'Een 'Oostenrijker' is onaanwerfbaar voor centrale bank'

Ludwig von Mises.

Dankzij de oprukkende Amerikaanse Tea Party Movement, die pleit voor een minder intrusieve overheid, wint de Oostenrijkse School terug aan populariteit. 'Er zijn duizenden miljarden dollars gespendeerd om financiële instellingen te redden zonder enige democratische legitimatie', verklaart Rahim Taghizadegan, directeur van het Weense Institut für Wertewirtschaft. 'En dan is daar die kleine Oostenrijkse School die al honderden jaren waarschuwt voor overdreven kredietexpansie.'

Gevraagd naar de revival van de Oostenrijkse School, lacht Rahim Taghizadegan even tijdens een gesprek met De Tijd. 'Ons probleem is dat we geen praktische handleiding kunnen voorleggen aan beleidsmakers. De essentie van de Oostenrijkse idee is dat het gewoon niet mogelijk is om modellen te construeren die de werkelijkheid nabootsen. De fysica slaagt er niet in om heel complexe processen te modelleren zonder in chaos te belanden, hoe zouden economen dat dan kunnen? Desondanks willen politici iets hebben om zich op te baseren.'

Dat verklaart meteen ook waarom zo weinig economen van de Oostenrijkse School terug te vinden zijn, zegt hij. 'Ongeveer driekwart van de economen is in dienst bij centrale banken of bij financiële instellingen. Een Oostenrijkse econoom is per definitie onaanwerfbaar voor een centrale bank, aangezien hij er voor pleit om die af te schaffen.’

De Oostenrijkse School wist als een van de weinige economische denkrichtingen de financieel-economische crisis te voorspellen en te verklaren. Dat bracht de ideeën van grondlegger Ludwig von Mises en zijn bekendere leerling, Friedrich von Hayek, terug naar de voorgrond. Taghizadegan werpt een verrassend beeld op beide heren. ‘Hayek kreeg de Nobelprijs in 1974 volgens mij voor het werk van von Mises. Maar aangezien die laatste buiten het universiteitssysteem stond, maakte hij zelf geen echte kans. Hayek was ook een stuk jonger, in meerdere opzichten. Von Mises was ‘old school’, iemand uit een totaal andere cultuur. Hij was een aristocratische academicus die steevast aan zijn principes bleef vasthouden. Hij had ook niet zoveel op met een hele hoop van zijn tijdsgenoten, die geen generatiegenoten waren. Hij vond ze stuk voor stuk socialisten, zelfs al vonden zij zichzelf liberaal.'

 

Lees verder

Gesponsorde inhoud

Partner content