'De nieuwe EU-landen wilden allemaal eerst zijn'

(tijd) - De nieuwe EU-lidstaten hebben zich verrassend snel ingebed in de Europese mechaniek. In enkele jaren tijd hebben ze een evolutie doorgemaakt die België en de andere EU-lidstaten vijftig jaar kostte. Een terugblik op de uitbreiding met twee Belgische topdiplomaten, Xavier Demoulin en Chris Hoornaert.

Directeur-generaal Europese zaken Xavier Demoulin leidt een onafhankelijk departement op de FOD Buitenlandse Zaken van 45 diplomaten dat de Europese beslissingsmechaniek bespeelt en vooral het EU-beleid coördineert met andere federale en gewestelijke departementen. Chris Hoornaert is directeur externe betrekkingen op datzelfde departement. Met de diplomatieke posten in het buitenland wordt gezocht naar het waarom van bepaalde standpunten in Europees overleg. En wordt getoetst hoe onwrikbaar sommige officiële standpunten zijn.

Demoulin blikt tevreden terug op de uitbreidingsonderhandelingen met de tien. 'Door de strikte controle en monitoring zijn de nieuwe lidstaten erin geslaagd de Europese wetgeving over te nemen en een administratie op te zetten. Dat mechanisme van rapportering door de Europese Commissie kwam er onder Belgische en Nederlandse druk. Achteraf is die monitoring nuttig en nodig gebleken.'

Chris Hoornaert: 'Tussen het afsluiten van de toetredingsonderhandelingen, in december 2002 in Kopenhagen, en de eigenlijke toetreding was het absoluut nodig de druk aan te houden. De Europese Commissie kon en kan nog ingrijpen als het verkeerd dreigt te lopen, door producten niet toe te laten op de Europese markt of door bepaalde uitkeringen te weigeren als de administratie niet goed werkt.'

Wat wel beter kon, was de communicatie over de voordelen van de uitbreiding. De aandacht voor de uitbreiding was geconcentreerd op enkele thema's en enkel tijdsperiodes, zegt Chris Hoornaert. 'Ten tijde van de hervorming van het Europees landbouwbeleid kwam bijvoorbeeld de aandacht voor landbouw en de uitbreiding naar voren.'

Belgische diplomaten zijn verrast door de gebrekkige kennis van de bevolking van de nieuwe lidstaten. 'Dat is een groot verschil met de introductie van de euro,' zegt Xavier Demoulin. 'Daarvan was iedereen op de hoogte. De slechte score van de oudere Belgen is verontrustend, precies omdat bijvoorbeeld de Praagse Lente hier indertijd veel emoties losmaakten', zegt hij.

Tijdens de onderhandelingen over toetreding gold steevast het principe dat elke kandidaat-lidstaat zou beoordeeld worden op de eigen verdiensten. Toch bleken tien landen op hetzelfde ogenblik klaar voor de stap naar Europa. Xavier Demoulin geeft toe dat ook politieke argumenten meespeelden bij de beoordeling van welke landen klaar waren met hun Europees huiswerk. 'Maar de feiten waren er. De hoofdstukken waren afgesloten en tijdens de afgesproken overgangsperiode kon nog een en ander worden ingehaald.'

De Belgische diplomaten wijzen vooral op de positieve concurrentie tussen kandidaat-lidstaten om niet achter te blijven. 'Iedereen wilde bij de eersten zijn,' zegt Chris Hoornaert. De nieuwe landen doen erg hun best om geen tweederangsburgers te zijn. Xavier Demoulin: 'Ze wilden erbij zijn en mee aan het stuur zitten.'

Een aantal van de nieuwelingen zal de 'oude' landen zelfs snel bijgebeend hebben, vrezen de twee Belgische diplomaten. In Estland bijvoorbeeld is het betalen met plastic kaarten veel meer ingeburgerd dan in welke van de huidige lidstaten ook. Chris Hoornaert: 'De nieuwelingen zijn volledig herbegonnen vanaf nul. Dat is een erg grote sprong in heel korte tijd. Wij hebben er vijftig jaar over gedaan. Je mag er niet aan denken hoe moeilijk het voor België zou zijn om nu toe te treden tot de Europese Unie.

'De nieuwe lidstaten hebben alle hervormingen niet in het wilde weg gedaan. Er waren door de Europese Commissie gefinancierde partnerprogramma's waarbij de nieuwe administraties hulp kregen uit de oude lidstaten. Tal van Belgische departementen hebben geholpen bij het opzetten van een degelijke infrastructuur in de nieuwe landen, zegt Demoulin. De bilaterale samenwerking die er al was voor de uitbreiding, werd de voorbije jaren versterkt doorgezet, meldt Hoornaert.

'Daarnaast hebben we tal van seminaries en werkbezoeken georganiseerd voor ambtenaren uit de nieuwe lidstaten', vervolgt Hoornaert. Ook de gewesten hebben hun kennis aan de nieuwe landen doorgegeven. De Openbare Vlaamse Afvalmaatschappij is bijvoorbeeld in Hongarije advies gaan verstrekken over de toepassing van de EU-regels voor waterkwaliteit.

Xavier Demoulin: 'En we hebben jonge diplomaten uit de nieuwe lidstaten, van een zeker niveau weliswaar, hier laten kennismaken met onze Belgische manier van werken op Europa. Op die manier hebben we mee de ambassadeurs van de toekomst van die landen gevormd.'

Heel vaak kwam de vraag uit die landen zelf, verduidelijkt Hoornaert. En dat is vooral aan het Belgische EU-voorzitterschap van de tweede helft van 2001 te danken, zegt Demoulin. Tot dan had België de reputatie een tegenstander van de uitbreiding te zijn. België heeft in die periode herhaaldelijk gezegd dat de uitbreiding gepaard moest gaan met verdieping.

De nieuwelingen hebben tijdens het Belgische voorzitterschap echter kunnen zien en aanvoelen hoe actief de Belgische delegatie was en hoe geëngageerd voor de uitbreiding.'

De nieuwe lidstaten hebben zich verrassend genoeg opgeworpen tot snelle leerlingen in Europa. 'Hongarije en Tsjechië zijn ook al erg bedreven in het netwerken en toetsen van hun standpunt bij de overige EU-partners. Vroeger moesten wij bij hun gaan aankloppen voor overleg, maar sinds kort is het omgekeerd: zij komen naar ons', stelt Demoulin.

Het was een goed idee hen te betrekken bij de Conventie en de regeringsconferentie over een Europese grondwet, zegt hij. 'Ze hebben er ontdekt dat het Europese project breder is. Hun pleidooi voor de Europese waarden was opmerkelijk.'

Xavier Demoulin: 'Al te vaak is de houding van de nieuwe landen tegenover de NAVO en tegenover de Europese unie voorgesteld als tegengesteld. Maar in feite stonden de nieuwe landen voor dezelfde problemen als wij destijds. Eerst wilden ze hun veiligheidsprobleem oplossen. Daarvoor diende zich de NAVO aan. Dan keerden ze zich tot Europa voor meer stabiliteit en economische en sociale vooruitgang. Het zijn twee pijlers van eenzelfde beleid. Je kan hen moeilijk verwijten wat we zelf al vijftig jaar vooropstellen in ons beleid.'

De grote uitdaging vanaf mei voor de nieuwe lidstaten ligt niet meer op het niveau van de onderhandelaars of de top van de administratie, wel bij de doorsnee ambtenaar of rechter. Zij moeten ervoor zorgen dat het Europese recht wordt toegepast en geëerbiedigd in hun land, zegt Demoulin. 'De Europese wetgeving vandaag gaat nu eenmaal over alles. Europa belangt alle departementen aan, tot de politie en de eigen parlementairen toe.'

Dat de nieuwe lidstaten tijdens de toetredingsonderhandelingen vooral het nationale belang voor ogen hadden, is volgens de Belgische diplomaten niet meer dan normaal. Het voorbije jaar namen de nieuwelingen echter als waarnemers deel aan de bijeenkomsten van Europees parlement, en EU-Raad. 'Ik heb gemerkt dat de nieuwelingen zich erg snel aanpasten aan de werkwijze van de EU-instellingen,' zegt Demoulin. 'Ze zijn op die korte tijd al volledig ingebed in de Europese mechaniek.'

'De nieuwelingen nemen enkel het woord over specifieke punten die hen aanbelangen. Ze hebben ook begrepen dat ze meer te winnen hebben bij een meerderheidsstandpunt dan door gebruik te maken van een vetorecht. Ze hebben een merkwaardige evolutie doorgemaakt.'

De mislukking van de gesprekken over een Europese grondwet, in december van vorig jaar, heeft in Europa gewerkt als een katharsis, zegt Demoulin. Hij verwacht dat de nieuwe landen hun steun zullen geven aan het uitbreiden van meerderheidsstemmingen. 'Wij rekenen op hen om het vetorecht in tal van bevoegdheidsterreinen verder te verminderen.'

Chris Hoornaert: 'Vroeger zagen de nieuwelingen enkel de voordelen van de unanimiteit en de nadelen van meerderheidsbesluiten. Nu is het omgekeerd, onder meer omdat ze gemerkt hebben dat in de praktijk weinig gestemd werd in de EU-raad. Er wordt gestreefd naar consensus. Dat is de kracht van de communautaire methode. Ze zien nu de voordelen van meerderheidsstemming en de nadelen van een veto.'

Het is nu enkel nog de vraag hoe de veranderde houding tegenover Europa in de nieuwe lidstaten verkocht zal worden. Anders gezegd: of het scheldwoord 'Brussel' ook in de nieuwe landen ingang vindt. Maar dat is een scheve vergelijking waar ook de oude lidstaten zich aan bezondigen.

21400674

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud