rustig met alle betrokkenen bekijken wat kan en wat niet.'

In de ontwerptekst van de beleidsverklaring staat concreet dat verkeersboetes niet hoger mogen zijn dan een derde van het inkomen.

Landuyt: 'Ik hoop dat dit voorstel de definitieve tekst niet haalt. Ik wil niet vooruitlopen op de evaluatie van de verkeerswet en daar de tijd voor nemen.'

Rijdt u zelf reglementairder sinds u minister van Mobiliteit bent?

Landuyt: 'Ja, ik ben er zelfs een beetje maniakaal mee bezig. Zo zit ik de hele tijd te kijken of mensen hun gordel aan hebben. Het is mij opgevallen dat niet alle politieagenten in Brussel de gordel dragen. Ik wil hen aansporen dat wel te doen. Ook sommige ministers vergeten hun gordel wel eens te gebruiken. Neen, ik ga geen namen noemen.'

'Er is mij nog iets opgevallen: er is een bos van verkeersborden ontstaan. We moeten iets doen aan de wirwar van snelheidsreglementeringen. Soms zie je dat om de honderd meter de maximumsnelheid verspringt. Als je reglementair wilt rijden is dat slopend voor de concentratie.'

Het zijn toch de gewesten, de provincies en de gemeenten die de verkeersborden plaatsen?

Landuyt: 'De federale overheid stelt het verkeersreglement op en bepaalt in welke omstandigheden welke maximumsnelheid geldt. Het plaatsen van de borden gebeurt inderdaad door de regionale overheid. Dat is niet logisch. De deelstaten zouden bevoegd moeten worden voor het verkeersrecht, dus ook voor het uitvaardigen van de snelheidsreglementeringen. Zij kunnen dan controle op de provincies en gemeenten uitoefenen.'

'Ook de rijbewijzen wil ik regionaliseren. De gemeenschappen zijn bevoegd voor onderwijs, maar de opleiding voor het behalen van een rijbewijs valt daar tussenuit.'

Wat wilt u van het mobiliteitsbeleid federaal houden?

Landuyt: 'Wat mij betreft, niets. Ik ben als Vlaams minister altijd een groot pleitbezorger geweest van de regionalisering van het verkeersrecht. Ik verander mijn ideeën niet omdat ik op een andere stoel zit. In het Forum voor een verdere staatshervorming wil ik met mijn regionale collega's overleggen wat nog allemaal overgeheveld kan worden. Dan ben ik eindelijk wat ik altijd wilde zijn: minister van Vrije Tijd.'

Katrien VERSTRAETE

22163738

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud