Onzekerheid dwingt CRB tot 2 loonscenario's

Door de complete onzekerheid is de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven (CRB) dinsdag met twee scenario's gekomen voor de ontwikkeling van de loonkosten de komende twee jaar. Het meest recente scenario geeft nul marge voor meer loon.

(belga) - 'Onzekerheid'. De term viel naar verluidt honderden malen bij de opstelling van het technisch verslag over de maximaal beschikbare marges voor de loonkostenontwikkeling. In dat verslag kijkt de CRB naar de loonevolutie in België en de buurlanden en wordt een loonmarge vastgelegd: de mate waarin de lonen in de privésector de komende twee jaar mogen stijgen, rekening houdend met de evolutie van de lonen in de buurlanden. De onzekerheid over de economische situatie - niet over de richting maar wel over de omvang van de crisis - zorgde ervoor dat het rapport pas ter elfder ure werd klaargestoomd. Het was zelfs lang onzeker of er wel een persconferentie zou plaatsvinden over het rapport.

Klassiek gaat de CRB uit van OESO-prognoses van juni. Die gingen evenwel nog uit van een economische groei volgend jaar, voor België met 1,9 pct. Die groeiprognoses zijn evenwel in enkele maanden tijd, als gevolg van de bankcrisis, compleet achterhaald. De groei, zo is de verwachting, zal compleet stilvallen. En er is de inflatie, die een belangrijk onderdeel vormt van de loonevolutie. Door de in prijs zakkende olie loopt die inflatie fors terug in de nieuwe verwachtingen, in de buurlanden nog sneller dan bij ons.

Twee scenario's

Dat bracht de CRB ertoe twee scenario's naar voor te schuiven: één op basis van het oude groeiscenario met een evolutie van de lonen in 2009-2010 in de buurlanden met 6,4 pct en een index van 5,6 pct en een tweede scenario, rekening houdend met de nieuwste verwachtingen. Op basis van dit laatste zouden de lonen in de buurlanden de komende twee jaar 5,1 pct stijgen en is er sprake van een indexatie met eveneens 5,1 pct. Met andere woorden: op basis van dit tweede scenario zou er naast de indexering geen enkele ruimte zijn voor meer loon.

CRB-voorzitter Robert Tollet noemde beide scenario's dinsdag niet echt marges in de echte zin van het woord, maar 'bakens' (balises). Het is aan de sociale partners om op basis hiervan een loonnorm te onderhandelen, luidde de boodschap. Het feit dat er voor twee scenario's wordt gekozen, aldus Tollet, is alvast een signaal van de sociale partners dat ze zich bewust zijn van de ernst van de economische toestand.

De CRB kijkt ook naar het verleden. Sinds 1996 zijn de lonen in België 4,1 pct sneller gestegen dan de buurlanden, zo blijkt. Een loonontsporing die op naam te schrijven is van de periode 2005-2006 (1,5 pct) en vooral 2007-2008 (2,6 pct). Dat is vooral het gevolg van de sterk gestegen inflatie. Die inflatie is in België groter dan de buurlanden, door de energieprijzen.

Wat de vormingsinspanningen betreft, blijkt uit het rapport dat nog steeds niet de afgesproken doelen worden behaald. Die doelen zijn om 1,9 pct van de loonmassa te investeren in voortgezette opleiding en een participatiegraad aan voortgezette opleiding van 50 pct te behalen tegen 2010.

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect