Belgische kunstenaar steelt de show bij Chanel

©Thomas de Bruyne

Als allereerste Belg ooit siert kunstenaar Fred Eerdekens de etalages van Chanel. Van Parijs tot Sjanghai steelt zijn schaduwkalligrafie de show tussen de uurwerken en juwelen. ‘Ik ben geen moeilijk mens, behalve als het op mijn kunst aankomt.’

La mode se démode, le style jamais. On peut être irrésistible à tout âge. Pour être irremplaçable, il faut être différent. Minstens even bekend als haar ‘Petite Ro­be Noire’ zijn de uitspraken van modeontwerpster Coco Chanel. Dit voorjaar blaast ‘onze’ Fred Eerdekens een van Coco’s oneliners nieuw leven in. Meer nog, hij maakt er een kunstwerk van. De Limburgse artiest timmert al meer dan veertig jaar aan de weg. Hij is vooral bekend om zijn sculpturen in fijn koperlint die een leesbare schaduw opleveren. Op vraag van Chanel zette hij een van Coco’s citaten om in een kunstwerk. Van­daag zijn Eerdekens’ sculpturen wereldwijd te zien in de etalages van de horloge- en juweelboetieks van Chanel. Van de Dubai Mall tot Place Vendôme in Parijs. Geen Belg deed hem dat ooit voor.

Hoe belandt een Parijs couturehuis in godsnaam bij een Limburgse artiest? ‘Ze hebben me gewoon gebeld’, antwoordt Eerdekens (62) nuchter als we hem bezoeken in zijn atelier in hartje Hasselt. ‘In juni vorig jaar kreeg ik telefoon van een dame uit Parijs. Dat ze van Chanel was, zei ze niet. Alleen dat ze mijn werk had gezien op de Parijse kunstbeurs PAD en dat ze graag zou samenwerken. Daar keek ik niet echt van op. Elke week hangt er wel een reclamebureau of een merk aan de lijn: Land Rover, Zadig & Voltaire, Rolls-Royce, Gillette, Hyundai, Bayer, Mer­cedes-Benz, Nestlé of een of andere grote bank. Maar ik zeg altijd nee. Ik heb niks te­gen commerciële opdrachten, maar vaak vra­gen ze me hetzelfde: hun slogan uitwerken in koperdraad. Met andere woorden: ze zijn al­leen uit op het effect van mijn kunstwerken. Zo’n samenwerking zegt me niks.’

Waarom hij dan wél met Chanel in zee ging? Hij zette toch ook gewoon hun slogans om in kunst? ‘Toch niet. De quote van Coco Chanel is geen slogan. En ik vind de tekst heel sterk. Bovendien mocht ik zelf een van Coco Cha­nels citaten uitkiezen. Dat werd ‘To be irreplaceable you must be different’, een quote waarin ik mezelf ook kan herkennen. Het tweede kunstwerk is een citaat van mezelf. Speciaal voor Chanel maakte ik ‘I want to be part of what is to come’. Een werk dat alludeert op de toekomst. Ook heel belangrijk vond ik dat Chanel de echte kunstwerken zou tonen in de etalages. En geen foto ervan. Of een miniatuurversie. De werken zien er helemaal uit zoals elk ander kunstwerk van mijn hand.’

Het merk kocht de twee originele werken én het recht om ze eenmalig te reproduceren. In totaal maakte Chanel in zijn eigen atelier 200 exemplaren. ‘Toen ze de reproducties aan het maken waren, ben ik naar Parijs gegaan om te checken. De man die zich erover ontfermt, is een fantastische gast. Heel betrouwbaar. So­wieso verliep de samenwerking met Chanel gestroomlijnd. Ik ben geen moeilijk mens, behalve als het op mijn kunst aankomt. Ik had schrik dat Chanel me erg zou sturen. Maar ze lieten me opvallend vrij’, vertelt hij enthousiast. Voor de bespreking van het project reisde Eerdekens naar Parijs. Toen hij de prototypes af had, kwam de Chanel-delegatie naar zijn atelier in Hasselt. Dat was vorige zomer. In de maanden die volgden, werkte Eerdekens zijn prototypes uit tot de­finitieve kunstwerken. En vervaardigde Cha­nel de reproducties in metaaldraad. Voor sommige winkels maakte Chanel zelfs vergulde exemplaren.

Omgekeerde schilder

De sculpturen van Eerdekens zien er op het eerste gezicht uit als grillig gebogen koperlinten die an sich betekenisloos zijn. Pas door er een spot op te zetten, zie je het effect: de leesbare scha­duw. Je ziet dus eerst de schaduw die het kunstwerk afwerpt en dan pas het kunstwerk zelf. Het werk is ondergeschikt aan zijn eigen schaduw. ‘Onze aandacht wordt automatisch gevestigd op dingen die we kunnen lezen. Vormen die we niet kunnen ontcijferen, krijgen minder aandacht. Zo is het met mijn werk ook.’

‘Mijn werk zit op het snijvlak van kijken en lezen. Het is schrijven, tekenen en sculpteren tegelijk. Ik maak een 3D-sculptuur om een 2D-effect te bereiken, eigenlijk het omgekeerde van wat een schilder doet’, zegt Eerdekens.

‘Veel van mijn teksten gaan over wat je ziet. Ze zijn een soort ondertitel bij het kunstwerk. Ik gebruik taal om iets te zeggen over taal. Ik put meer inspiratie uit literatuur dan uit beeldende kunst. Samuel Beckett is een van mijn helden. Zijn boek ‘The

Un­namable’ lijkt wel voor mij geschreven. Ooit deed ik een expo met alleen maar citaten uit het werk van Beckett. Een uitzondering. Anders gebruik ik nooit andermans teksten.’

Trial and error

Dat hij kunstenaar wil worden, heeft Eerdekens te danken aan zijn oudere zus. ‘Als ze verhalen vertelde over Vincent van Gogh, hing ik aan haar lippen. Ik onderschepte ook de kunsttijdschriften waarop ze geabonneerd was. Ik studeerde vrije kunsten en was op de academie vooral bezig met sculptuur. Tekenen was een vast onderdeel, vooral naar levend model. Mijn leraar zette steevast experimentele muziek op, met veel ‘spoken word’. Omdat ik die lessen soms zo vervelend vond, begon ik tekstflarden uit de mu­ziek tussen mijn tekeningen te schrijven. Zo sloop de taal mijn werk binnen. Eigenlijk ben ik mijn tekenleraar dus wel dankbaar. Ook al was die muziek niet om aan te horen.’

Na de kunstacademie maakte Eerdekens vooral ruimtelijk werk en installaties. ‘Op een dag was ik bezig aan een werk waarvoor ik smalle strookjes metalen plaat nodig had. Tijdens het knippen krulden de reepjes me­taal op en vielen op de grond. Toen de zon binnenviel, zag ik ineens de naam van mijn pasgeboren dochter: Line. In handschrift zijn die vier letters allemaal krullen. Mijn verbeelding deed de rest. Daarna begon ik die metalen krullen te manipuleren. Dat is intussen 27 jaar geleden. Met de jaren ben ik wel handig geworden in dat plooiwerk, maar het blijft trial and error. Ik moet nog altijd vaak opnieuw beginnen.’

Verknipt uit het ziekenhuis

‘Eerlijk? Voor Chanel me belde, kende ik het merk niet echt. Mode volg ik niet op de voet. Maar als ik kleren koop, is het altijd Maison Martin Margiela. Dat merk is me op het lijf ge­schreven. Ik sta er goed mee en het is mode waarover is nagedacht.’

Zijn kast hangt vol Margiela, maar aan één stuk kleeft een wel heel bijzonder verhaal. ‘Acht jaar geleden heb ik een zwaar ongeval gehad. Ik gaf toen nog les op de kunstschool in Hasselt. Toen ik op een studiereis de bus wilde instappen, heeft een auto me aangereden. Ik was er heel erg aan toe. Toen de MUG me wegbracht, dacht iedereen: die zien we nooit meer terug. Die dag droeg ik een jas van Margiela. Die hebben ze in het ziekenhuis van mijn lijf gesneden. Helemaal verknipt kreeg ik hem terug. Ik wilde graag de jas opnieuw kopen en polste bij Handsome, mijn vaste winkel in Hasselt. Helaas was de jas niet meer verkrijgbaar, ook niet op het hoofdkwartier in Parijs. De eigenaar van Handsome heeft toen mijn verhaal verteld aan Martin Margiela zelf. En die heeft speciaal voor mij één jas laten maken in het atelier in Milaan. De stof is iets stijver en de kleur wat donkerder, maar het model is precies hetzelfde. Dolgelukkig was ik. Ik wilde ervoor betalen, maar dat mocht niet. Het was een cadeau. Helaas heb ik Martin Margiela er nooit persoonlijk voor kunnen bedanken. Ik heb hem wel een attentie gestuurd als bedankje. En die jas, die doe ik uiteraard nooit meer weg.’

In België wordt Fred Eerdekens vertegenwoordigd door Samuel Vanhoegaerden Gallery in Knokke. www.fred-eerdekens.be

Lees verder

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud