Concurrentiepositie België verbetert licht

(belga) - De internationale concurrentiepositie van België is er dit jaar licht op vooruit gegaan tegenover 2003. De hoge belastingdruk en de rigide arbeidsreglementering zijn in ons land de belangrijkste knelpunten. Voor de derde keer in vier jaar tijd voert Finland de lijst aan van landen met de grootste concurrentiekracht, vóór de Verenigde Staten.

Het Wereld Economisch Forum (WEF) heeft woensdag zijn Global Competitiveness Report 2004 gepubliceerd. Daarvoor ondervroeg het Forum ongeveer 8.700 bedrijfsleiders uit 104 landen. Er wordt gekeken naar de macro-economische omgeving, de kwaliteit van de overheidsinstellingen en de toepassingen van technologie en innovatie.

België is 25ste gerangschikt. Vorig jaar stond ons land op de 27ste stek. Vergeleken met vorig jaar scoort België iets beter, zegt Augusto Lopez-Claros, hoofd-economist en directeur van het rapport. Volgens hem won België enkele punten op vlak van overheidsinstellingen en iets minder op macro-economisch vlak. Voor technologische vernieuwing was er geen verandering. Volgens Lopez-Claros duurt het twee à drie jaar alvorens ondernemers de hervormingen van de overheid beginnen te voelen.

Bij een vergelijking van de goede en slechte punten scoort België goed inzake de omzet van 'regionale verkoop', de centrale economische politiek, de hoge kwaliteit van het onderwijs, en bedrijfsinvesteringen in onderzoek en ontwikkeling. De zwarte punten van België betreffen de beschikbaarheid van kapitaal, de economische verwachtingen, maar vooral inzake belastingen en flexibiliteit van de arbeidsmarkt en lonen scoort België bij de ondervraagde ondernemers catastrofaal. Met de belastingdruk staat België op de 104de en laatste plaats van alle onderzochte landen. België is 97ste als het gaat om het aanwerven en afdanken van personeel en flexibele lonen.

Het land met de beste concurrentiekracht is Finland. Het land combineert prima macro-economische voorwaarden met een overheid van hoge kwaliteit, en de privé-sector is er als de kippen bij om nieuwe technologieën toe te passen, zegt het WEF. Daarna volgen de Verenigde Staten, Zweden, Taiwan, Denemarken en Noorwegen.

De Verenigde Staten danken hun positie aan hun technologische suprematie maar verliezen pluimen door de overheidsinstellingen en hun macro-economisch beleid. De Scandinavische landen doen het opvallend goed. Ze springen eruit door een zeer goed macro-economisch beleid (met begrotingsoverschotten), een laag corruptieniveau, een gezond juridisch kader en een innovatieve privé-sector, stelt het rapport.

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud