Kosten zonnepanelen stijgen tot 100 miljoen

©Bas Beentjes/Hollandse Hoogte

Vlaamse gezinnen en bedrijven hebben de jongste tijd massaal geïnvesteerd in fotovoltaïsche panelen. Daardoor explodeert de steun die de netbeheerders daarvoor uittrekken. Vorig jaar liep de factuur op tot 45,6 miljoen euro. Dit jaar verwacht de Vlaamse energieregulator Vreg dat het bedrag meer dan verdubbelt tot ruim 100 miljoen euro. Dat bedrag wordt integraal doorgerekend aan de verbruikers.

(tijd) -Wie zonnepanelen plaatst, krijgt in Vlaanderen een financieel duwtje in de rug dankzij de groenestroomcertificaten. Zo’n certificaat krijg je voor elke 1.000 kilowattuur productie en is op de markt iets meer dan 100 euro waard.

Maar de netbedrijven zijn verplicht die certificaten op te kopen tegen een gemiddelde prijs van 350 euro om investeringen aan te moedigen. Vorig jaar was dat zelfs 450 euro. De netbeheerder verkopen de certificaten vervolgens op de markt en nemen het verlies op als kosten in de tarieven.

Met het succes stegen ook de kosten. Dit jaar verwacht de Vreg dat de groenestroomcertificatenkosten oplopen tot een tiende van de kosten van het netbeheer. ‘We wijzen er wel op dat dit niet 10 procent van de totale elektriciteitsfactuur is’, relativeert Vreg-directeur André Pictoel. Maar hij voegt er meteen aan toe dat de kosten ‘goed in het oog moeten worden gehouden’.

West-Vlaanderen en Limburg tellen de meeste zonnepanelen. Dat betekende tot voor kort dat inwoners uit die regio meer bijbetaalden dan elders in Vlaanderen.

Maar door een onlangs goedgekeurd solidariteitsmechanisme worden de kosten tussen de regio’s nu genivelleerd. Zo betaalden klanten uit de regio van de intercommunales IMEA (Antwerpen) en Imewo (Gent) miljoenen voor de vele zonnepanelen in het werkgebied van de intercommunales Inter-Energa (Limburg) en Infrax West (West-Vlaanderen).

Advertentie
Advertentie
Advertentie

Gesponsorde inhoud

Gesponsorde inhoud