Rechtbank wijst bezwaren Ahold-top af

(belga) - De rechtbank in Amsterdam heeft alle bezwaren van de top van het warenhuisconcern Ahold tegen het justitieel onderzoek naar boekhoudfraude afgewezen. In navolging van de voormalig bestuursvoorzitter Cees van der Hoeven werden drie andere topmensen in het ongelijk gesteld, zo bleek donderdag op de tweede dag van de strafzaak tegen de voormalige bestuurders van het supermarktconcern.

Volgens de rechtbank was het vooronderzoek van het openbaar ministerie niet gebrekkig, zoals de advocaten van de verdachten meenden. Ook is er geen sprake van vormfouten of belangenbeschadiging van de verdediging tijdens het onderzoek.

De topbestuurders staan terecht voor hun aandeel in de boekhoudfraude die begin vorig jaar naar buiten kwam. Van der Hoeven en zijn rechterhand Meurs stapten op 24 februari 2003 op toen bleek dat bij de Amerikaanse dochteronderneming US Foodservice de gerapporteerde winsten niet klopten.

Later kwamen nog meer malversaties naar buiten. Zo bleek de Ahold-top geheime afspraken te hebben gemaakt met andere buitenlandse dochterbedrijven over de zeggenschap. Voor de buitenwereld leek Ahold volledig controle te hebben over die bedrijven, wat ook tot uiting kwam in de omzetcijfers, terwijl dat feitelijk niet zo was.

Justitie in Nederland verdenkt de vier oud-bestuurders van valsheid in geschriften en van oplichting. Zij zouden een aandeel hebben gehad in de publicatie van een valse balans en een valse jaarrekening. Daarbij zouden ze de accountant om de tuin hebben geleid. Twee van de topmensen schoven woensdag de schuld in de schoenen van de derde.

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud