Bagdad heft immuniteit buitenlandse veiligheidsfirma's op

De Iraakse regering heeft officieel besloten de immuniteit van de buitenlandse veiligheidsmaatschappijen op te heffen. Dat meldt de woordvoerder van het kabinet, Ali Debbagh, woensdag. De woordvoerder gaf ook aan dat de regering een nieuwe wet klaar heeft om de activiteiten van de bedrijven te regelen. Die wordt voorgelegd op de volgende regeringsbijeenkomst.

(belga) - De beslissing valt na een reeks incidenten die twijfels doen rijzen over de buitenlandse veiligheidsmaatschappijen. De bekendste daarvan is Blackwater, die instaat voor de bescherming van Amerikaanse diplomaten in Irak.

Op 16 september opende een konvooi van Blackwater het vuur toen het door een wijk van Bagdad reed. De Blackwater-agenten doodden zeventien burgers, zo bleek uit Iraaks onderzoek. Blackwater zegt dat het om wettige zelfverdediging ging, maar volgens Bagdad ging het om een bewuste misdaad.

Drie weken later doodde een konvooi van het Australische Unity Resources twee Irakezen. Unity Resources escorteert Amerikaanse ngo's die werken in opdracht van de regering in Washington.

De Irakezen beschouwen de buitenlandse bewakingsagenten als huurlingen die denken dat ze boven de wet staan. De Iraakse regering wil hen dan ook al langer beteugelen. Een wet van Paul Bremer, die Irak tijdelijk heeft bestuurd na de Amerikaanse invasie in maart 2003, gaf hen immuniteit. Daardoor kunnen ze niet vervolgd worden door het Iraakse gerecht.

Dinsdag beloofde Amerikaans minister van Buitenlandse Zaken Condoleezza Rice de aanbevelingen van een rapport te zullen opvolgen waarin staat dat de privé-veiligheidsbedrijven in Irak 'beter moeten gecontroleerd' worden. Zo moeten er strengere regels komen in verband met de rekrutering van personeel en het openen van het vuur. Het rapport vindt ook dat ze moeten kunnen terecht staan voor het Amerikaanse gerecht.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud