Belg zeven keer duurder dan Pool

Een uur arbeid in de Belgische industrie kost 25,64 euro. Dat is bijna zevenmaal meer dan in Polen. De kostprijs van de arbeid in de Belgische industrie is de op vier na hoogste ter wereld. Dat berekende het Institut der deutschen Wirtschaft Köln (IW).

(tijd) Het IW onderzoekt elk jaar hoeveel de industriebedrijven in 24 landen betalen voor een uur arbeid. Duitsland wordt opgedeeld in West- en Oost-Duitsland. De arbeidskosten omvatten enerzijds het uurloon, inclusief de vergoedingen voor over- en ploegenwerk, en anderzijds de bijkomende personeelskosten, zoals socialezekerheidsbijdragen, vakantiegeld, betaalde feestdagen, eindejaarspremie en kosten voor opleiding.

De kostprijs van een uur arbeid is een belangrijke indicator van de concurrentiekracht van een land. Het nadeel van hoge arbeidskosten kan wel gemilderd worden door een hoge arbeidsproductiviteit.

In België bedroeg het gemiddelde uurloon in de industrie vorig jaar 13,50 euro. Dat is vergelijkbaar met Nederland (13,93), Zweden (13,88), de Verenigde Staten (13,31) en Ierland (13,94), is lager dan in Denemarken (21,20), Noorwegen (19,88), Zwitserland (16,83) en West-Duitsland (15,67), maar hoger dan in Frankrijk (11,07), Japan (10,53), Oost-Duitsland (10,53) en Italië (9,07). In Tsjechië, Hongarije, Slovakije en Polen verdient een werknemer in de industrie minder dan 3 euro per uur.

België heeft de op een na hoogste bijkomende personeelskosten: 12,14 euro per uur. Koploper is West-Duitsland met 12,20 euro. Na België komen Nederland (11,52) en Finland (11,34). In landen als Denemarken (7,12), Zwitserland (8,73), Luxemburg (7,64), het Verenigd Koninkrijk (6,46), de Verenigde Staten (5,96) en Ierland (5,53) zijn de bijkomende kosten beduidend lager. De vier Oost-Europese landen met het laagste uurloon hebben ook de laagste bijkomende kosten. Zij bedragen in Polen amper 1,38 euro per uur.

Uurloon en bijkomende personeelskosten samengeteld, staat België met een kostprijs van 25,64 euro per uur arbeid in de industrie op de vijfde plaats, na Noorwegen, Denemarken, West-Duitsland en Finland. In de Oost-Europese landen kost een werknemer in de industrie slechts een vijfde (Tsjechië) tot een zevende (Polen) van zijn collega in België.

In 2004 stond België eveneens op de vijfde plaats in de IW-rangschikking. Tegenover dat jaar zijn de arbeidskosten met 63 eurocent per uur gestegen. In 2003 bekleedde België de zesde plaats met 23,80 euro per uur.

MD

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud