'We zijn voor de lange termijn in België'

(tijd) - De Amerikaanse kabelgroep Liberty Global zal na het aanvaarden van een voorstel aan de algemene vergadering de meerderheid van de zitjes in de raad van bestuur van Telenet bezetten. Liberty, de grootste aandeelhouder van het Mechelse bedrijf, gaat naar 9 van de 17 zitjes. Maar dat zal niet meteen tot veranderingen leiden, zegt Shane O'Neill, de directeur strategie van Liberty en bestuurder van Telenet. O'Neill wil niet kwijt of Liberty van plan is zijn belang in Telenet nog gevoelig op te trekken. Maar hij maakt wel duidelijk dat de groep niet snel uit Telenet wil: 'We zijn voor de lange termijn in België.'

Waarom neemt Liberty de meerderheid in de raad van bestuur van Telenet? De groep heeft na het uitoefenen van opties en het bijkopen van aandelen toch al een controlebelang van meer dan 30 procent?

Shane O'Neill: 'We doen het vooral om Telenet te kunnen consolideren onder de Amerikaanse boekhoudregels. Daarvoor moeten we de meerderheid van de raad hebben. Bovendien is er een overeenkomst met de andere aandeelhouders die ons toelaat het te doen. Eigenlijk oefenen we dus gewoon onze rechten uit. Maar de basis voor alles wat we doen bij Telenet is dat we echt te spreken zijn over het bedrijf. We zouden onze participatie niet opgetrokken hebben indien we het niet goed zouden vinden wat Telenet doet of indien we het management niet zouden appreciëren. We hadden opties op de aandelen van de gemengde intercommunales en als gevolg van de nakende verandering van de overnamewet in België, vonden we het beter ons belang boven de 30 procent te duwen.'

Wat zal er veranderen voor het bedrijf, nadat Liberty de meerderheid van de raad verwerft?

O'Neill: 'Heel weinig. We hebben binnen de groep een aantal vergelijkbare situaties. In Australië bijvoorbeeld bezitten we 52 procent van het beursgenoteerde Austar en in Japan hebben we 34 procent van J:Com, dat ook op de beurs staat. Daar participeren we via de raad en laten we het management het bedrijf dagdagelijks leiden. Bij Telenet blijven Duco Sickinghe en zijn team op post. Er zijn absoluut geen plannen om het management te wijzigen. We kennen een heleboel managementteams van kabelbedrijven en dit is er echt een van de bovenste plank. Wij zullen enkel trachten ervaring en positieve invloed aan te dragen.'

En de strategie? Telenet zet bijvoorbeeld sterk in op draadloze communicatie.

O'Neill: 'De strategie is vergelijkbaar met die van andere bedrijven uit de Liberty-groep. Zo hebben we MVNO-akkoorden in Zwitserland en Nederland zoals Telenet er een heeft met Mobistar. Het is belangrijk klanten 'quadruple play' (tv, breedband, vaste en mobiele telefonie) te kunnen aanbieden.'

Ik kan aannemen dat jullie zet leidt tot ongerustheid onder het personeel. Wat gaan jullie doen om die ongerustheid weg te nemen?

O'Neill: 'Onze belangrijkste boodschap voor het personeel is 'business as usual'. Het is aan hen en het management om Telenet vooruit te doen gaan, zoals dat het geval is sinds het bedrijf werd opgericht.'

Van de acht overblijvende bestuurders zijn er drie onafhankelijk. Dat wil zeggen dat er voor de lokale, historische aandeelhouders maar enkele zitjes meer overblijven.

O'Neill: 'We zijn ons zeer bewust van de bijdrage aan een bedrijf die kan worden geleverd door mensen die deelnemen aan het lokale zakelijke en politieke leven. Ondanks het feit dat we 9 van de 17 zitjes zullen hebben, hebben we een mechanisme op poten gezet waardoor we kunnen blijven profiteren van de steun en de input van de bestuurders die ontslag nemen, in de vorm van een adviseurschap. Zij leverden een enorme bijdrage aan de onderneming. We zijn en dan ook op gebrand die bijdrage te behouden.'

Verandert het voorzitterschap van Telenet ook?

O'Neill: 'Neen. Het is aan Frank Donck (van het Financieel Consortium, red.) om uit te maken of hij blijft als voorzitter, maar we hopen van wel.'

Is het feit dat hij blijft een signaal dat jullie, ondanks de meerderheid in de raad, veel aandacht schenken aan de lokale inbreng?

O'Neill: 'Absoluut.'

De lokale verankering van bedrijven is een teer punt in België. Liberty werd al de grootste aandeelhouder van Telenet. Daar komt nu de meerderheid in de raad van bestuur bij. Bij de kandidatuur van Telenet voor de overname van acht Waalse kabelbedrijven viel al de kritiek te horen dat Telenet Amerikaans is. Wat zegt u daarop?

O'Neill: 'Er is al lang een Amerikaanse participatie in Telenet. Dat is geen nieuw nieuws. We steken natuurlijk niet onder stoelen of banken dat we een bedrijf zijn met een notering op Nasdaq. Maar de mensen die werken voor het bedrijf zijn hoofdzakelijk Europeanen. De grote meerderheid van onze activiteiten bevindt zich dan ook in Europa. Ik zelf ben een Ier. Meerdere nieuwelingen in de raad zijn Brits of Nederlands. Met de nieuwe raad geven we het bedrijf dus een internationaal perspectief. Ten slotte moet een bedrijf worden beoordeeld op zijn verdiensten en niet op grond van wie de aandeelhouders zijn.'

Wat zijn de plannen van Liberty voor zijn belang in Telenet? Gaat Liberty opnieuw aandelen bijkopen op de beurs?

O'Neill: 'Neen. We voelen ons erg comfortabel bij ons huidig belang. Het volgende beslissende moment voor ons valt in augustus 2007, wanneer een optiepakket met een uitoefenwaarde van 25 euro vervalt. We troffen nog geen beslissing over wat we met die opties gaan doen, maar ik kan wel verzekeren dat we tussen nu en augustus geen aandelen meer gaan bijkopen op de markt.'

Maar wat de opties betreft neem ik aan dat er een behoorlijke kans is dat jullie ze gaan uitoefenen, indien de koers van Telenet tegen dan boven de 25 euro zit.

O'Neill: 'Ik kan echt geen voorspelling uitspreken over wat we tegen augustus gaan doen. We hebben ons nog niet over het onderwerp gebogen. We moeten dichter bij augustus zijn om de knoop te kunnen doorhakken. De markten zijn volatiel. Wie weet wat er nog gebeurt op de beurs.'

Wat is op langere termijn de volgende symbolische grens voor Liberty? Het was 30 procent, geïnspireerd door de nieuwe overnamewet. Ik veronderstel dat het nu 50 is. Indien jullie alle nog hangende opties uitoefenen, zijn jullie niet ver meer van dat percentage.

O'Neill: 'Dat is niet onze volgende doelstelling. Traditioneel streven aandeelhouders naar 50 procent omdat dat dat consolidatie mogelijk maakt. Hier hebben we consolidatie bij 30 procent. Vijftig procent heeft bij Telenet dus niet dezelfde waarde zoals in andere situaties misschien wel het geval is. Daarom zeggen we dat we ons zeer comfortabel voelen met wat we nu hebben.'

Hoe lang zal Liberty nog een aandeelhouder blijven van Telenet? Er zit veel geld in de markt en private equity-partijen zijn erg actief. Wat indien volgende week iemand op de deur klopt met een aantrekkelijk voorstel?

O'Neill: 'We krijgen dat soort vragen over al onze activa. Tegen een zekere prijs, als je een belachelijk hoog bedrag aangeboden krijgt, is alles te koop. Maar wij zijn langetermijnspelers in de kabelsector. We proberen waarde te creëren voor onze aandeelhouders door te investeren in zeer sterke kabelbedrijven in erg sterke markten en Telenet past perfect in dat plaatje. We zijn een gelukkige aandeelhouder. Het bedrijf en zijn aandeel doen het extreem goed. Ook de markt evolueert goed waardoor Telenet heel wat groei voor zich heeft. De toekomst voor Telenet is schitterend.'

In heel wat sectoren is er een verschuiving van het westen naar opkomende markten. Liberty volgt die beweging. Jullie verkochten jullie activiteiten in Frankrijk, Zweden en Noorwegen en investeerden in Oost-Europa. Gaan jullie ook wegtrekken uit de rest van West-Europa, misschien met hier en daar een uitzondering?

O'Neill: 'Neen. In de laatste 12 tot 18 maanden herschikten we onze portefeuille van belangen. We verkochten voor ongeveer 2,5 miljard dollar aan activa maar kochten voor een bedrag van 4 miljard dollar. We besloten ons terug te trekken uit die markten waar we onvoldoende kritische massa hadden of waarvan we vonden dat de concurrentiële situatie er fundamenteel niet goed zit. In Noorwegen en Zweden bijvoorbeeld waren we het nummer drie en vier en zouden we aanzienlijk veel moeten geïnvesteerd hebben om aan de top te geraken. In Frankrijk speelde de fusie van Canal+ en satellietbedrijf TPS een rol. Zij controleren de voornaamste inhoudrechten in het Franse landschap en als kabelspelers waren we bezorgd over de toegang op lange termijn tot sleutelprogramma's. Dat zien wij als een structureel zwakke plek in die markt die ons deed besluiten om te verkopen.

Daar staat Zwitserland tegenover, waar we Cablecom overnamen. Dat is een markt die vergelijkbaar is met België en Nederland: een hoge kabelpenetratie, erg weinig concurrentie van satellieten, zeer gunstige demografische aspecten en goede groeivooruitzichten voor breedband en telefonie.

Oost-Europa is echt een regio waarop we gesteld zijn. We zijn er nu aanwezig in zes landen en mogelijk trekken we verder naar het oosten. We kijken naar dossiers in Kroatië en Bulgarije, maar door hun omvang zullen die markten nooit zo groot zijn als die in West-Europa. De groei is er hoog, maar het risico wordt groter naarmate je verder naar het oosten trekt. Optimaal voor ons is de combinatie van grote, mature West-Europese markten met een sterke cashflow en, aan het andere eind van het spectrum, markten in Oost-Europa waar de groei maar ook de investeringen hoog zijn. Dat is naar onze mening een goede mix voor onze aandeelhouders.'

Als ik dat allemaal hoor, zie ik geen redenen waarom jullie zouden wegtrekken uit België?

O'Neill: 'Er zijn ook geen redenen waarom we zouden weggaan uit België. Of Nederland. Na de overname van onze Nederlandse sectorgenoten Casema en Multikabel aan durfkapitaalverschaffers kregen we voortdurend de vraag of wij ook zouden verkopen. Ik kan natuurlijk nooit zeggen dat dat nooit ofte nooit zal gebeuren, want er is een theoretische prijs waartegen ik onze aandeelhouders een slechte dienst zou bewijzen indien ik het niet zou doen. Voor ons is Nederland absoluut een kernonderdeel van Liberty in Europa. We zitten voor de lange termijn in de Nederlandse markt. Tegenover België hebben we dezelfde houding. Ook hier zijn we voor de lange termijn.'

Kan u 'lange termijn' kwantificeren?

O'Neill: 'Dat kan ik niet.'

Kijken jullie ook naar overnamedossiers in West-Europa?

O'Neill: 'Een aantal kabelbedrijven in West-Europa, bijvoorbeeld in Duitsland, Nederland en Zuid-Europa, zijn in handen van private equity-groepen. We gaan ons daar opportunistisch opstellen en ernaar kijken indien er zich mogelijkheden voordoen. Maar tegelijk gaan we discipline aan de dag leggen. Dat is een cliché maar we handelen er ook naar. In Nederland, een ongelooflijk belangrijke markt voor ons, lijfden we Casema en Multikabel niet in omdat de prijzen voor ons te hoog lagen en geen waarde zouden creëren voor onze aandeelhouders.'

Over overnames gesproken, vindt u niet dat Telenet agressiever zou moeten zijn op dat vlak? In Wallonië bood Telenet niet de hoogste prijs. Indien dat wel het geval was, had het misschien gewonnen.

O'Neill: 'Je kan daar altijd over speculeren. Maar we steunden in de raad de waardering voor de Waalse kabelbedrijven die ons voorgelegd werd en we steunden het management op dat vlak.'

Is het geen probleem voor de groei van Telenet dat er zo weinig overnamemogelijkheden over zijn in België?

O'Neill: 'Telenet moet geen overnametransactie doen om een erg succesvol bedrijf te zijn. 'Triple play', het gezamenlijk aanbieden van televisie, telefonie en breedband, wacht nog een enorme groei. Dus de organische opportuniteiten goed aanpakken gaat Telenet veel groei opleveren. Je mag ook niet vergeten dat Telenet pas UPC Belgium overnam, wat goede synergie en een goed rendement zal opleveren.'

Bert BROENS

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Tijd Connect