Le Pain Quotidien groeit als kool

Ex-bankier Vincent Herbert, de gedelegeerd bestuurder van Le Pain Quotidien. ©Clement, Rene

Brooklyn in april, Brazilië in mei en later wellicht Boston en San Francisco. De winkelopeningen van Le Pain Quotidien volgen elkaar snel op. Dit jaar zijn 26 nieuwe winkels gepland. Ondertussen volgen de financiële resultaten die stijgende lijn: 2011 was een recordjaar.

Le Pain Quotidien opende zijn eerste bakkerijwinkel in 1990 in de Brusselse Dansaertstraat. 22 jaar later is de keten met de herkenbare houten gastentafel uitgegroeid tot een wereldspeler die actief is in zo’n 15  landen. Een Belgische successtory  volgens talrijke waarnemers. ‘We spelen voortaan mee op het internationale toneel’, zegt gedelegeerd bestuurder Vincent Herbert in een gesprek met De Tijd. ‘Ik hoop dat Le Pain Quotidien een voorbeeld kan zijn voor andere Belgische bedrijven.’

Het tijdperk met slechts enkele Brusselse winkels ligt ondertussen ver achter de rug. Eind vorig jaar stond de teller op 157. En eind dit jaar zouden het er 183 moeten worden, waarvan de helft in eigen beheer en de rest via franchise. 'We hebben net een opening  in de Meatpacking-wijk in New York achter de rug, net naast de grote Apple Store daar. En volgende maand openen we een eerste winkel in Brazilië. Parijs loopt als een trein, net als Londen en New York. Ondertussen overwegen we ook openingen in Boston en San Francisco’, vertelt Herbert tussen twee reizen in.

Cash

Le Pain Quotidien financiert die groei grotendeels via de cash die het bedrijf genereert en - onderstreept Herbert - met de hulp van KBC, de enige bank met wie het bedrijf wil samenwerken omwille van hun langetermijnrelatie. 'We zouden sneller kunnen groeien, maar dat zou bijkomende (externe, red.) middelen vergen en we willen op een verantwoorde manier groter worden.' Zo hoeft het aantal winkels jaarlijks niet met meer dan 20 procent te groeien.

Om de schuldgraad van het bedrijf terug te brengen tot een gezond peil - dat bovendien investeringen toelaat - stemden de aandeelhouders van de topholding PQ Licensing begin dit jaar in met een omzetting van ongeveer 9 miljoen euro leningen in kapitaal. 'Dat brengt onze schuldgraad terug naar 1,5 keer de operationele kasstroom (ebitda), een comfortabel niveau', aldus Herbert.

De grootste aandeelhouder van PQ Licensing is D’Light Holding (28%), een vennootschap van het duo Tony Vandewalle/Bart Van Vooren dat jarenlang instond voor de distributie van het merk O’Neill in België. De families Josi (17%) en Vaxelaire (16%) zitten ook mee aan tafel evenals Emiel Lathouwers (ex-AS Adventure, 16%), topman Vincent Herbert (13%), het durffonds Prentice Capital (7%) en oprichter Alain Coumont (3%).

300 miljoen

De financiële resultaten volgen ondertussen de stijgende lijn van het aantal winkels. Vorig jaar klokte de omzet af op 273 miljoen dollar (207 miljoen euro), een vijfde meer dan het jaar ervoor.  De inkomsten groeiden in alle landen waar de keten aanwezig is. De doelstelling voor dit jaar is de kaap van 300 miljoen dollar inkomsten te halen.

De operationele kasstroom vertegenwoordigde vorig jaar 11 procent van de omzet of 30 miljoen dollar (de topholding PQ Licensing is in België gevestigd, maar heeft zijn hoofdkantoor in New York, waardoor de resultaten in dollar gegeven worden). 'In 2010 bedroeg de operationele marge maar 9 procent. Binnen drie jaar moet dat 14 à 15 procent zijn', aldus Herbert.

Op de lange termijn stelt Le Pain Quotidien een jaarlijkse omzetgroei van 25 procent in het vooruitzicht. ‘De jongste zes jaar hebben we dat zonder problemen gehaald. Ik denk dat we dat cijfer de volgende jaren ook probleemloos moeten kunnen overtreffen.'

Lees verder

Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud