Omega Pharma staat klaar voor verdere groei

Omega Pharma, de zeven divisies tellende farmaspecialist, haalde begin december via een private plaatsing bijna 100 miljoen euro op om overnames te financieren. Bovendien deelde het bedrijf, dat sinds enkele weken deel uitmaakt van de MSCI-sector 'Healthcare equipment and services', mee dat ze verdere samenwerkingsverbanden onderzoekt met de Duitse groep Stada. De vooruitzichten zien er meer dan behoorlijk uit.

Stada Arzneimittel AG is het moederbedrijf van Eurogenerics waarmee Omega Pharma in België een partnership heeft voor de verdeling van generische geneesmiddelen. Voorlopig blijft het nog gissen naar de aanwending van de kapitaalverhoging en de nieuwe samenwerkingsverbanden met Stada. Maar het staat vast dat we ons de komende weken aan een reeks positieve mededelingen mogen verwachten.

De overnames van het Duitse Varilind (8 miljoen euro omzet) en het Nederlandse Tendem (3,5 miljoen euro omzet) sedert de kapitaalverhoging zijn nog maar een voorbode van wat komen zal. Algemeen wordt verwacht dat Omega Pharma het geld zou kunnen aanwenden voor het versterken van haar positie in het Verenigd Koninkrijk, Spanje of Duitsland. Na de internationalisatie van vorig jaar, waardoor nu reeds meer dan 60 procent van de omzet in het buitenland gerealiseerd wordt, verwierf Omega in die landen ook beperkte verkoopsorganisaties die het na de integratie in de groep nu wenst te versterken door "add-in" overnames. Hiermee volgt het management het klassieke patroon: eerst een structuur op poten zetten waarna het bedrijf via overnames deze structuur versterkt en bijkomende producten doorheen deze structuur commercialiseert. Een succesformule die veel synergieën mogelijk maakt. Dit scenario lijkt het meest waarschijnlijke alhoewel Omega ook overnames in Scandinavië, Portugal, Zwitserland, Griekenland Italië of Oostenrijk niet uitsluit. In dit laatste geval is het dan eerder de bedoeling om een eerste aanwezigheid uit te bouwen.

Minstens even interessant zijn de mogelijke nieuwe samenwerkingsverbanden met Stada. Een mogelijkheid zou zijn dat Omega Pharma een gelijkaardig partnership afsluit voor het buitenland als dat voor de verdeling van generische geneesmiddelen in België. Van de landen waar Omega het sterkste staat (buiten België), lijkt Frankrijk het meest voor de hand liggend. Ook in Nederland heeft Omega een zeer sterk verkoopsnetwerk, maar bij onze noorderburen is Stada al de tweede sterkste speler voor generische geneesmiddelen waardoor het bedrijf mogelijk minder behoefte heeft aan een partnership. Bovendien is de markt van generische geneesmiddelen in Nederland (generische geneesmiddelen hebben er 16 procent marktaandeel) al sterker ontwikkeld dan in Frankrijk (generische geneesmiddelen hebben er 2 procent marktaandeel). In Frankrijk staat Stada veel zwakker en is Omega Pharma onbetwist marktleider bij de apotheken dankzij de overname van Pharmygiène in 2000.

Een bijkomende troef van Omega is het feit dat in Frankrijk substitutie toegelaten is in de apotheek. Subtitutie betekent dat de apotheker het voorgeschreven geneesmiddel mag vervangen door een gelijkaardig product maar van een andere leverancier. De sterke positie van Omega bij de apotheker kan een belangrijk argument zijn voor Stada om een partnership af te sluiten aangezien op die manier hun generische geneesmiddelen bevoordeeld zouden kunnen worden ten opzichte van die van concurrenten. Mogelijk wordt een partnership in generische geneesmiddelen gelinkt aan een distributieovereenkomst voor de OTC-producten van Stada. Het Duitse bedrijf bezit tevens een uitgebreide portefeuille niet voorschriftplichtige geneesmiddelen die het maar al te graag buiten Duitsland zou promoten. Omega is hiervoor uiteraard de ideale partner en kan door de OTC-deal te koppelen aan het partnership in generische geneesmiddelen mogelijk betere voorwaarden bekomen waardoor een situatie ontstaat die voor beide voordelen biedt. Voor Omega Pharma zouden dit twee vliegen in een klap zijn, wat zowel de afdeling generische geneesmiddelen als distributies ten goede zou komen.

Bovendien is het op termijn niet ondenkbaar dat de farmabedrijven, waarvoor Omega momenteel OTC-producten promoot en verdeelt, deze afdelingen wensen af te stoten. Zo heeft Omega distributiecontracten met Sanofi-Synthélabo voor het verzorgingsproduct Lipofactor, met Abbott Laboratories, met Pharmacia voor Nicorette en met American Home Products via Whitehall. Enerzijds zou dit het gevaar kunnen inhouden dat deze producten in handen komen van concurrenten, alhoewel er weinig of geen concurrenten bestaan die zich kunnen meten aan het verkoopsnetwerk van Omega Pharma. Anderzijds zou Omega via de overname van deze divisies de marges verder kunnen optrekken en deze producten op Europees vlak verder uitbouwen. Dit zijn maar veronderstellingen. Maar het staat vast dat heel wat farmabedrijven zich willen ontdoen van hun OTC-afdelingen om zich meer te concentreren op hun kernactiviteiten. Omega staat hierbij op de eerste rij zoals gebleken is bij de overname van Chefaro, voorheen de OTC-afdeling van AKZO NOBEL.

De groei in generische geneesmiddelen, het afsluiten van nieuwe distributies, de mogelijkheden tot kruisverkopen van eigen producten in de buitenlandse verkoopsnetwerken en de uitbouw van verkoopsorganisaties in bijkomende Europese landen zullen de groei van Omega Pharma nog enkele jaren in de tientallen procenten per jaar doen uitkomen. Omega speelt hier zijn rol als Europees consolidator op een voortreffelijke manier met een tot op heden bijna foutloos parcours. Als er dan al eens iets misloopt in een van de zeven afdelingen, wordt dit meestal gecompenseerd door de andere afdelingen waardoor het risico beperkt wordt. Het management gaat momenteel uit van 2,7 euro winst per aandeel voor 2002 wat neerkomt op een koerswinstverhouding van 18,5. Indien het geld van de kapitaalverhoging aangewend wordt voor overnames tegen een gebruikelijke koerswinstverhouding van 10 dan verhoogt de winst per aandeel met 0,,37 euro. Zonder rekening te houden met synergievoordelen (zoals Omega er al veel gerealiseerd heeft) zou hierdoor de koerswinstverhouding terugvallen tot 16,3 (koers 50 euro / 3,07 euro winst per aandeel) wat aanzienlijk goedkoper is dan (gedeeltelijk) vergelijkbare bedrijven zoals Wella (koerswinstverhouding 23 voor 2002), Beiersdorf (koerswinstverhouding 34) of Stada (koerswinstverhouding 23). Bovendien ligt de verwachte winstgroei bij deze bedrijven een stuk lager dan die van Omega Pharma.

Dit artikel verscheen in de Zaterdag-Tijd van 22 december

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud