Europa: beurzen volgen negatief klimaat VS (met slot Frankfurt)

(tijd-nieuwslijn) - De Europese beurzen volgden de koers van Wall Street en noteerden lager. Tegenvallende macrocijfers uit de Verenigde Staten gooiden roet in het eten.

De ISM Non-Manufacturing Index is in april lager uitgekomen dan verwacht. Ook een aantal macrocijfers uit de eurozone, waaronder de index voor het economisch vertrouwen en het producentenvertrouwen vielen lager uit dan verwacht. Binnen de aandelenindices stelde de telecomsector opnieuw teleur. De olie- en bankaandelen boden ietwat tegengewicht.

De DJ Euro Stoxx50 ging vrijdag 1,28% lager tot 3.497,85 punten. De DJ Europe Stoxx50 verloor 0,81% tot 3.468,47 punten. Frankfurt verloor 1,9%, Parijs 1,5%, Madrid 0,4%, Amsterdam 1,5% en Stockholm 2,6%. Enkel Londen en Zurich gingen hoger, beiden met 0,6%.

De publicatie van de index voor de groei in de Amerikaanse dienstensector werkte negatief in op de markten. De ISM Non-Manufacturing Index van het Institute of Supply Management (ISM), voorheen de NAPM Non-Manufacturing Index, is in april uitgekomen op 55,3. Economen hadden gemiddeld een indexcijfer van 57 voorzien. Een cijfer boven de 50 geeft aan dat de dienstensector groeit, terwijl een cijfer onder de 50 duidt op een inkrimping van de dienstensector in de Verenigde Staten.

Ook de Amerikaanse werkloosheidscijfers waren niet bemoedigend voor de sfeer op de markten. De werkloosheidsgraad in de Verenigde Staten kwam in april uit op 6%. Dat is het hoogste niveau sinds augustus '94. De werkgelegenheid is in april exclusief de agrarische sector met 43.000 banen gestegen ten opzichte van maart. Het cijfer beantwoordde aan de verwachtingen van economen.

De eurozone presteerde evenmin goed op macro-economisch vlak. De index van het producentenvertrouwen is in de twaalf landen van de Europese Unie die deelnemen aan de euro in april onveranderd gebleven op -0,11. Het cijfer was lager dan de gemiddelde verwachting van economen, die rekenden op een cijfer van -0,10. Het economisch vertrouwen viel eveneens lager uit dan verwacht. Analisten hadden voor april voorspeld dat de index van het vertrouwen in de economie zou stijgen tot 99,7, terwijl de index eindigde op 99,4. De index voor de industriele producentenprijzen (PPI) was de enige index die niet teleurstelde. Hij steeg in maart met 0,4% ten opzichte van februari. Dat is 0,1% beter dan verwacht.

De telecomaandelen zetten hun dalende tendens voort. Vodafone was de koploper onder de dalers en ging 9,7% lager tot 98 pence, het laagste peil sinds 3 februari 1998. Beleggers vrezen een neerwaartse bijstelling van de winsten van de Duitse activiteiten. Zij leiden dat af uit een rapport van een onafhankelijke expert dat Vodafone liet maken naar aanleiding van de overname van het resterende belang in het Duitse Vodafone AG. Deutsche Telekom donderde eveneens 5% naar beneden tot EUR 13,04. Ook de gsm-producenten gingen mee tenonder. Het Finse Nokia ging 7,6% lager tot EUR 31,6, Ericsson verloor 7,5% tot SEK 23,5 en Alcatel speelde 4% kwijt tot EUR 12,63.

In fel contrast met de telecomaandelen deden de banken en de olie-aandelen het goed. Blijkbaar zijn beleggers op zoek naar veilige sectoren nu de onzekerheid over het herstel van de winsten bij de technologieaandelen weer toeslaat. In Zurich steeg Credit Suisse 1,2% tot CHF 56,8. In Londen klom Barclays 1,8% tot 624 pence, Lloyds 2,1% tot 817 pence en Royal bank of Scotland 2,6% tot 2060 pence.

De olie-aandelen stegen na bevredigende cijfers uit de sector. Koninklijke/Shell Group publiceerde donderdag beter dan verwachte kwartaalcijfers. Shell Transport won 3,3% tot 514,5 pence. Koninklijke Olie klom 1,9% tot EUR 60,30, TotalFinaElf 0,3% tot EUR 169,7 en BP 2,9% tot 594 pence.

De luchtvaartgroep EADS, die 80% van Airbus in handen heeft, steeg 1% tot EUR 16,65 na berichten dat ze exclusieve onderhandelingen voert met de lagekostenmaatschappij Go over een order van 75 vliegtuigen.

GDC/PBl

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud